9


Fotograaf Robert Capa, D-Day, 6 juni 1944.


Welkom op de website van Hans Schoots, onafhankelijk onderzoeker en schrijver over nieuwste geschiedenis, cultuur en samenleving.

mail: hschoots@wxs.nl

Zie ook Publicatielijst en check out Hans Schoots op Academia.edu

Laatste update 23 november 2020

_________________________



BLOG AMERIKAANSE PRESIDENTSVERKIEZINGEN 2020
Van december 2018 t/m 21 november 2020 heb ik hier een blog bijgehouden over de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Alleen de entrees van de afgelopen weken staan er nu nog. Wat voorafging, 157 pagina's in PDF, is via de volgende link te lezen of te downloaden:

COMPLETE USA-BLOG IN PDF

De komende dagen zal ook alles van na 6-11-2020 worden toegevoegd aan deze PDF.

Bronnenoverzicht


TOT BESLUIT
21-11-2020 – De nasleep van de presidentsverkiezingen van 3 november is nog niet voorbij, maar zal ondanks grotere of kleinere incidenten de loop van de geschiedenis niet echt meer veranderen: Joe Biden wordt bij leven en welzijn op 20 januari 2021 president van de Verenigde Staten. De grootste vraag is nog hoe de verkiezing van twee senatoren in Georgia op 5 januari afloopt. Die wordt bepalend voor wie de meerderheid in de Senaat krijgt. Worden beide senatoren Democraten, dan is het in de Senaat fifty-fifty en geeft vicepresident Kamala Harris de doorslag wanneer de stemmen staken.

Er zullen de komende jaren nog vele dingen in de Amerikaanse politiek gebeuren die ook voor ons van groot belang zijn, maar het is nu een goed moment om mijn blog over de Amerikaanse presidentsverkiezingen 2020 te beëindigen.

Het was een mooi avontuur, die bijna twee jaren. Ook al was het grotendeels vanachter een Nederlands beeldscherm. Mijn eerste (en naar later door corona bleek enige) verkiezingstrip naar de overkant van de oceaan ging naar South Carolina, in de verwachting dat daar in de voorverkiezingen beslist zou worden wie de Democratische presidentskandidaat werd. En in de overtuiging dat dit Biden zou zijn. Het is precies zo verlopen. Na zijn overwinning in wat de Palmetto State heet, is Bidens leidende positie binnen zijn partij nooit meer bedreigd geweest.

Deels noodgedwongen kwam ik erachter dat er enorm veel kanalen bestaan om ook vanuit Nederland dicht bij het Amerikaanse nieuws te komen. Er is echt wel wat meer dan de Washington Post en de New York Times voor wie beter op de hoogte wil zijn. Zo wordt alles wat politici van ook maar enig belang te berde brengen in extenso gefilmd en ongeknipt uitgezonden op videokanaal C-span. Wat zich ook in het Congres voordoet, het staat in het (internet)blad The Hill. Verschillende andere week- of maandbladen zijn ook erg goed geïnformeerd over wat er in Washington gebeurt. Verder zijn pro-Trump-media onontbeerlijk, bijvoorbeeld Fox News, de Washington Times en National Review.

Dan heb je nog David Weigel, werkzaam voor de Washington Post, maar met al twee jaar zijn eigen onafhankelijke bijna dagelijkse verkiezingsnieuwsbrief The Trailer. Weigel was wat mij betreft de beste verkiezingsjournalist van 2019-2020. Hij staat bekend als de meest op vliegvelden vertoevende reporter van allemaal: omdat hij altijd op weg is naar de plek op de kaart waar op dat moment in die ene county de kiezers een beslissende stem gaan uitbrengen. Weigel weet bijna alles, van de basis af. En vergeet niet de lokale pers. Er zijn nog altijd op vele plekken lokale kranten en radio- en tv-zenders die een stuk dichter bij het nieuws zitten dan de landelijke pers en politici. Vele zijn vanuit Nederland te volgen.

De campagnes voor de Democratische voorverkiezingen gingen al begin 2019 van start, onder meer in de staat Iowa. Buiten de Des Moines Register en de lokale radio en televisie heb je er bijvoorbeeld Iowa Starting Line. Deze website bracht van alle kandidaten (aan Democratische kant werden het er rond de vijfentwintig) in kaart waar ze spraken, berichtten wat ze gezegd hadden en hoe ze werden ontvangen. Als je zulke media volgde, wist je een stuk minder dan David Weigel, maar misschien wel meer dan menige correspondent in Washington. De verrassende winnaar in Iowa werd Pete Buttigieg.

In Iowa dien je als kandidaat elk gehucht te bezoeken, anders lig je eruit. En geen kapsones. Daar zijn al kandidaten afgegaan omdat ze te dure schoenen aan hadden. Wat mij brengt op Kamala Harris. Zij had in een televisiedebat Biden scherp aangevallen, waarna ze sterk steeg in de peilingen. Ook in Iowa meldden zich nieuwe vrijwilligers voor haar.

Maar toen ze vervolgens naar de staat kwam – diverse van haar meetings waren helemaal op televisie of C-span te zien – zag je heel snel dat zij teveel een sjieke stadse dame was om aansluiting te vinden. Ondanks haar onmiskenbare competenties zakte ze vrij snel weer weg. Ik was dan ook niet verbaasd toen professor Kendra Stewart van het College of Charleston mij in haar werkkamer vertelde dat Harris in South Carolina onder de vele zwarte kiezers niet erg populair was. Stewart deed met focusgroepen onderzoek onder deze kiezers, dus ze had het uit de eerste hand. Biden is in dezelfde staat daarentegen razend populair onder Afrikaans-Amerikanen. Wat ik daarover vanuit Charleston in mijn Vrij Nederland-artikel schreef, is behoorlijk representatief gebleken voor heel South Carolina (en de rest van het zuiden van de VS).

Vanaf het begin is, op basis van wat ik waarnam, mijn beeld geweest dat de Democratische kiezers in meerderheid niet op een te linkse kandidaat zaten te wachten. En zo'n kandidaat dus ook Trump niet kon verslaan. Er was wel een zeer actieve linkervleugel, en Bernie Sanders en Elizabeth Warren hadden hun momenten, maar ik blijf ervan overtuigd dat zij slechts een minderheid van de kiezers konden winnen. Ze vertegenwoordigen ook een minderheid binnen de Democratische Partij. De linkervleugel heeft verschillende eigen tijdschriften en heeft, net als tegenwoordig elke politieke richting in de VS, haar eigen spelonken op het discussieplatform Reddit.

Intussen kon ik me aanvankelijk ook slecht voorstellen dat kiezers een oudere als Biden, Sanders of Warren – ook al 71 – wilden. Ik verwachtte toen nog dat het Kamala Harris zou worden. Toch waren de drie oudjes de best scorende Democratische kandidaten en vanaf South Carolina, eind februari 2020, was duidelijk dat het Biden werd. Ik ben zo vrij er toch nog even over op te scheppen dat ik op deze blog al in januari 2020 de verwachting heb uitgesproken dat Biden Democratisch presidentskandidaat zou worden en ook van Trump zou winnen.

Een thema in mijn blog waar ik ook nogal tevreden over ben, maar anderen juist niet, is die van het geweld tijdens bepaalde demonstraties tegen racisme en politiegeweld. Trefwoorden: Portland, Seattle, Kenosha. Tevens weer plaatsen met lokale media.

Maandenlang was er op deze blog wel, maar in de (andere) Nederlandse media vrijwel niemand die zich kritisch uitsprak over bijvoorbeeld de al evenveel maanden lange gewelddadige belegering in Portland van een rechtbank, een politiebureau en een kantoor van de politievakbond. Op dat moment waren de demonstranten nog heilig.

De Amerikaanse politiebonden waren toen opvallend genoeg Democratisch georiënteerd. Het belangrijke nieuwsfeit dat deze bonden, die zich eerder openlijk voor Biden hadden uitgesproken, die steun introkken naar aanleiding van het tegen hen gerichte geweld, heb ik in de Nederlandse pers gemist. Zulke feiten pasten niet bij het beeld dat politiemensen nu eenmaal schurken waren. Tenzij ik me zwaar vergis, is het nieuws over de koerswijziging van de politiebonden in Nederland alleen op deze blog gemeld.

Wat later in de tijd zat Marieke de Vries (NOS) met haar reportage uit Kenosha wel bovenop het geweld van links en rechts.

Een paar maanden geleden heb ik naar de Amerikaanse gewoonte een van de kandidaten 'endorsed', mij achter hem/haar gesteld, hoe weinig belang dat verder ook had. Achter Joe Biden dus.

Anders dan vele anderen zie ik Joe Biden niet als een soort zwaktebod, alleen nuttig om Trump weg te krijgen. Ik zie hem als een politicus met grote verdiensten, die als van nature het lofwaardige tegendeel vormt van het extremisme van rechts en links. En die bovendien in staat is om, voor zover mogelijk, op een verstandige manier om te gaan met de extremistische realiteiten van de samenleving waarin hij president wordt. 'Moet worden,' had ik bijna geschreven. Hij is iemand die nu eens weigert tientallen miljoenen medeburgers voor rotte vis uit te schelden omdat ze niet onmiddellijk voldoen aan de diverse ongeremde emoties, dogmatische eisen en lakmoesproeven die op rechts en op links wet zijn.

Biden is een mooi voorbeeld van iemand die weet dat politiek ook een vak is. Geleid door maatschappelijke normen en waarden, maar in de wetenschap dat een rigide visie op de samenleving bij uitvoering altijd weer tot rivieren van bloed leidt. Overdreven? We komen nog maar net uit de duistere eeuw waarin de diverse drammerige ideologieën gezamenlijk ver over de honderd miljoen doden hebben veroorzaakt.

Zonder visie gaat het niet, maar een politicus die denkt de bestaande menselijke werkelijkheid te kunnen negeren en van bovenaf een abstract idee aan de samenleving te kunnen opleggen, brengt geen vooruitgang, maar veroorzaakt schade en is zelf oorzaak van achteruitgang.

Enfin, deze observaties naar aanleiding van Joe Biden…

Voor ik afsluit heb ik een leestip, niet over Amerika, maar over filosofie en politiek. Iedereen in ons land die meent zich politiek te moeten uiten, zou wat mij betreft het boek Politicide: De moord op de politiek in de Franse filosofie van Luuk van Middelaar moeten lezen.

In mijn eigen woorden komt het hierop neer: van eind jaren dertig tot eind jaren tachtig van de vorige eeuw hebben de grote spraakmakende intellectuelen van Parijs de misvatting verbreid dat hun filosofische gespeculeer de leidraad voor de politiek moest zijn, en dat concrete kennis van de werkelijkheid en inzicht in de mogelijkheden om die praktisch ten goede te veranderen niet belangrijk waren.

Deze denkwijze is door hele generaties van studenten, aankomende politici en mensen in de media overgenomen en heeft, schrijft Middelaar met recht, grote schade toegebracht aan de Franse samenleving. En wie denkt dat dit probleem zich alleen in Frankrijk voordoet, zit er ver naast.

In 2019 en voorjaar 2020 had deze blog dagelijks rond de 200 lezers. Daarna liep het snel op naar rond de 300, en in november waren er dagen dat tegen de 500 lezers mijn blog lazen.

Niet in de laatste plaats dank ik dan ook alle lezers van mijn blog voor hun interesse. En tegen een aantal van hen zeg ik: We'll meet again!



Het hoofdgebouw van College of Charleston (foto hs).




