WELKOM OP DE WEBSITE VAN HANS SCHOOTS
onafhankelijk onderzoeker en schrijver


LAATSTE UPDATE ZATERDAG 20
APRIL 2019
Contact: hschoots@wxs.nl

Zie ook Publicatielijst
Check out Hans Schoots op Academia.edu




OP DEZE PAGINA:
2020 Amerikaanse presidentsverkiezingen ... Vietnam ... Koude Oorlog ... Tweede Wereldoorlog ... Spaanse Burgeroorlog ... Moderne kunst en de ideologieën van de Twintigste Eeuw

OP DE NIEUWSPAGINA:
Maoistische memoires ... IM Marceline Loridan-Ivens ... Sixties .
.. Jan Mets ... Stromenland ... Van Fanfare tot Spetters

 

Foto: Tijdens de Tweede Wereldoorlog gaf auteur George Orwell commentaar voor de BBC >


_______________________________________________________

AMERIKAANSE PRESIDENTSVERKIEZINGEN 2020

EEN DOORLOPENDE BLOG VAN NOVEMBER 2018 TOT NOVEMBER 2020

 

NIEUWE POLLS IN DE EERSTE STATEN VAN DE DEMOCRATISCHE VOORVERKIEZINGEN
23-4-2019 - Er zijn nieuwe polls gehouden in Iowa en New Hampshire. Dit zijn de resultaten:
Iowa (Gravis): Biden 19 procent, Sanders 19, Buttigieg 14, Harris 6, Warren 6, O'Rourke 5, Booker 4, Klobuchar 4, rest minder dan 4.
New Hampshire (University of New Hampshire): Sanders 30 procent, Biden 18, Buttigieg 15, Warren 5, Harris 4, O'Rourke 3, Booker 3, rest minder dan 3.
Opvallend is natuurlijk het succes van Pete Buttigieg, oftewel 'mayor Pete'. Dat Sanders ver boven Biden staat in New Hampshire heeft iets te maken met het feit dat Bernie uit buurstaat Vermont komt. Maar ja, Warren komt uit buurstaat Massachussets en heeft daar weinig voordeel van, terwijl Klobuchar uit Iowa's buurstaat Minnesota komt...
Maar het belangrijkste: het gaat hier om staten zonder grote zwarte of hispanic bevolking. In South Carolina, ook vroeg in de voorverkiezingen, zou het weleens anders kunnen liggen.


JOE BIDEN STELT ZICH KANDIDAAT
20-4-2019 - Volgens het gerenommeerde magazine The Atlantic (sinds 1857) is het nu zeker: Joe Biden, vicepresident onder Barack Obama, stelt zich kandidaat voor het presidentschap. De officiele aankondiging zou over enkele dagen plaatsvinden. Grote media als CNN, de Washington Post en de New York Times hebben het nieuws nog niet overgenomen.
De eerste in Nederland die erover bericht is niemand minder dan uw ijverige verslaggever.


IT'S NO LONGER (JUST) THE ECONOMY, STUPID
18-4-2019 - Donald Trump heeft in 2016 onder meer gewonnen door de immigratiekwestie centraal te stellen. 'Take back control', had niet in de laatste plaats te maken met het gevoel dat Amerikanen het niet meer voor het zeggen hadden in hun eigen land. Ze voelen zich, om het met de titel van een beroemd boek van de linkse sociologe Arlie Russell Hochchild te zeggen Strangers in their own land. In de traditioneel Democratische staten met veel witte (ex-)arbeiders, noemden deze laatsten in de exit-polls bij de verkiezingen van 2016 immigratie als de belangrijkste reden om voor Trump te stemmen, niet hun vaak schrijnende armoede, niet hun werkeloosheid.

Radicaal links stelt daar zijn eigen identiteitspolitiek tegenover, die er kort door de bocht op neer komt dat immigratie geen maatschappelijk probleem is, maar een manie van radicaal rechts. Daar staan de gematigde richting in de Democratische Partij (en misschien de meer naar het midden neigende vleugel in de Republikeinse Partij) tegenover, die het er liefst zo weinig mogelijk over willen hebben. Zij mikken op de dagelijkse, vooral economische problemen van Amerikanen uit de lagere en middenklasse. Daar is reden genoeg voor, maar zich daartoe beperken is een nederlagenstrategie. Bill Clintons credo 'It's the economy, stupid' volstond in de jaren negentig van de vorige eeuw, maar nu niet meer. Het midden zal ook op het thema immigratie een duidelijke eigen visie moeten laten horen, tegenover radicaal rechts en net zo goed tegenover radicaal links. Dat geldt voor de Verenigde Staten en ook voor Europa.