REPORTAGE UIT CHARLESTON, SOUTH CAROLINA
26-2-2020 -
De toekomst van Joe Biden als Democratisch presidentskandidaat hangt af van zijn resultaat in South Carolina. Waarom deze staat zo belangrijk is in de voorverkiezingen, leest u in mijn reportage uit Charleston voor Vrij Nederland: lees verder...


OVER DE DEMOCRATIE IN AMERIKA
14-11-2020 – Hoewel er hier en daar met angst en beven vooruit werd gekeken naar verkiezingsdag 3 november, gebeurde er op die dag bijna niets uitzonderlijks. In Washington waren winkels dichtgetimmerd voor het geval er rellen zouden uitbreken, en de leiding van de Republikeinse Partij verhuisde om dezelfde reden tijdelijk weg uit Washingtons stadscentrum. Maar er waren geen rellen die het noemen waard zijn, er waren geen plunderingen en niemand taalde naar het Republikeinse hoofdkwartier.

Er was ook weinig heisa rond stembureaus. Er waren bijna 150 miljoen zeer gemotiveerde kiezers, maar er klonk nauwelijks een wanklank. In Philadelphia en nog een paar steden riepen de aanhangers van Joe Biden en Donald Trump elkaar van een eindje verwensingen toe, met de politie er tussenin om alles in goede banen te leiden. De Proud Boys en Antifa zullen vast hun best hebben gedaan om stennis te maken, maar ze wisten niet tot het nieuws door te dringen. Ze vertegenwoordigen ook bijna niemand.

Hier en daar was een onbevoegde die een stembureau wilde komen controleren, anderen meenden onregelmatigheden te zien. Alle klachten komen voor de rechter die er uitspraak over zal doen. Een vermoedelijk niet geringe harde kern van Trumps aanhangers, aan de basis en in Washington, zal erbij blijven dat er grootschalige fraude heeft plaatsgevonden. Men wil het geloven en of daar nu aanwijzingen voor zijn of niet, doet er al bijna niet meer toe.

De rest van de Republikeinen zal zich neerleggen bij wat de rechters zeggen. Naar verwachting zal de rechterlijke conclusie zijn dat er geen fraude van enige omvang is geweest. Maar het is essentieel voor de democratie dat dit ook daadwerkelijk wordt vastgesteld. En als er toch iets kwalijks wordt geconstateerd, moet het om diezelfde reden tot de bodem worden uitgezocht.

De vele berichten en beschouwingen in alleen al de Nederlandse media over een mogelijke 'coup' of een rechtse 'revolutie' doen nogal opgefokt aan. Een stuk erover stond bij de Volkskrant in de rubriek 'Best gelezen' een hele dag op nummer 1. Het is wel zeker dat Donald Trump en een aantal bondgenoten dwars zullen blijven doen tot 20 januari aan toe. Ze gaan niet meewerken aan een machtsoverdracht. Jammer dan. Op 20 januari zit Biden gewoon in het Witte Huis. De onheilswaarschuwingen lijken mij vooral repetities van wat er voor 3 november werd geschreven.

Interessanter dan al deze opwinding is dan ook wat Biden gaat doen. Hij is druk bezig met de transitie: samenstellen van voorbereidingsteams op diverse gebieden die gaan uitmonden in beleidsvoornemens, de benoeming van de Witte Huisstaf, van ministers en van hoge ambtenaren.

Daar zijn nu al enkele belangwekkende dingen over te zeggen, zoals blijkt uit onder meer twee artikelen in het Democratisch georiënteerde blad Politico (12-11-2020), dat wel vaker over inside informatie beschikt.

Het team dat zich voor Biden met 'Wall Street' gaat bezighouden, bestaat uit mensen die een reputatie hebben op te houden in het tegengaan van de uitwassen van het geldkapitalisme. In bijna de hele Westerse wereld is het laissez-faire-kapitalisme weer op de terugtocht en ook in de VS kan meer regulering worden verwacht. Mooi zo.

Biden is ook bezig met zijn team voor Defensie, een terrein waarop traditioneel de samenwerking tussen Democraten en Republikeinen het sterkst is. Zelfs Trump waagde zich in zijn eerste jaar aan een partijloze defensieminister, Jim Mattis, en wees de eveneens partijloze Herbert McMaster aan als Nationaal Veiligheidsadviseur. Lang duurde het niet: Trump omringde zich algauw met uitsluitend Republikeinen die zich onvoorwaardelijk aan hem overgaven en anders de laan uit vlogen. Trouw aan de president kwam voor de verdediging van het land.

Op dit moment is Biden voor de transitie in overleg met voormalige stafleden van Mattis, zo bericht Politico. Het is niet zo waarschijnlijk dat Mattis defensieminister zal worden – er zijn enkele voorspelde Democratische kandidaten – maar de knowhow van zijn staf, en t.z.t. van hemzelf, kan nog belangrijk worden. Te midden van de huidige schermutselingen tussen Republikeinen en Democraten, maar ook omdat de Verenigde Staten nog steeds de grootste wereldmacht zijn, met alle bekende risico's van dien, maar ook met de bijbehorende verantwoordelijkheden, van Litouwen tot de Zuid-Chinese Zee.

Tenslotte nog mijn eigen voorspelling: Bernie Sanders wordt minister van Arbeid.


OOK VOLGENS RCP WINT BIDEN PENNSYLVANIA

12-11-2020 - Volgens RealClearPolitics wint Joe Biden de staat Pennsylvania (20 kiesmannen). Diverse media hadden Bidens winst in die staat al eerder voorspeld, maar zij gebruikten daarbij veel meer dan RCP zogeheten projecties. Die kunnen er bij erg kleine verschillen alsnog naast zitten. Met meer dan 99 procent van de stemmen in Pennsylvania geteld, heeft Biden ruim 53.000 stemmen meer dan Donald Trump. Alaska gaat naar Trump (3 kiesmannen), waardoor de RCP-score nu staat op 279 voor Biden en 217 voor Trump.

Drie staten zijn nog open. In Georgia eindigt Biden voorlopig met 14.000 stemmen meer, maar de staat heeft besloten tot een hertelling.

In North Carolina staat Trump nadat 97 procent is gesteld voor met 73.000 stemmen. Die staat gaat zo goed als zeker naar Trump.

In Arizona spant het er nog steeds om, hoewel Bidens overwinning daar afgelopen weekeinde al is uitgeroepen door een aantal televisienetwerken. Na 99 procent van de stemmen geteld ligt Biden er nu 11.000 stemmen voor. RCP vindt het niet genoeg om hem daar tot winnaar uit te roepen.

Aanvulling 13-11-2020: RCP heeft nu ook Arizona (11 kiesmannen) en Georgia (16)(dit behoudens hertelling) toegeschreven aan Joe Biden. Voor North Carolina (15) heeft het Donald Trump als winnaar uitgeroepen. De voorlopige eindstand is nu: Biden 306, Trump 232.


THIJS KLEINPASTE ZET DE ZAKEN OP HUN KOP
10-11-2020 – Thijs Kleinpaste is een promovendus aan de Georgetown University in Washington DC die dezer dagen een opiniestuk heeft in NRC Handelsblad (8-11). Voormalig CDA-politica Mirjam Sterk was dit weekeinde toevallig op de radio vanuit hetzelfde Washington. Zij woont daar momenteel en noemde de stad een grote Democratische bubbel. Meer dan negentig procent stemt er dan ook Democraten. Zou ik ook doen wanneer ik Amerikaan was, zoals de lezers van mijn blog weten. Maar, zoals ook bekend, wel met kanttekeningen. De kop boven Kleinpastes artikel luidt: 'Democraten zijn juist wel de partij van de arbeider.'

Maar dan gaat het mis. Hij heeft een volledig omgekeerd beeld van waar de discussie die hij bedoelt over gaat.

Over de tegenstanders schrijft hij: 'De stelling luidt, kort en goed, dat de Democraten door zich toe te leggen op progressieve 'bijzaken' die afleiden van de bekommernis om sociaaleconomische kernvragen ('Het is klasse, niet identiteit!') kiezers die op grond van hun economische belang gemobiliseerd zouden kunnen worden zijn afgehaakt.'

In de vakbonden zullen vast mensen bestaan die het zo bekijken, maar de kwestie waar het echt om gaat is een hele andere.

Een aanzienlijk deel van de arbeiders heeft anno 2020 opnieuw op Donald Trump gestemd, ook in arbeidersstaten als Ohio, Michigan, Pennsylvania en West Viriginia. Daarbij spelen economische zaken een rol, zoals de ondergang van hun industrie, mede door concurrentie uit het buitenland. Dit onderwerp heeft Trump, net als niet te vergeten Bernie Sanders, tot campagnethema gemaakt. Tegenwoordig denken de Democraten er ongeveer net zo over als zij. Bovendien ben je bij de Democraten beter uit wanneer het om minimumloon, ziekteverzekering en vakorganisatie gaat.

Hoewel Trump tot aan corona wel werkgelegenheid heeft geschapen, was het minder dan zijn kiezers mochten verwachten. Van de grote (en dringende) infrastructurele projecten die Trump in 2016 beloofde, met honderdduizenden of zelfs miljoenen banen, heeft hij niets terecht gebracht. Ondanks het feit dat de Democraten bereid waren hem op dit punt te steunen in het Congres. Die infrastructurele investeringen zullen er eerder komen onder Joe Biden.

Maar de vraag die Kleinpaste had moeten stellen is: waarom stemmen zovelen, onder wie veel arbeiders, op Trump hoewel hun economische belangen bij de Democraten veiliger zijn?

Dan is het antwoord: omdat ze naast economische kwesties andere zaken juist geen bijzaak vinden, maar minstens zo belangrijk of belangrijker. Alleen: hoe?

Het is niet helemaal toevallig dat ik mijn blog in december 2018 ben begonnen met een rapport van het naar links leunende onderzoeksinstituut More in Common (van Britse oorsprong). Ze enqueteerden 8000 Amerikanen, waarbij onder meer bleek dat 80 procent de politiek correcte cultuur afwijst. Onder zwarte Amerikanen (75 procent) en Hispanics (87) verschilde het percentage nauwelijks van dat onder witte Amerikanen (79). Ook van de verklaarde Democraten vond 61 procent deze cultuur een serieus maatschappelijk probleem.

Misschien is het een van de verklaringen voor het feit dat er in 2020 percentueel meer Hispanics op Trump hebben gestemd dan in 2016. Wie weet willen ze politiek nu eens niet primair op hun etniciteit worden afgerekend. Een absurditeit was eind vorige week de verklaring van Maxine Waters, een Californisch lid van het Huis van Afgevaardigden. Zij is zelf Afrikaans-Amerikaans en deelde mee dat ze geen enkele zwarte kiezer ooit zal vergeven die op Trump heeft gestemd.

Voor arbeiders, noch voor anderen, zijn de door Kleinpaste veronderstelde bijzaken secundair. Het zijn juist hoofdzaken. Alleen kunnen zij zich niet vinden in de eenzijdige opvattingen erover bij een deel van de Democratische Partij. In de exit polls in de industriestaten noemden Trumpstemmers in 2016 als eerste reden voor hun keuze: immigratie. Het feit erkennen is de eerste stap naar een oplossing.

Deze kiezers willen net als iedereen erkenning en waardering als mens, niet als economisch wezen.

Dat Trump de indruk wist te wekken dat hij dit begreep, en hun onvrede aanvoelde, in plaats van minachtend te spreken over 'deplorables' in 'fly-over staten' was genoeg om hun stem te krijgen.


ADVOCAAT VAN DE EH...
8-11-2020, 13u NL-tijd – Mijn bewondering voor de website RealClearPolitics groeit. Temidden van alle stormen houden ze hun eigen koers. Voor iedereen die zich met Amerikaanse politiek bezig houdt, is 'RCP' een begrip. Het is een verzamelplaats van artikelen uit vele media van alle richtingen, er staat een dagelijks geactualiseerd overzicht van alle peilingen op en nu zijn de laatste uitslagen van de presidentsverkiezingen van 3 november er te vinden. Net als die van de verkiezingen van 3 november voor de Senaat, het Huis van Afgevaardigden en een aantal gouverneurs van de staten.

Wat is er op dit moment bijzonder aan RCP? Dat het meer dan een halve dag na de meeste televisienetwerken, van CNN tot en met Fox News, nog steeds geen uitspraak doet over wie de presidentsverkiezingen wint. Op RCP heeft Joe Biden 259 kiesmannen en Donald Trump heeft er 214.

Waarom deze terughoudendheid? RCP richt zich meer dan anderen naar de eindcijfers en naar beslissingen over de uitslagen die door de staten zelf zijn genomen. Zo heeft het geen winnaar uitgeroepen voor Arizona, Alaska, Georgia, North Carolina en Pennsylvania.

Verdere motieven hiervoor zijn lastig te achterhalen. Maar er zijn enkele overwegingen te bedenken. De belangrijkste: het Hooggerechtshof heeft Pennsylvania opdracht gegeven de stemmen die na 3 november zijn binnengekomen apart te houden met het oog op een (mogelijke) zaak hierover. Je kunt dus redeneren dat er pas een uitslag is wanneer over die zaak uitspraak is gedaan.

Het is wel zo dat het Hooggerechtshof in zulke kwesties vrijwel altijd terug verwijst naar de wetgeving en de rechters binnen de betreffende staat zelf, dus heel, heel waarschijnlijk blijft de huidige voorlopige uitslag van Pennsylvania overeind, maar toch.

De staat Georgia heeft tot hertelling besloten, zodat ook de uitslag daar als niet vaststaand kan worden gezien.

Alaska (3 kiesmannen) gaat zeker naar Trump, North Carolina (15) waarschijnlijk. In Arizona (11) staat Biden voor, maar er is volgens RCP geen definitieve zekerheid.

Laten we vervolgens even advocaat van de eh… spelen. Hoe theoretisch en onwaarschijnlijk het ook mag zijn, wanneer alles anders valt dan nu gedacht, kan het er zo uitzien: Alaska (3), North Carolina (15), Georgia (16) en Pennsylvania (20) gaan naar Trump. Dan staat hij op 266 kiesmannen. Vier tekort. Biden heeft in deze redenering pas gewonnen wanneer Arizona definitief naar hem gaat. Dan komt hij op precies 270 kiesmannen.

Hierover verder wanneer RCP nieuwe uitslagen bekend heeft gemaakt.


BIDEN WINT – OOK VOLGENS FOX NEWS

7-11-2020 – Associated Press constateert dat Joe Biden niet meer kan worden ingehaald in Nevada en Pennsylvania, zodat Biden nu ruim boven de vereiste 270 kiesmannen uitkomt. Ook het Republikeins gezinde Fox News sluit zich bij deze conclusie aan. Biden beschouwt zich nu dan ook als 'president-elect', zoals de officiële titel luidt tot de inauguratie in januari 2021.

Intussen wint Donald Trump met zekerheid Alaska (3 kiesmannen) en hoogstwaarschijnlijk North Carolina (15). Trump heeft van zijn kant verklaard dat hij Bidens verkiezing niet aanvaardt en met alle juridische middelen tegemoet zal treden. De kans dat de president hiermee iets aan de uitkomst zal kunnen veranderen is niet groot.

Hertellingen lopen gewoonlijk uit op verschillen van een paar honderd stemmen. Toen Trump in 2016 de staat Wisconsin won, werd er een hertelling aangevraagd door de 'derde' kandidaat, die van de marginale Green Party. Op ongeveer 2,8 miljoen stemmen was het verschil tussen de eerste en tweede telling zegge en schrijve 131. Even belangrijk: er is tot op heden nog in geen enkele staat een aanwijzing, niet in een Republikeins geleide en niet in een Democratisch geleide staat, dat de daar geldende wettige procedure niet is gevolgd.

Biden en vicepresident-elect Kamala Harris staan voor een immense taak, met de coronapandemie nog steeds razend, een wankele economie en een enorme verdeeldheid in het land. Maar zoals ik eergisteren al schreef: als er iemand in staat is in de huidige omstandigheden president van alle Amerikanen te zijn, is het Joe Biden.

Naar het zich laat aanzien zullen de Republikeinen een kleine meerderheid in de Senaat behouden. We mogen verwachten dat president Biden waar mogelijk met de Republikeinen zal samenwerken om dingen gedaan te krijgen. Of dat lukt is natuurlijk een tweede. Maar gisteren al verklaarde de Republikeinse senator Lindsey Graham, een van Trumps trouwste bondgenoten, dat hij met Biden zou samenwerken als die won en al heel lang een uitstekende relatie met hem had.

De Democratische fractie in het Huis van Afgevaardigden heeft donderdag een interne – vermoedelijk virtuele – 'familiebijeenkomst' gehouden, waarvan The Hill een uitgebreid verslag kon publiceren. De sfeer was er bedrukt. In het Huis hebben gewaardeerde Democraten zetels verloren. In de Senaat was op een meerderheid gehoopt, maar kunnen ze er nu in het allergunstigste geval twee zetels bij winnen (in januari in Georgia) waardoor beide partijen in de Senaat gelijk zouden komen te staan.

De overheersende opvatting tijdens de discussie in de Huis-fractie was dat het verlies aan zetels daar vooral kwam doordat de Republikeinen hun gematigde tegenstanders niettemin de vanaf links gepromoote leus 'Defund the police' hadden weten op te plakken of als 'socialist' wisten voor te stellen.

Tenslotte mag ik even zelf tevreden zijn. Ik heb in januari van dit jaar – nog voor de Democratische voorverkiezingen – in deze blog als mijn overtuiging uitgesproken, en ben daar ook bij gebleven, dat Joe Biden de meeste kans had om de voorverkiezingen in eigen partij te winnen en vervolgens ook om de nieuwe president te worden. In spraakmakend Nederland waren er maar weinig die er ook zo over dachten.


Joe Biden (foto Greg Nash)


NEE, VOORAL GEEN OPTIMISME!
5 en 6-11-2020 – Op het moment van schrijven is er nog geen uitslag van de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Joe Biden maakt nu de grotere kans, maar ook Donald Trump kan nog winnen. Hoe dan ook blijft staan wat ik gisteren onder 'Gedachten voorafgaand...' schreef.

Als er iemand in staat kan zijn president van alle Amerikanen te worden, is het Joe Biden. Vooral wanneer de Democraten zich er meer in gaan verdiepen hoe ze die andere helft van de bevolking tegemoet zullen treden. Om het scherp te stellen: hoe ze zich opnieuw kunnen verbinden met een van de grote achtergestelde minderheden van het land. Achtergesteld in economisch, maar ook in breder maatschappelijk opzicht.

Woensdagochtend heb ik Bidens verbindende eigenschappen op NPO Radio 1 door meer dan één spreker horen verklaren uit zijn gebreken, niet uit zijn verdiensten.

De term 'visieloosheid' viel, verder diverse aanduidingen die samengevat op karakterloosheid neerkomen. Wat mij hier vooral zorgen aan baart is de mate waarin het extreme discours al normaal is geworden: het midden is visieloos en karakterloos. Een omkering van waarden: de radicalen en extremisten aan beide zijden kunnen nuttig zijn om gebreken in de maatschappij te signaleren, maar worden een risico zodra ze de samenleving echt willen gaan leiden. Als het erop aankomt is het in een democratie het midden dat het werk doet. Biden is zijn hele leven al een zogeheten centrist in het Democratische kamp. Ik noem dat geen karakterloosheid, maar een verdienstelijke principevastheid.

De nauwelijks verholen afkeer of oordelende onverschilligheid ten aanzien van Biden is bij aardig wat mensen in Nederlands medialand echt opvallend. Biden wil een sterk verbeterde ziekteverzekering, een minimumloon van 15 dollar, uitgebreide milieuwetgeving, enzovoort. En is om wat te noemen al decennia lang sterk verbonden met de zwarte gemeenschap (in plaats van sinds afgelopen zomer...) en met de benarde arbeiders en de vakbonden. Maar Hilversum blijft er teleurgesteld over dat hij niet (nog) meer structurele verandering wil.

Dat het de Amerikanen zijn, die zulke structurele omwentelingen niet willen, weigert men eenvoudig ter kennis te nemen.

'De' Amerikanen, dat is in dit geval vrijwel de hele Republikeinse kant en dat is een duidelijke meerderheid van de Democratische aanhang. Dit laatste blijkt al sinds de campagnes voor de Democratische voorverkiezingen begin 2019 zijn begonnen. In deze blog zijn ze indertijd van nabij gevolgd.

Wat we ons ook moeten realiseren: de opkomst bij de presidentsverkiezingen van 3 november was de grootste in ruim een eeuw, maar dat kwam niet alleen door Democratische kiezers. Ook Trump heeft nu niet minder, maar aanzienlijk meer stemmen gekregen dan in 2016.

We worden her en der alvast gewaarschuwd voor teveel optimisme over een eventuele president Biden. Binnen de VS zelf zijn er inderdaad praktische redenen voor niet al te grootse verwachtingen: de Republikeinen houden vrijwel zeker de meerderheid in de Senaat, terwijl de Democratische meerderheid in het Huis van Afgevaardigden er niet groter op wordt.

Meer armslag heeft een president in de internationale politiek, dus ook Biden. Maar verwacht er niet teveel van ten aanzien van Europa, is nu al de waarschuwing van de Bidensceptici.

Inderdaad komt ons continent ook voor Biden niet op de eerste plaats, wat logisch is, aangezien Europa ook niet het belangrijkste ís in de internationale verhoudingen. Behalve voor ons.

Vreemd is daarom de alvast geuite zorg dat ook Biden aan Europese landen de afgesproken bijdrage aan de NAVO zal vragen. Vreemd, omdat de enige reden daarvoor is dat de Europese landen zich niet gewoon uit zichzelf aan hun verplichtingen houden!

[Aanvulling: het woord bijdrage blijkt tot verwarring te leiden. Het gaat om investeringen die landen doen in hun eigen defensie.]

Die NAVO-verplichtingen zijn er al sinds 1949. In de naoorlogse wederopbouwperiode zijn ze grotendeels vervallen, omdat het continent op apegapen lag. Amerika betaalde. Maar ook daarna is er al een halve eeuw waarin die bijdragen in het Europese eigenbelang zijn. Na de Koude Oorlog zijn ze overigens drastisch verlaagd. Dat Trump er op zijn manier op heeft gehamerd dat Europa eigen verantwoordelijkheden heeft, was een onmiskenbare verdienste.

De Europese combinatie van onmacht en onwil op defensiegebied is hardnekkig. In de jaren negentig moesten de Amerikanen nog een doorslaggevende rol spelen in het beëindigen van onze Balkanoorlog en toen enkele Europese landen zich in 2011 vanuit de lucht mengden in de burgeroorlog in Libië, een relatief eenvoudige onderneming, deden ze dat alleen nadat Barack Obama militaire steun op de achtergrond had beloofd.

Nee, vooral niet teveel optimisme. Stel je voor. Maar of dezer dagen Trump of Biden president wordt, maakt voor ons in Europa wel degelijk een wereld van verschil.