GEFELICITEERD BERNIE
14-4-2019 - In 1932 kozen de Amerikanen met een overweldigende meerderheid een miljonair in een rolstoel tot president. Franklin Delano Roosevelt, FDR, leidde het land door de economische crisis van de jaren dertig en door de Tweede Wereldoorlog. Hij werd een van de grootste presidenten uit de historie van de Verenigde Staten. In 2016 kozen de Amerikanen net op het randje een miljardair in het Witte Huis. We zullen zien wat diens plaats in de geschiedenis wordt.

En nu blijkt ook presidentskandidaat Bernie Sanders 'miljonair'. De democratisch socialist die nogal eens tegen 'miljonairs en miljardairs' tekeer is gegaan, zal zich op zijn wereldberoemde hoofd hebben gekrabd toen hij dit nieuws vernam van zijn belastingadviseur. Bernie heeft twee boeken over zijn revolutie geschreven die erg goed zijn verkocht, vandaar. Good for you, Bernie! Niet elke miljonair is een monster. Een commentator van persbureau Bloomberg – goed bekend op Wall Street – liet de kans niet voorbij gaan om te schrijven: 'Gefeliciteerd Bernie.' Denk er een grijns bij. En zei te hopen dat de oude socialist nu wat genuanceerder zou worden.

Een van de biografieën van president Roosevelt (door H.W. Brands) heet Traitor to his class: FDR bewees dat wie geld heeft ook partij kan kiezen voor de armen. Bij Bernie Sanders is er weinig reden om te denken dat hij nu ineens een geldwolf is geworden. Ook het bericht dat hij twee of zelfs drie huizen zou hebben, is politiek niet zo relevant als vooral de Republikeinen graag beweren. Een Amerikaanse senator woont in zijn eigen staat maar kan daarnaast nauwelijks zonder een woning in Washington DC. Senator Bernie Sanders van Vermont woont bijvoorbeeld ongeveer duizend kilometer van zijn werkplek in de hoofdstad.
Verder maakt hij al zijn financiën openbaar, wat glitterkoning Donald Trump na meer dan twee jaar presidentschap nog steeds weigert.


DEMOCRATEN: LAVEREN TUSSEN DE KLIPPEN DOOR
11-4-2019 – Een deel van de Democratische Partij hoopt in de komende presidentsverkiezingen de truc van Donald Trump te herhalen, maar dan niet over rechts, maar over links. Trump lapte immers alle waarschuwingen van de meer gematigden in de Republikeinse Partij aan zijn laars en won met rechts-radicale praatjes. Dat kan links ook, is de gedachte.

Een algemeenheid die we hier tegenover kunnen stellen is dat er ook in de Verenigde Staten een maatschappelijke trend naar rechts is, zodat dit allesbehalve vanzelf spreekt, ook niet voor kiezers die genoeg hebben van Trump.

Maar wat dan wel? De Democraten staan waarlijk voor een hele lastige opgave. Alleen al door het simpele gegeven dat radicale partijleden in de primary's aanzienlijk meer gaan stemmen dan gematigde democraten. Wat het vermoeden wettigt dat zij ook vaker naar de campagnebijeenkomsten van de presidentskandidaten gaan, die hierdoor naar links worden gedreven en minder meekrijgen van wat er leeft bij anderen. Toch gaan die anderen straks bij de presidentsverkiezingen wel degelijk stemmen.

Kandidaten moeten in de primary's wellicht zo ver naar links, dat de uiteindelijke Democratische presidentskandidaat het zal afleggen tegen Trump. Radicaal links is sterk in zich rijk rekenen, figuurlijk en letterlijk. Figuurlijk bijvoorbeeld vanwege de overtuiging dat een meerderheid warm loopt voor een favoriet democratisch streven als 'Medicare for All'. Maar in enquêtes onder de bevolking als geheel loopt die steun uiteen van boven de 70 tot onder de 30 procent, al naar gelang hoe het accent wordt gelegd.