TRUMP v. BIDEN: GEDACHTEN VOORAFGAAND AAN DE DEFINITIEVE UITSLAG

4-11-2020, 10.30u NL-tijd - Donald Trump wint of het is kantje boord. Hoe de uitslag van de presidentsverkiezingen straks ook in detail uitvalt, er zijn mijns inziens nu al een paar conclusies te trekken over de maatschappelijke macht die Trump bijna per ongeluk vertegenwoordigt. Het is niet de massa die Trump volgt, maar veel meer een beweging die er al is, waarvan Trump de tijdelijke leider is. Dat er in de VS allang een richting is op de (radicaal) rechtse vleugel van de Republikeinse Partij, is geen nieuws. Die was er al voor Trump ten tonele verscheen.

Maar veel duidelijker dan voorheen is gisteren en vandaag gebleken hoe sterk, stabiel en blijvend die richting is. De vraag rijst nu of de Democratische nederlaag in 2016 wel aan Hillary Clinton heeft gelegen, of dat ook een ideale Democratische kandidaat tegen een enorme tegenwind was aangelopen. Velen in staten als Michigan, Pennsylvania, Wisconsin, keren zich af van veel meer dan Hillary.

We moeten ook Trump meer als een passant gaan zien, van wie de aanhang aanwezig blijft lang nadat hij is verdwenen. Wat is het karakter van deze rechtse beweging? Het is een vergissing te denken dat er twee varianten van zijn, een rechtse en een linkse. Trump heeft economische kwesties aan de orde gesteld zoals verlies van werk aan het buitenland, waar een deel van links zich zo bij kan aansluiten. Maar dat is niet de kern van de zaak.

Een veel sterkere en blijvende onderstroom lijkt mij de cultuurstrijd, de plaats in de samenleving van een groter deel van de bevolking dan men wenst te zien. Daar zijn al boeken over volgeschreven (Arlie Russell Hochschild, J.D. Vance, David Goodhart, et cetera). Reden waarom de linkervleugel van de Democratische Partij allesbehalve een alternatief is voor de meer gematigde Democraten waar Joe Biden toe behoort. Radicaal links wordt in die cultuurstrijd juist als de tegenpool gezien. Deels terecht.

De eerste vraag voor de Democratische Partij is na 4 november 2020 dan ook niet wat Joe Biden eventueel fout heeft gedaan, of wie het beter had gekund – misschien wel niemand – maar hoe er met het aanzienlijke deel van de bevolking wordt omgegaan dat (bijna?) twee keer Trump aan de macht wist te brengen, en daarna ook een andere voorbijganger zal vinden. Mensen van wie de Democraten vroeger meer dan nu de belangen verdedigden - en dat zijn niet alleen materiële belangen.


VERKIEZINGSNACHT


In de nacht van 3 op 4 november zijn op deze blog vanaf 00.45u de uitslagen te volgen, voorzien van mijn commentaar.

Scroll naar beneden voor het uitslagenoverzicht in aantal kiesmannen

PAUZE

7.45u NL-tijd: Er zijn nu nog zeven staten onzeker: Arizona, Georgia, Michigan, Nevada, North Carolina, Pennsylvania en Wisconsin. Enkele zullen spoedig een uitslag hebben, bij andere kan het langer duren. Het is razend spannend. Beide kandidaten kunnen nog altijd winnen, maar ik geef Trump een wat grotere kans. Bij enkele staten lijkt Biden flink achter te lopen. Dat kan zo blijven, of wellicht komt het doordat de stemmen van 3 november (meer Republikeinen) eerst worden geteld en pas daarna die van eerdere dagen (meer Democraten).

6.50u NL-tijd: Tot nu toe ziet het er niet naar uit dat de Democraten een meerderheid in de Senaat weten te veroveren. Van de 26 betwiste zetels hebben ze er vooralsnog slechts een extra gewonnen, waar een winst van een zetel voor de Republikeinen tegenover staat, zodat de stand gelijk blijft. Er volgen wel nog meer senaatsuitslagen.

6.35u NL-tijd: Texas gaat naar Trump.

6.25u NL-tijd: Iowa gaat naar Trump, Minnesota gaat naar Biden.

6.15u NL-tijd: Ook de Republikeinen hebben een senaatszetel overgenomen. In Alabama versloeg Republikein Tommy Tuberville de zittende Democratische senator Doug Jones.

5.55u NL-tijd: Ohio gaat naar Trump met 53,4 tegen 45,2 procent.

5.15u NL-tijd: Stembureaus zijn om 5u dichtgegaan in California, Idaho, Oregon, Washington. Nog later: Alaska, Hawaii en enkele eilandengroepen in de Pacific.

5.10u NL-tijd. Trump wint Florida (51,3 tegen 47,8) en waarschijnlijk ook North Carolina (bij 98 procent geteld is de verhouding 50,1 tegen 48,7. New Hampshire gaat naar Biden.

4.25u NL-tijd: Er wordt overal nijver geteld, maar de tussenstanden hier opsommen laat ik achterwege: die cijfers fluctueren teveel. Hopelijk spoedig meer nieuws.

4.00u NL-tijd: Stembureaus dicht in twijfelstaten Iowa en Nevada. Verder in Montana, Utah.

3.40u NL-tijd: Van vele staten zijn de voorlopige uitslagen nu bekend, maar van de omstreden staten en de twijfelgevallen niet, al zijn de stembureaus er al even gesloten.

Het wachten is op omstreden staten Arizona, Florida, Michigan, Minnesota, Pennsylvania en Wisconsin.

Verder op de twijfelgevallen Georgia, Maine, New Hampshire, North Carolina, Ohio en Texas. In enkele andere wordt nog gestemd. Het belangrijkste moet nog komen!

3.20u NL-tijd: Met 94 procent van de stemmen geteld is de stand in Florida: Trump 51,2, Biden 47,9. Hele grote kans dat Florida naar Trump gaat. Een grote klapper, al kan Biden ook zonder Florida winnen.

3.15u NL-tijd: Associated Press verklaart dat de Democraten de meerderheid behouden in het Huis van Afgevaardigden. Ze krijgen er 5 zetels bij.

3.05u NL-tijd: De eerste wisseling van de wacht in de Senaat: Democraat John Hickenlooper verslaat zittend Republikeins senator Cory Gardner in Colorado.

3.00u NL-tijd: Stembureaus sluiten in de omstreden staten Arizona, Michigan, Minnesota, Texas en Wisconsin, ook in twijfelstaat Colorado en in Kansas, Louisiana, Nebraska, New Mexico, New York, North Dakota, South Dakota en Wyoming.

2.45u NL-tijd: Minder geslaagd was de verklaring van Nancy Pelosi op verkiezingsdag. De Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden stelde dat de benoeming van Amy Coney Barrett ‘íllegitiem' was. Ze werd geciteerd in The Hill. Een uitspraak die vermoedelijk bedoeld was om de laatste vrouwen uit de suburbs nog naar de stembus te krijgen. Maar waar is het niet. De benoeming van Barrett was volgens alle regels, ook als dat niet leuk is. Pelosi's verwijt dat Barrett vragen van de Senaat niet heeft beantwoord, houdt evenmin stand: Barrett heeft, zoals het hoort, niet geantwoord op vragen die in de toekomst mogelijk aan het Hooggerechtshof worden voorgelegd.

2.30u NL-tijd: Stembureaus dicht in Arkansas.

2.20u NL-tijd: Een oude en gewaardeerde bekende voor degenen die de Democratische voorverkiezingen hebben gevolgd. Senator Cory Booker is herkozen in New Jersey.

2.10u NL-tijd: De leiding van de Republikeinse Partij, de Republican National Committee, heeft zijn hoofdkwartier voor de verkiezingsnacht verplaatst van een overheidsgebouw in Washington DC naar een onbekende plaats. Als argument wordt gegeven mogelijke onrust in de stad naar aanleiding van de verkiezingsuitslagen. Winkels zijn dichtgetimmerd en er is meer politie op straat dan normaal. Dit aldus Fox News.

2.00u NL-tijd: Stembureaus sluiten in de omstreden staten Florida en Pennsylvania, in twijfelstaat New Hampshire, en in Alabama, Connecticut, Delaware, Illinois, Maine, Massachusetts, Maryland, Mississippi, Missouri, New Jersey, Oklahoma, Rhode Island, Tennessee, Washington DC.

1.30u NL-tijd: stembureaus dicht in de twijfelstaten North Carolina en Ohio, en verder in West Virginia. North Carolina heeft al verklaard langer nodig te hebben voor het tellen dan verwacht.

1.25u NL-tijd: Volgens de Associated Press ‘projectie' gaat Virginia naar Joe Biden. Is 50 jaar een Republikeinse staat geweest.

1.00u NL-tijd: Op dit moment sluiten de laatste stembussen in de twijfelstaat Georgia en verder in Indiana, Kentucky, South Carolina en Vermont. Het wachten is op voorlopige einduitslagen.

TIP: De Verenigde Staten zijn een democratie, dus noch Donald Trump, noch Joe Biden bepaalt wie er gewonnen heeft. Wie wel? De staten. Zie meer op deze blog onder: 'TECHNISCHE GEGEVENS' OVER 3 NOVEMBER.

00.35u NL-tijd: Dag lezers, we zijn er…


UITSLAGEN IN ALLE STATEN

Aanduidingen:
(tussen haakjes: het aantal kiesmannen)
(vet) = voorlopige uitslag
vet zonder haakjes = definitieve uitslag.

Stand per 20 november 2020

Wie 270 kiesmannen heeft wint.

Omstreden staten

Arizona (11) Biden
Florida (29) Trump
Michigan (16) Biden
Minnesota (10) Biden
Nebraska 2nd CD (1) Biden
Pennsylvania (20) Biden
Wisconsin (10) Biden (Trump vraagt hertelling)

Twijfelgevallen

Georgia (16) Biden (ook na hertelling)
Iowa (6) Trump
Nevada (6) Biden
New Hampshire (4) Biden
Maine 2nd (1) Trump
North Carolina (15) Trump
Ohio (18) Trump
Texas (38) Trump

De rest staat bij voorbaat zo goed als vast.

Voor Biden (212 kiesmannen):
California (55), Colorado (9), Connecticut (7), Delaware (3), Washington DC (3), Hawaii (4), Illinois (20), Maine (2), Maine 1st CD (1), Maryland (10), Massachusetts (11), New Jersey (14), New Mexico (5), New York (29), Oregon (7), Rhode Island (4), Vermont (3), Virginia (13), Washington (12).

Voor Trump (123 kiesmannen):
Alaska (3), Alabama (9), Arkansas (6), Idaho (4), Indiana (11), Kansas (6), Kentucky (8), Louisiana (8), Mississippi (6), Missouri (10), Montana (3), Nebraska 1st (1), Nebraska 3rd (1), North Dakota (3), Oklahoma (7), South Carolina (9), South Dakota (3), Tennessee (11), Utah (6), West Virginia (5), Wyoming (3).


'TECHNISCHE GEGEVENS' BIJ 3 NOVEMBER
1-11-2020 – Er is op 3 november geen landelijke overheidsorganisatie die de stemmen telt. Het zijn de afzonderlijke staten die ieder hun officiële uitslag bekend maken. De naam Verenigde Staten moet ernstig worden genomen.

In de verkiezingsnacht en daarna zijn het nieuwsorganisaties die alles bij elkaar optellen voor het publiek.

De definitieve afrekening vindt pas later plaats. Eerst komen per staat de eigen kiesmannen bijeen in de eigen hoofdsteden, waar ze hun stem op een presidentskandidaat uitbrengen, op basis van de verkiezingsuitslag van 3 november. Het Congres in Washington telt vervolgens de uitslagen van de kiesmannen bij elkaar op en maakt begin januari het landelijke resultaat bekend.

Het tellen van de stemmen rond 3 november. De procedure is niet in elke staat hetzelfde. In sommige staten mogen vroege stemmen (post en stembureau) pas op 3 november zelf geteld worden, in andere is voordien al geteld zodat er snel een uitslag kan zijn. Helaas mag in enkele van de belangrijkste omstreden staten (Michigan, Pennsylvania, Wisconsin) pas op of kort voor 3 november met tellen worden begonnen. Die uitslagen kunnen dus op zich laten wachten.

In de nacht van 3 op 4 november en later worden de uitslagen uit de staten (en hun vele districten) bekend. Nieuwsorganisaties proberen die zo snel mogelijk openbaar te maken en te duiden. Persbureau Associated Press heeft al heel lang ervaring in het verzamelen van Amerikaanse verkiezingsdata. De andere specialist is Addison Research, een organisatie die werkt voor onder andere de televisienetwerken ABC, CBS, CNN en NBC. Fox News volgt Associated Press.

Niemand durft te voorspellen wanneer er een totaaluitslag is. Als het onverwacht snel gaat, zou op 4 november bekend kunnen zijn wie er president wordt. Maar het kan ook dagen later worden. Of weken, wanneer er juridische meningsverschillen ontstaan.


JOE BIDEN HEEFT NOG NIET GEWONNEN
30-10-2020, 22u NL-tijd – In de Amerikaanse media wordt steeds meer op een overwinning van Joe Biden gerekend. Ook ik ga er hier al langer vanuit dat Biden de grootste kans op de winst heeft. Dat blijft zo. Maar de grootste kans is nog geen garantie voor een overwinning.

De afgelopen zes weken heb ik op basis van de op dat moment bekende cijfers (RealClearPolitics-gemiddelden) wekelijks de uitslag in aantal kiesmannen geschat. De winnaar heeft 270 kiesmannen nodig. Mijn cijfers waren achtereenvolgens: Biden wint met 278, 278, 278, 278, 307, 288, 278 kiesmannen. Ook vandaag kom ik uit op 278.* Een stabiel, maar ook klein en kwetsbaar overwicht.

Bij vele staten is de uitslag al zeker of zo goed als zeker. Waar het om draait is de interpretatie van de cijfers over de staten die omstreden of twijfelachtig zijn. Die staten volgen hier, met erachter het gemiddelde van de peilingen t/m vandaag.

Voorsprong voor Biden van meer dan 3,5 procent (de foutmarge) in:

Michigan (6,5 procent), Minnesota (4,7), Nevada (4,0), New Hampshire (ca. 9), Pennsylvania (4,3), Wisconsin (6,4).

Wanneer Biden naast de zekere staten ook deze staten wint, heeft hij 278 kiesmannen.

Trump en Biden staan gelijk of binnen de foutmarge in:

Arizona (precies gelijk), Florida (Biden 1,2 voor), Georgia (Biden 0,4 voor), Iowa (Biden 1,0 voor), North Carolina (Biden 1,2 voor), Ohio (precies gelijk), Texas (Trump 2,3 voor).

Biden heeft hier dus hele magere cijfers. Die van Trump zijn slechter, inderdaad. Maar mijn deels intuïtieve inschatting is dat van deze staten de meeste of zelfs alle uiteindelijk toch naar Trump gaan. Daar zijn drie argumenten voor: wie twijfelt zal toch maar voor het vertrouwde bestaande kiezen; een staat die traditioneel Republikeins is blijft bij twijfel Republikeins; ook wanneer slechts een kleine groep van Trumpstemmers zwijgt over zijn voorkeur (m.n. tegenover onderzoekers) kan dit in sommige staten net genoeg zijn voor Trump.

*Voor bijna alle staten geldt: winner takes all. Maar de staten Nebraska en Maine hebben een 'split vote', wat inhoudt dat ze hun stemmen eventueel over beide kandidaten verdelen. Ik heb ze hierboven buiten beschouwing gelaten, maar het betekent dat Biden zo bovenop de 278 nog wat kiesmannen krijgt, zodat hij op 280 tot 283 komt.


Ook in Fenway Park, het stadion van de Boston Red Sox, wordt vroeg gestemd (foto Tony Luong/ESPN)
.
.
.
.

De entrees voor de USA-blog die vanaf eind 2018 op deze plaats hebben gestaan, zijn verplaatst naar de PDF 'Complete USA-blog in PDF'. Zie de link bovenaan deze pagina.
.
.
.
.
_____________________________________________

2018 en vroeger:


DE PRESIDENT TWITTERDE, DE GENERAALS MAAKTEN BELEID
In zijn eerste jaar als president verliet Donald Trump zich op het gebied van internationale veiligheid nog vooral op relatief onafhankelijke experts. Maar in maart 2018 werd nationaal veiligheidsadviseur Herbert McMaster vervangen door de Republikeinse havik John Bolton en minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson is vervangen door CIA-chef en Tea Party-republikein Mike Pompeo. Voor 2018 om was, waren ook de stafchef van het Witte Huis generaal John Kelly en minister van Defensie James Mattis vertrokken. Hieronder mijn stuk uit 2017 over de toestand in 2017.

24-4-2017/19-9-2017 - Nu de spanningen in de wereld verder toenemen, is eens te meer een prangende vraag wie het in de Verenigde Staten voor het zeggen heeft in militaire zaken. Donald Trumps chief of staff in het Witte Huis is generaal John Kelly, zijn minister van Defensie is generaal James Mattis en een van de gezichtsbepalende figuren is ook generaal H.R. McMaster, de adviseur Nationale Veiligheid.

Op 13 april 2017 werd in Oost-Afghanistan een MOAB gedropt, de 'Mother Of All Bombs', althans de moeder van alle conventionele bommen. 'Typisch Trump,' was de algemene reactie in de Nederlandse en de buitenlandse media, en er werden allerlei speculaties over de bedoelingen van de Amerikaanse president op losgelaten. Een paar dagen later meldden de New York Times en de Washington Post, door weinigen waargenomen, dat de MOAB was gebruikt op bevel van de Amerikaanse bevelhebber in Afghanistan, generaal John Nicholson, en dat de president niet bij de beslissing betrokken was. Waaraan kan worden toegevoegd: en dat ook helemaal niet erg vond.

Trump heeft vanaf het begin van zijn ambtstermijn laten blijken dat hij met name zijn generaals veel eigen ruimte wil geven. Het begon ermee dat hij in een handomdraai van zijn enthousiasme voor waterboarden terugkwam toen minister van Defensie James Mattis zei er tegen te zijn. Trumps argument om van mening te veranderen: de experts weten het beter.

Op 9 mei 2017 maakte de Washington Post bekend dat de militaire en buitenlandadviseurs van het Witte Huis het voortaan aan het Pentagon en de bevelhebbers overlaten hoeveel troepen er in Afghanistan nodig zijn, ook wanneer dat troepenuitbreiding betekent.

In augustus 2017 stond in het onafhankelijke Amerikaanse defensieblad Marine Times een artikel over de waarschuwingen die Donald Trump had gericht aan het adres van Noord-Korea. Het blad schreef: de president dreigt, maar de strijdkrachten weten van niks. Waarna werd uitgelegd dat er nergens specifieke voorbereidingen werden getroffen om die dreigementen ook werkelijk ten uitvoer te brengen.

In de Amerikaanse buitenlandse- en defensiepolitiek bestaan twee werkelijkheden: Donald Trump reageert per twitter heftig op allerlei ontwikkelingen, maar doet dit eigenlijk vooral op persoonlijke titel, en dan is er het beleid, dat daar in veel opzichten los van staat. Soms komen de presidentiele explosies er per ongeluk goed bij van pas, meestal veroorzaken ze alleen maar moeilijkheden.

De verhoudingen tussen de president, zijn adviseurs, het Pentagon, het State Department en de opperbevelhebbers van de strijdkrachten (de 'Joint Chiefs of Staff' van landmacht, luchtmacht, marine en marinierskorps) kregen stap voor stap vorm nadat Trump in februari generaal H.R. McMaster benoemde tot zijn Nationaal Veiligheidsadviseur. Door rechtsradicalen binnen het Witte Huis zoals Steve Bannon werd McMaster algauw als vijand aangewezen. Te begrijpen: een van McMasters eerste maatregelen was Bannon uit de Nationale Veiligheidsraad verwijderen.

H.R. (Herbert) McMaster (1962) heeft een grote staat van dienst als bevelvoerend landmachtofficier in de Irakoorlog, waar hij bekend raakte als een man die met originele ideeën successen op het slagveld boekte en zich niet altijd volgzaam toonde tegenover zijn superieuren. Hij werkte verder op het hoofdkwartier van ISAF in Kabul en terug in de Verenigde Staten hield hij zich in verschillende functies bezig met militaire opleiding, onderzoek en strategieontwikkeling. McMaster is een soort intellectueel in militaire kring.

IHet doel van de stappen die McMaster in het Witte Huis neemt, kunnen we vermoeden door een boek te lezen dat hij al twintig jaar terug schreef: Dereliction of Duty. Lyndon Johnson, Robert McNamara, the Joint Chiefs of Staff, and the Lies that led to Vietnam (1997). Om uit te komen bij McMasters visie op de huidige toestand, is een omweg via dit boek erg verhelderend, omdat niets erop wijst dat hij sindsdien van mening is veranderd. Het laat aan de hand van Vietnam zien hoe het militaire besluitvormingsproces volgens McMaster dient te verlopen, en hoe niet. Het gaat vooral over beslissingsstructuren in Washington en veel minder over miilitaire strategie. (Lees verder na de afbeelding.)


Herbert McMaster is niet erg te spreken over v.l.n.r. Lyndon Johnson, John Kennedy en Robert McNamara.

Het boek Dereliction of Duty (plichtsverzuim) is een bewerking van McMasters proefschrift aan de Universiteit van North Carolina (Chapel Hill) en werd indertijd ook door democratisch georienteerde kranten als de New York Times en de Washington Post positief ontvangen. Op basis van vele primaire bronnen ontrafelt hij in Dereliction of Duty het besluitvormingsproces onder Kennedy en Johnson, van week tot week en soms van uur tot uur. Het boek beslaat de periode van 1960 tot zomer 1965, de beginjaren van de Vietnamoorlog. McMaster schrijft: 'De oorlog in Vietnam werd niet verloren op het slagveld en evenmin op de voorpagina's van de New York Times en de campussen van de universiteiten. Hij werd verloren in Washington D.C., zelfs al voor Amerikanen in 1965 de complete verantwoordelijkheid voor de strijd op zich namen en voor ze beseften dat ze in oorlog waren.' De belangrijkste verantwoordelijken daarvoor waren naar zijn oordeel de presidenten John F. Kennedy en Lyndon B. Johnson, met minister van Defensie Robert McNamara als goede derde. Ook de gezamenlijke opperbevelhebbers waren volgens McMaster medeverantwoordelijk, maar toch vooral in tweede instantie. Ze bleven teveel steken in onderlinge rivaliteit tussen de krijgsmachtonderdelen terwijl ze zich samen hadden moeten verzetten tegen de gang van zaken in het Witte Huis en het Pentagon. De president is weliswaar Commander-in-chief, aldus McMaster, maar de opperbevelhebbers hebben volgens de grondwet ook rechtstreeks verantwoording af te leggen aan het Congres. Dit laatste deden ze niet: ze volgden de wens van president Johnson om het Congres en het publiek zoveel mogelijk in het ongewisse te laten over de werkelijke stand van zaken in Vietnam en onthielden het Congres hun eigen visie op de situatie.

Lyndon Johnson nam na de moord op John Kennedy de bevelsstructuur over zoals die toen in grote lijnen al door zijn voorganger was ingericht. McMaster stelt dat de presidenten en hun naaste burgermedewerkers de militaire experts zoveel mogelijk buiten de deur probeerden te houden. Ze namen de beslissingen op defensiegebied in de Oval Office in overleg met vertrouwelingen, onder wie minister van Defensie McNamara, maar veelal in afwezigheid van de opperbevelhebbers van de strijdkrachten. De door Kennedy tot hoofd van de Chiefs of Staff benoemde Maxwell Taylor – voormalig opperbevelhebber van de landmacht – werd door de bevelhebbers als een stroman van de president beschouwd die de toegang tot het Witte Huis extra blokkeerde. Minister van Defensie McNamara had volgens McMaster ongetwijfeld grote talenten in het leiden van de Ford autofabrieken (zijn vorige baan) maar wist niets van militaire tactiek en strategie. Niet erg, maar McNamara zelf dacht dat hij het juist beter wist dan de professionals. Toen de strijd in Vietnam eenmaal begonnen was, gingen niet te voorziene omstandigheden, zoals acties van de tegenstander, een rol spelen, zegt McMaster, 'maar McNamara zag de oorlog als een gewoon zakelijk managementprobleem dat, naar hij aannam, onderworpen zou worden aan zijn redelijke oordeel en aan de rationele calculaties die anderen voor hem uitvoerden. Hij en zijn assistenten dachten dat ze met grote nauwkeurigheid konden berekenen hoeveel geweld er in Vietnam nodig was om het gewenste resultaat te bereiken en ze dachten dat ze dit geweld met grote precisie konden controleren van het andere einde van de wereld.'

Hierbij moet wel gezegd worden dat McNamara ook zijn verdiensten had: tot heil van de mensheid maakte hij het eerder ontwikkelde idee van de flexible response tot leidraad voor de strategie tegenover de Sovjetunie. Wat overigens een drastische, impopulaire verhoging van het defensiebudget nodig maakte. Op militaire acties van de andere kant zou voortaan proportioneel worden gereageerd en niet volgens de heersende strategie van massive retaliation , die neerkwam op een automatische atoomoorlog na Sovjetagressie. Maar McNamara dacht deze wat rekenkundige benadering ook te kunnen toepassen in Vietnam, waarbij hij ervan uitging dat goed gedoseerde Amerikaanse macht, onder meer via bombardementen op het noorden, Noord-Vietnam en de Vietcong tot toegeven zou dwingen. Wat hij en het Witte Huis niet begrepen, zegt McMaster terecht, was dat Hanoi de strijd hoe dan ook tot het bittere einde zou voeren.

Het cliché dat politici en burgers minder willen en militairen meer, klopt voor Vietnam maar half. De opperbevelhebber van de mariniers David Shoup zei in 1962 nog: 'Raak in geen geval betrokken in een landoorlog in Zuid-Oost Azië.' Op 8 maart 1965 werden de mariniers zoals bekend aan land gestuurd bij het Vietnamese Da Nang. De bevelhebbers vonden vooral: doe het zo dat het militair succes kan hebben, of doe het niet. Hoe dat was, daar waren ze het onderling niet over eens. Volgens McMaster waren er maar twee opties: een overwinning op de grond in Zuid-Vietnam nastreven of er niet aan beginnen. Onderwijl liet president Johnson zich bij zijn beslissingen bovendien sterk leiden door zijn streven voor het Congres en het publiek te verbergen dat er oorlog was. Resultaat was halfslachtigheid. McMaster ergert zich aan de toenmalige politieke leiding, maar zijn algemene conclusies gaan veel verder: politieke leiders geven weliswaar de richting aan, het feitelijke militaire optreden moet veel meer worden bepaald door de expertise van de bevelhebbers van de strijdkrachten. Verder moet de militaire leiding haar opvattingen delen met het Congres, ook wanneer ze niet stroken met die van de president.

Of McMaster gelijk heeft in zijn analyse van de Vietnamoorlog is hier bijzaak. Dereliction of Duty is actueel vanwege zijn grote voorspellende waarde ten aanzien van de beslissingsstructuren zoals ze nu onder zijn invloed in Washington ontstaan. Alles wijst erop dat de huidige adviseur voor Nationale Veiligheid de in zijn boek neergelegde visie op de taakverdeling tussen de president, zijn adviseurs, de betrokken ministers en de opperbevelhebbers vrij exact aan het realiseren is. En de president daar ook mee akkoord gaat. Wanneer Donald Trump op het gebied van defensie – en deels dus ook internationale politiek – overeenkomstig McMasters opvattingen veel overlaat aan de militaire deskundigen, zal dat voor velen een opluchting zijn. Het is een teken dat niet alles afhankelijk is van de grillen van de president en het Amerikaanse systeem nog redelijk functioneert.

Maar toch niet helemaal. Naast militaire deskundigheid blijft er ook nog zoiets bestaan als politieke verantwoordelijkheid. Ooit, in 1950-1951, meende generaal Douglas MacArthur zeker te weten dat China zich niet in de Korea-oorlog zou mengen. In strijd met de richtlijnen uit Washington trok hj op naar de grensrivier Yalu. Maar de Chinezen mengden zich wel in de strijd, waardoor MacArthurs troepen enorme verliezen leden en terug moesten trekken naar de 38ste breedtegraad (nu nog de bestandslijn tussen noord en zuid) Waarop MacArthur vond dat er dan maar atoombommen gegooid moesten worden. Kort daarna werd hij door president Harry Truman ontslagen. Wanneer naast de militaire deskundigheid de politieke verantwoordelijkheid ontbreekt, komen er nieuwe zorgen aan.


50 JAAR 1968: VIETNAMOORLOG


Vietnam 1968: het Tet-offensief en de Ho Chi Minh-route.

PETER ARNETT - LIVE FROM THE BATTLEFIELD
Toen Peter Arnett wereldberoemd werd met live-verslagen van de bombardementen op Bagdad in de Eerste Golfoorlog, was hij al dertig jaar oorlogsverslaggever. De helft van zijn memoires Live from the Battlefield gaan over Vietnam, waar hij van 1962 tot 1975 werkte. Lees verder...

APOCALYPSE NOW: 'HET ULTIEME THEMAPARK'
Francis Ford Coppola's Apocalypse Now blijft een grootse film over het menselijk tekort, maar wie, voor zover via een speelfilm mogelijk, dichter bij de realiteit van de Vietnamoorlog wil komen, kan misschien beter Full Metal Jacket, Platoon of (over het thuisfront)The Deerhunter bekijken. Lees verder...

JORIS IVENS AND VIETNAM: ENTANGLEMENTS AT THE SEVENTEENTH PARALLEL
Filmmakers Joris Ivens and Marceline Loridan hardly knew the backgrounds of the war that was raging at Vietnams seventeenth parallel, but made an influential film about it. Continue...

NAWEEËN VAN DE VIETNAMOORLOG: IVENS' PRISONERS DILEMMA
Over Amerikaanse krijgsgevangenen in Noord-Vietnam. Lees verder... English follows Dutch


'MOSKOU EN PEKING NIET HELEMAAL ONSCHULDIG AAN NOORD-KOREAANSE ATOOMPROEVEN'
3-9-2017/22-9-2017 - Een dag voor de nieuwste (zesde) atoomproef van Noord-Korea, schreef buitenlandredacteur Klaus-Dieter Frankenberger in de Frankfurter Allgemeine een behartenswaardige column onder de titel:

EENZIJDIG APPÈL
'Moskou en Peking zijn niet helemaal onschuldig aan de atoom- en rakettenkoorts van Kim Jong-un. Klaarblijkelijk zijn ze nog steeds bereid een atoommacht Noord-Korea te accepteren.

'Binnen enkele maanden zal Noord-Korea over de capaciteit beschikken lange afstandsraketten met atoomkoppen in te zetten. Daar is de Franse regering van overtuigd. De atomaire dreiging zou daarmee toenemen, ook voor Europa. En wat dan?

'Wat betekent het eigenlijk voor Rusland en China, de twee machten die tot nu toe niet werkelijk hebben gebroken met het regime in Pyongyang? De leiders in Moskou en Peking mogen zich ongemakkelijk voelen bij de atoom- en rakettenkoorts van dictator Kim Jong-un, maar ze zijn er natuurlijk niet helemaal onschuldig aan dat hij kon uitbreken. Daarbij past dat ze hun appèls tot matiging vooral richten aan de Verenigde Staten (en hun bondgenoten).

'Misschien leiden druk en militaire retoriek nergens toe. Maar laten we ons eens voorstellen dat er raketten die met kernkoppen kunnen worden uitgerust over hún landen geschoten zouden zijn. Hoe zouden zij zelf hebben gereageerd?

'Het ziet er nog steeds naar uit dat Rusland en China zonder meer bereid zijn een atoommacht Noord-Korea die over bijpassende raketsystemen beschikt, te accepteren. Tot zover het streven de verspreiding van kernwapens tegen te gaan.'

Tot zover ook Frankenberger. Het is inderdaad opmerkelijk dat uit voornoemde hoofdsteden, maar ook in een deel van de Westerse media, wordt gedaan alsof het logisch is dat vooral de Verenigde Staten en anderen bestraffend worden toegesproken wanneer het om Noord-Korea gaat. (Lees verder na de afbeelding)

Kim Jong-un en zijn voorgangers zijn al ongeveer vier decennia met hun atoomwapenprogramma bezig. Van ene Donald Trump was nog geen sprake. Onder de presidenten George Bush en Barack Obama zijn alle pogingen mislukt om via onderhandelingen, diplomatie en massale humanitaire steun aan Noord-Korea een streep te zetten onder het atoomwapenprogramma van dit land. Ondanks alle Noord-Koreaanse raketlanceringen en bomproeven is er vanuit het Westen en in de internationale gemeenschap terughoudend gereageerd met voor de hand liggende sancties. En Donald Trump roept natuurlijk als gewoonlijk grote woorden in een taal die sommigen de gelegenheid geeft te doen alsof Noord-Korea een soort slachtoffer is.

In werkelijkheid gaat Kim Jong-un al die jaren al doodgewoon door met zijn provocatieve beleid, wat anderen ook doen. Het recente afschieten van raketten over bewoond Japans gebied is geen dreigen meer, het is al een vorm van agressie - waarop nogmaals terughoudend werd gereageerd. Op 14 september 2017 verklaarde Pyongyang daar ook nog bij dat 'de vier eilanden van Japan in de zee moeten worden verzonken door de nucleaire bom van Juche'* en dat de Verenigde Staten moesten 'worden doodgeslagen als een dolle hond' (citaten uit dagblad The Guardian). Intussen is er geen enkele legitieme reden voor Pyongyang om anderen met atoomaanvallen te bedreigen, laat staan zich daar praktisch op voor te bereiden. Noord-Korea wordt door niemand belaagd, het ligt de facto beschermd in de Chinese invloedssfeer en de enige die het op hoge toon over hereniging van Noord- en Zuid-Korea heeft, en zelf nog maar enkele weken geleden zei zich daar militair op voor te bereiden, is het regime in Pyongyang. In dit geval ging het over geheime miltaire elite-eenheden bedoeld om in Zuid-Korea te opereren.

Dat er op gezette tijden grote militaire oefeningen worden gehouden door de Verenigde Staten, Zuid-Korea en Japan, is in dit licht niet zo heel vreemd. Het voorstel van Rusland en China om die oefeningen te staken om zo de Noord-Koreaanse dictator mild te stemmen, is een omkering van zaken. Het roept de vraag op of zij, met Kim Jong-ils atoomwapens als onuitgesproken argument, vooral uit zijn op het versterken van hun eigen strategische positie in Oost-Azie en het verzwakken van die van de Verenigde Staten, Japan en anderen. Poetin heeft op de Krim, in Oekraine en Syrie al laten zien dat hij een meester is in het grijpen van het moment tot meerdere glorie van Rusland.

De pogingen om de verantwoordelijkheid voor wat er rond Noord-Korea gebeurt te verleggen naar de Verenigde Staten lijken er vooral op gericht verdeeldheid in het Westen te zaaien. We doen er verstandig aan daar niet teveel in mee te gaan.

* Juche is de staatsideologie van Noord-Korea, een mengsel van orthodox marxisme-leninisme, leiderscultus en nationaal isolement tot deugd verheven.


MAAR...
De betrekkingen tussen Noord-Korea en China zijn ingewikkeld. Lees verder...


NOORD-KOREA: DE MACHTSTHEORETICI ONTGAAT IETS
15-4-2017 (licht gewijzigd) - Niet ten onrechte vermoedt de Noord-Koreaspecialist en Leids hoogleraar Remco Breuker dat het risico op een confrontatie rond Noord-Korea met de dag groeit. Noord-Korea maakt vorderingen op technologisch gebied waardoor het land op afzienbare termijn niet alleen een atomaire bedreiging voor Zuid-Korea en Japan vormt, maar ook voor de Verenigde Staten. Wanneer Kim Jong-un en de zijnen de capaciteit eenmaal echt in handen hebben, is Los Angeles in last. Vooral omdat de Noord-Koreaanse politiek niet voldoet aan elders gangbare normen.

Hierover wordt door de machtstheoretici iets te licht gedacht. Zij gaan ervan uit dat elk land uiteindelijk zo verstandig is zich te richten naar de reële machtsverhoudingen en de existentiële belangen van land en volk, of desnoods alleen van het regime zelf. Deze denkwijze volstaat bij Noord-Korea niet omdat hij de betekenis van de ideologie en het sektarische denken negeert. Kim Jong-un staat zichzelf toe verderfelijke Westerse films te bekijken die hij zijn onderdanen met ideologische argumenten onthoudt. Overigens een frappante parallel met het gedrag van Jiang Qing, de zelfs voor toenmalige Chinese begrippen radicale echtgenote van Mao Zedong. Toch is er reden ervan uit te gaan dat zulke leiders op zijn minst voor een deel - en met veel fanatisme - geloven in wat ze prediken. Hoe extremistischer, hoe verder hun denkbeelden van de werkelijkheid verwijderd zijn, maar hoe hardnekkiger ze eraan vasthouden. In dit geval gaat het om een combinatie van ouderwets marxisme-leninisme, oude regionale gebruiken, leiderscultus en een giftig mengsel van grootheidswaan en nationaal isolationisme.

In het geval van Noord-Korea behoort bij dit isolationisme de overtuiging dat het land al meer dan een halve eeuw is omsingeld door imperialistische vijanden die het zogeheten socialisme er willen vernietigen. In werkelijkheid ligt Noord-Korea beschermd binnen de Chinese invloedssfeer en heeft niemand behoefte daar verandering in te brengen.

Maar hele of halve gelovigen kunnen vanuit zo'n waandenkbeeld een rigide uitleg geven aan gedachten als: 'Liever staande sterven, dan op de knieën verder leven' of 'Dan liever de lucht in!'. En totalitaire leiders kunnen hun bevolking, al of niet tegen haar zin, meeslepen de ondergang tegemoet.

Een horrorscenario dat niet uitgesloten kan worden, is bijvoorbeeld dat van de zelfdestructie. Denk aan de sekte van de Amerikaan Jim Jones, die in 1978 meer dan 900 sekteleden tot een massale zelfmoord dreef. Noord-Korea is een machtsfactor in Oost-Azië met een heleboel kenmerken die je in een ander land ook ziet. Maar er zal rekening mee moeten worden gehouden dat het tevens veel weg heeft van een sekte die in zijn grillige vijanddenken kan concluderen: dan maar de lucht in, met jullie erbij. Dit soort denken is een van de redenen waarom Beijing maar beperkte invloed heeft op wat Kim Jong-un doet of nalaat, en waardoor de vraag opdoemt wanneer het gevaarlijker wordt niets te doen dan iets te doen. Een duivels dilemma.

Zie ook: Ian Buruma - 'Voor kim Jong-un is vernietiging beter dan overgave.' Lees verder...

Zie ook: Guus Hiddink verslaat Kim Jong-il


SOMMIGE DINGEN HAD HILLARY NET ZO GEDAAN


Minister van Buitenlandse Zaken Clinton in Zuid-Korea

12-8-2017 - Veel wat onder president Donald Trump op militair gebied is gebeurd, zou ook onder president Hillary Clinton ongeveer zo hebben plaatsgevonden. Zoals de raketaanval op Assads vliegveld in Syrië, het intensiveren van de strijd tegen IS, het droppen van de conventionele MOAB ('Mother of All Bombs') in Afghanistan, de (beperkte) uitbreiding van de Amerikaanse troepen in dat land et cetera. Trump is opgeschoven in een richting die Clinton altijd al voorstond en die dichter bij de opvattingen in de leiding van de Amerikaanse krijgsmacht ligt dan de zijne. Of Clinton bereid was geweest Saudie-Arabië een zo waanzinnige hoeveelheid wapens te verkopen is wel een vraag. En het conflict met Noord-Korea zou ze ongetwijfeld heel duidelijk, maar minder geagiteerd hebben aangepakt.


TOMAHAWKS OP SYRIË, MAAR WAT NU VERDER?


USS Porter lanceert een Tomahawk kruisvluchtwapen

7-4-2017 - Op Assads bondgenoten na zullen velen de Amerikaanse aanval van 7 april 2017 op een Syrisch militair vliegveld kunnen billijken. De internationale gemeenschap vindt gifgas gebruiken onaanvaardbaar en die boodschap dringt nu misschien tot Damascus door: wanneer het weer gebeurt, kan Assad rekenen op een nieuwe tegenactie, en dan net even groter dan de zeer terughoudende Amerikaanse actie van vandaag.

Al moeten we wel hopen – wat heet – dat de Amerikanen hun inlichtingen op orde hebben en de weapons of mass destruction inderdaad bij Assad vandaan kwamen.

Maar hoe gaat het nu verder? Het zou niet de eerste keer zijn dat de VS slaapwandelend een avontuur aangaan. Zonder duidelijkheid te hebben over stap twee of drie, of een exit strategie. Donald Trump verzet zich al jaren, voor zijn doen heel consequent, tegen Amerikaanse interventie in andere landen om daar regime change af te dwingen – Irak, Libië, Syrië. Gaat de dynamiek van alledag daar nu alsnog verandering in brengen? Hopelijk niet.

Dat Assad niet deugt is bekend. Maar de alternatieven zijn ook niet bepaald aantrekkelijk. Het bekende lijstje van oppositiegroepen tegen Assad nog maar eens nalopen.

IS: commentaar overbodig.

Andere jihadistische groepen: ook geen verbetering.

Pro-Turkse (jihadistische) groepen: Erdogan in plaats van Assad??

Koerden: de sterkste niet-jihadistische opposanten, maar ambiëren geen hoofdrol in een Syrische nationale regering.

Gematigde c.q. democratische krachten: een minderheid.

Wanneer in de berichtgeving over Syrië van 'de rebellen' wordt gesproken, worden gemakshalve de democraten en degenen die 9/11 toejuichen bij elkaar geveegd, maar de strijd gaat daar niet tussen de good guys van de oppositie en de bad guys van Assad. Er zijn meer bad guys in dat land dan je de bevolking toewenst. Alleen grootschalige buitenlandse interventie zou een einde aan het Assad-regime kunnen maken, maar daar begint niemand aan, alleen al omdat er dan altijd nog een land in conflict zou overblijven waar de orde tien, twintig jaar of nog langer van buitenaf overeind gehouden zou moeten worden. De voormalig Nederlands zaakgelastigde voor Syrie Nicolaos van Dam bepleit daarom al sinds het begin van de burgeroorlog onderhandelingen met Assad. Zie: Nicolaos van Dam, Destroying a Nation. The Civil War in Syria, Londen 2017.

In de mediareacties op de Amerikaanse Tomahawkaanval is sprake van Trumps onberekenbaarheid voor en na. De Volkskrant noemt hem 'triggerhappy'. Ik denk dat deze commentatoren zich in dit geval zwaar misrekenen, dat het besluit tot deze actie in Washington in grote consensus is genomen en allesbehalve een persoonlijke impuls van Trump was. Het is er eerder een bewijs voor dat het Amerikaanse systeem nog werkt.


HET ANDERE AMERIKA
15-1-2017 -Toen Hillary Clinton met een ruime meerderheid van de popular vote de Amerikaanse verkiezingen won, maar ze toch verloor omdat de meerderheden per staat doorslaggevend zijn, was er veel commentaar op het merkwaardige Amerikaanse kiessysteem. De neiging om nu een algemeenheid te laten vallen is moeilijk te bedwingen: niet de ratio maar de geschiedenis is bepalend.

Historicus Gordon S. Wood is een van de belangrijkste kenners van de Amerikaanse revolutie en de vroege Republiek (zeg maar 1760-1820). In zijn boek The idea of America: Reflections on the Birth of the United States* legt hij uit dat het politieke systeem van de Verenigde Staten vanaf het eerste begin is gebaseerd op wantrouwen tegenover Washington (en voor 1800 Philadelphia). Wood is, voor de goede orde, geen Republikein. De tegenstelling tussen de bevolking en Washington en tussen de staten en de federale overheid is er altijd geweest en heeft altijd een soort principieel karakter gehad. Het thema keert al meer dan twee eeuwen terug bij de presidentsverkiezingen, met als meer recente voorbeelden de campagnes van Richard Nixon, Ronald Reagan en Bill Clinton. In dit licht is het Amerikaanse kiessysteem veel minder onlogisch dan het op het eerste gezicht lijkt: de afzonderlijke staten houden vast aan een grote mate van zelfstandigheid en daarin past ook dat zij als staat een standpunt innemen over het presidentschap. Zeker vanuit de huidige Europese verhoudingen, waarin maar weinigen uitkijken naar een federalistische EU-structuur, is dat wel na te volgen.

* Wood's boek is uit 2011 maar is een heruitgave van oudere teksten.


HET WAS OOIT ANDERS IN DE ISLAMITISCHE WERELD
8-12-2016 - Van zekere kant wordt beweerd dat de islam van nature gewelddadig is. Toch kon je nog in de jaren zeventig zonder enig probleem vanuit West-Europa liftend over land naar India reizen, en massa´s jongeren deden dat ook. Ze trokken door Turkije, Syrië, Irak, Iran, Afghanistan en Pakistan. Allemaal overwegend islamitische landen. Het was naar verhouding rustig in het Midden-Oosten, al waren er in 1967 en 1973 wel heftige maar kortdurende confrontaties van Syrie en Egypte met Israel. Een aantal landen in de regio werd geleid door wereldse regeringen en repressie heerste er zeker, maar die was zelden door de islam geïnspireerd en er ook niet primair tegen gericht.


Populair pension voor backpackers in Teheran (afbeelding Hans Roodenburg 1967-1968)

Hetzelfde gold buiten deze route, in Egypte, Tunesië, Algerije en Marokko. Libië was een geval apart, omdat Khadaffi een eigen variant op de islam had bedacht van waaruit hij zogenaamd regeerde, maar daar zag de rest van de islamitische wereld niks in. Dan is er nog het grootste islamitische land ter wereld, Indonesië. Ondanks het feit dat de grote meerderheid van de bevolking er vanouds islamitisch is, heeft de islam zowel in de onafhankelijkheidsstrijd als in staatszaken onder de regeringen van Soekarno en Soeharto alleen zijdelings een rol gespeeld. Van de Tweede Wereldoorlog tot eind jaren zeventig leefde het grootste deel van de islamitische wereld, als het om de religie ging, meestal in vrede.

Dit veranderde toen in 1979 de Sjah van Perzië (Iran) omver werd geworpen. Ayatollah Khomeini slaagde erin de leiding over de omwenteling in handen te krijgen en een nieuw, fundamentalistisch regime te installeren. Iran begon het extremisme te exporteren. Aan het einde van datzelfde jaar viel de Sovjetunie Afghanistan binnen om islamitisch verzet tegen een kort daarvoor gevestigde communistische regering de kop in te drukken. In de jarenlange oorlog die volgde groeide ook daar het moslimfundamentalisme. De Sovjets werden verdreven en de Taliban kwam aan de macht. Door deze gebeurtenissen kreeg een gewelddadige stroming in de islam internationaal de wind mee.

Een bekend argument is ook dat de Koran oproept tot geweld. Dat doet de Bijbel ook. Maar de realiteit is dat de betekenis van religieuze boeken in de loop van de tijd verandert. Tijdens de kruistochten gold vooral Jezus' kreet 'Ik ben het zwaard', nu wil het christendom vooral een leer van liefde zijn. Tijdens de Arabische veroveringsoorlogen in de Middeleeuwen werd er ook van die kant met het zwaard Gods gezwaaid, maar er zijn ook lange perioden geweest waarin de godsdiensten in de islamitische wereld vreedzaam naast elkaar leefden.

Degenen die op zoek gaan naar de meest letterlijke interpretatie van de Bijbel of de Koran om hem zo te bekritiseren, redeneren net als christelijke en islamitische fundamentalisten. Ze denken niet historisch en begrijpen daarom niet dat de gelovigen, de wijzen of de kerk zelf bepalen wat er in hun eigen heilige boeken staat.


HET IS DE ECONOMIE, HILLARY... EN NOG IETS
1-12-2016 - Terug naar het jaar 1991 en het begin van Bill Clintons eerste campagne voor het presidentschap. Clintons aankomende adviseur Stanley Greenberg 'dacht dat Clinton wel eens de Democraat zou kunnen zijn die kon slagen. Door zijn diepgaande betrokkenheid bij de kleine arme staat Arkansas had hij een natuurlijk en direct vermogen om mee te voelen met de man aan de lopende band, op de boerderij of in het koffiehuis, de gewone man die zich zorgen maakte over de economie.' Het is een citaat uit Bob Woodwards boek The Agenda (1994) over de Clintoncampagne.

Zell Miller, een vriend van Clinton en gouverneur van Georgia, zei toen over de Democratische partij: 'Al veel te lang hebben wij bij presidentsverkiezingen de nadruk gelegd op verkeerde dingen. We gingen liever het gevecht aan over sociale vraagstukken dan over economische vraagstukken die het dagelijks leven van Amerikaanse gezinnen bepalen.' Miller drong erop aan dat de partij zich minder zou richten op 'elitaire sociale vraagstukken zoals burgerrechten, gelijke rechten voor homo's, bidden op school, abortus en kunst, en dat zij zich weer zou richten op het “economisch populisme”.'

'Deze zogenaamde “middenklassekwesties” of “kwesties van de-economie-van-de-keukentafel” bepaalden, domineerden en vernietigden zelfs levens van hele gezinnen,' vond Clintons adviseur Paul Begala. 'Een goede baan, je kinderen een universitaire opleiding kunnen meegeven, betaalbare gezondheidszorg en een oude dag met financiële zekerheid, dat waren de dingen waar kiezers zich druk om maakten.' Woodward: 'Het was bijna letterlijk wat Clinton al die tijd al had verkondigd.' Op de nationale conventie van de Democratische Partij aanvaardde Clinton de kandidatuur voor het presidentschap 'in naam van de hardwerkende Amerikanen die onze vergeten middenklasse vormen.'

De absurde haatsfeer van 2016 ontbrak in de eerdere strijd tussen Bill Clinton en George Bush Sr., Clinton stond in 'sociale kwesties' aan de linkerkant en het gaat wat ver zijn campagne populistisch te noemen, maar verder zijn er toch opvallende overeenkomsten tussen zijn benadering, die hem het presidentschap bracht, en die van Donald Trump en Bernie Sanders. En minder tussen die van hem en Hillary.

Daar is wel een reden voor: Hillary Clinton stond meer dan hij voor het lastige probleem hoe in een gepolariseerd land zowel de oude arbeidersklasse als de minderheden en immigranten aan zich te binden die allebei vanouds tot de aanhang van de Democraten behoorden. Dat is maar matig gelukt. In de noordelijke industriestaten die naar Trump gingen, gaven witte (ex-)arbeiders in de exit polls als belangrijkste reden voor hun keuze voor Trump zijn immigratiestandpunt.

(De citaten zijn uit De Clan, de Nederlandse vertaling van Woodwards boek, p. 15-20, 47. Verschenen bij uitgeverij Balans.)


OBAMA'S SYRIË-POLITIEK WAS ZO SLECHT NIET
26-11-2016 - Barack Obama heeft steeds geweigerd grootschalig militair in te grijpen in Syrië. Terecht. De kans dat het er door interventie alleen maar erger op werd was levensgroot, zoals de welbekende ervaringen uit Irak en Libië leerden.

Niet een van de strijdende partijen in de Syrische burgeroorlog lijkt een meerderheid van de bevolking te vertegenwoordigen. De regering van Assad heeft zijn eigen achterban maar kan alleen de overhand krijgen met hulp van de Russen, IS kwam van over de Iraakse grens en steunt grotendeels op buitenlanders, de Koerden strijden tegen wie hun autonomie bedreigt, allerlei moslim-terroristische en fundamentalistische groepjes hebben hun eigen legertjes namens niemand en er is het Vrije Syrische Leger, dat de minderheid van gematigde krachten vertegenwoordigt. Met gematigd wordt dan meestal bedoeld: min of meer werelds en democratisch. Het feit dat in landen als Syrië en Egypte een heel groot deel van de bevolking niet bestaat uit moderne, met een iPhone zwaaiende middenklasse-opstandelingen, maar uit bedaagde conservatieve moslims (die ook iPhones hebben), gaat er bij ons in het Westen nog steeds moeilijk in. Zij zijn in Syrië degenen die de strijd veelal ondergaan en als het kan proberen weg te komen.

De Verenigde Staten en een aantal Europese landen hebben zich vooral verbonden met het Vrije Syrische Leger. Tijdens de zogeheten Arabische Lente van 2011 ontstond even de verwachting dat Assad, net als Khadaffi in Libië en Mubarak in Egypte, gemakkelijk omvergeworpen kon worden. Dat Mubarak het jaar daarop al vervangen zou worden door zijn evenknie Al Sisi was toen nog onbekend. Na de interventie in Libië van 2011 hoopte de gematigde Syrische oppositie op vergelijkbaar westers ingrijpen. Zonder zulke steun was ze niet in staat Assad te verdrijven, dat was al duidelijk voor de Russen intervenieerden. Nu, na ruim vijf jaar burgeroorlog, is IS op de terugtocht, mengen de Koerden zich niet teveel in de strijd tegen Assad, kunnen de jihadisten en de vrije groepen zelfs samen geen doorbraak tegen Assad forceren en is Assad met Russische hulp in het offensief.

De oppositie zegt ook al vijf jaar dat Assad weg moet, maar is dus niet in staat hem weg te krijgen. En om dat laatste gaat het. Hoe verwerpelijk het regime ook is, lege woorden die eisen worden genoemd, helpen niet. Ook het Westen verklaart gewoonlijk dat Assad moet verdwijnen, maar ook dat is grotendeels symboolpolitiek nu het - terecht - niet bereid is massaal militair in te grijpen om een dergelijke regime change af te dwingen.

Anders dan wij in het Westen graag willen, gaat de oorlog in Syrië nauwelijks (meer) over democratie, hij gaat over soennieten versus sjiieten, over de positie van binnenlandse minderheden als Koerden, Alevieten en Christenen, over de onderlinge verhoudingen tussen de grootmachten (waaronder dus Rusland, dat de situatie gebruikt om zijn positie in het Midden-Oosten te versterken, en ook China, dat Assad passief steunt) en over de positie van nabijgelegen landen als Turkije en Iran.

Op dit moment praten de Verenigde Staten en Rusland nauwelijks nog. We moeten hopen dat dit verandert en er alsnog snel een einde aan de Syrische burgeroorlog komt. Anders komt het erop neer dat de burgeroorlog moet 'uitwoeden', zoals onze Nederlandse verslaggevers ter plaatse al maanden geleden op het televisienieuws hebben verklaard. Kan zijn. Maar dan gaan er nog vele doden vallen, blijft een overwinning van gematigde krachten op het slagveld even onwaarschijnlijk en is de kans groot dat Assad met Russische hulp wint.

Er bestaan nog wel enkele andere mogelijkheden. De ene is dat Turkije grootschalig intervenieert in Syrië. Maar een repressieve soennitische islamist als Erdogan lijkt niet echt een aantrekkelijk alternatief voor Assad. De andere is dat de jihadistische oppositiegroepen versterkt worden met ex-IS-ers en Assad alsnog terug weten te dringen. Ook dan zijn we nog verder van huis.

P.S. En de rode lijn dan? Obama heeft verklaard dat hij zijn standpunt over Syrië zou veranderen wanneer Assad een rode lijn over zou gaan: het gebruik van chemische wapens. Toen Assad ze gebruikte greep Obama niet in. Wel leverde Assad onder druk van de internationale gemeenschap en Obama's dreigement (het grootste deel van?) zijn chemische wapens in bij de VN. Ze werden vernietigd op de Middellandse Zee. De gewone burger mag zich laten meeslepen door verontwaardiging, de leider van een grootmacht niet. Soms getuigt het van meer moed zich niet een oorlog in te laten sleuren.


15 JAAR NA 9/11: ESCAPISME MAG
Toen Frans Afman, de bestuursvoorzitter van het Nederlands Filmfestival in Utrecht, acht dagen na 9/11 het festival opende met verwijzing naar 'de strijd voor het behoud van vrijheid en democratie' die Amerika voerde, wekten zijn emoties eigenlijk vooral bevreemding bij de aanwezigen.
Lees verder...


______________________________________________


Alle teksten op deze site © Hans Schoots

Ontwerp en websitebouw: Rob Zeeman, Amsterdam
Redactie en websitebeheer: Hans Schoots

Foto's in de menubalk boven v.l.n.r.: De Newyorkse gangsterbaas Abe Reles doodgeschoten / Architect Mies van der Rohe in Chicago (r.) / Communistenleider Paul de Groot / Hitlers favoriete filmregisseur Leni Riefenstahl