In de meest uitgesproken vorm (Bernie Sanders) gaat het kortgezegd om een ziekenfonds. Iets dat in Europa in allerlei landen gebruikelijk is (of was). Inclusief de hogere belastingen om dit te financieren. In onze contreien zijn de belastingen in een periode van driekwart eeuw gestegen samen met de opbouw van de verzorgingsstaat. In Amerika is dat veel minder gebeurd en is het nog steeds een levend ideaal om helemaal geen belasting te betalen. Hoge belastingen zijn er bij veel Amerikanen taboe, ook in de lagere en middenklasse, en Medicare for All gaat mogelijk ook hun veel geld kosten. Er is nog geen enkele afgeronde berekening (teveel onzekere factoren) over de kosten en de baten. Rijk rekenen gebeurt op de radicale vleugel ook in letterlijke zin, vanwege het overmatige optimisme over de mogelijkheid om belastingen en staatsschuld te laten groeien.

Wat het voor de Democraten verder ingewikkeld maakt om een strategie uit te stippelen, is de diversiteit van de aanhang. Die kan opgeteld een voordeel zijn, maar kan ook gemakkelijk een splijtzwam blijken. Voorbeeld zijn de sinds kort door diverse Democratische kandidaten bepleite reparatiebetalingen aan de verre nazaten van zwarte slaven. Een meerderheid onder Afrikaans-Amerikaanse kiezers is daarvoor. Maar bij het electoraat als geheel is een grote meerderheid tegen. Kandidaten kunnen voor de keuze komen te staan om of zwarte kiezers of andere kiezers te verliezen, terwijl ze beide nodig hebben. Mede doordat ze zulke kwesties zelf zo hoog opspelen, brengen ze zich in een onmogelijke positie.

Verreweg de (ook kwantitatief) beste analyse van de dilemma's waar de Democratische Partij voor staat, is van Thomas B. Edsall en verscheen gisteren in de New York Times. Lees verder…


BIJBEDOELINGEN
3-4-2019 - Lucy Flores, voormalig Democratisch lid van het Huis van Afgevaardigden in de staat Nevada, maakte vorige week in een eigen artikel in New York Magazine bekend dat de mogelijke Democratische presidentskandidaat Joe Biden haar een paar jaar terug te na was gekomen tijdens een politieke manifestatie: hij stond op het podium achter haar, had zijn handen op haar schouders gelegd en haar op haar achterhoofd gekust.

Lucy heeft er natuurlijk groot gelijk in wanneer zij wat zegt wanneer ze van zulk gedoe niet gediend is. En ze had, het moment eenmaal voorbij gegaan, bijvoorbeeld een brief aan haar partijgenoot kunnen sturen om hem er dringend op te wijzen dat hij met zulke dingen moest ophouden. Zo'n benadering was temeer redelijk geweest omdat zelfs veel critici (m/v) van Joe ervan overtuigd zijn dat hij er geen seksuele bedoelingen mee heeft, maar gewoon een (inmiddels voor menigeen irritante) knuffelaar is. Hij geniet er al vele jaren landelijke bekendheid mee. Naast diverse vrouwen die nu met meer van zulke verhalen komen als Lucy Flores, zijn er aardig wat die vergelijkbare ervaringen met Joe Biden hebben, maar melden het geen enkel probleem te hebben gevonden. En in te staan voor zijn integriteit. Niettemin: de tijden zijn veranderd!

Alleen is het geen toeval dat Flores uitgerekend met haar verhaal komt een paar weken voor Biden vermoedelijk in de strijd om het presidentschap stapt. Flores is een bekend aanhanger van Bernie Sanders, die haar (verloren) campagne voor de senaat steunde en geld voor haar ophaalde. Haar klacht is dan ook op de eerste plaats een politieke zet: Biden staat al voor hij meedoet in bijna alle polls boven Sanders, in sommige staan ze gelijk. Dat is natuurlijk niet de bedoeling.

Waarom een, ondanks zijn hebbelijkheden, naar verhouding fatsoenlijk man als Joe Biden er op zijn 76ste nog zin in heeft aan zo'n campagne mee te gaan doen, is een raadsel. De Democratische voorverkiezingen worden een bloedbad, zoveel lijkt nu al duidelijk, wanneer ook de meer radicale kandidaten geen rem zetten op de interne strijd die door hun aanhang bewust wordt aangewakkerd volgens het Tea Party-model.

Ik kom dan ook nu al terug op mijn speculatie van gisteren over wie de verkiezingen gaat winnen. De radicalen in de Democratische Partij hebben er geen besef van hoeveel gewone Amerikanen er genoeg hebben van de rigiditeit van het politiek correcte denken. Dat zijn beslist niet alleen arme witte arbeiders. Sterker zelfs: blijkens een zeer omvangrijk onderzoek is deze afkeer onder diverse minderheden nog groter dan onder witte Amerikanen (zie hieronder bij 2-12-2018).

Wanneer op dat gebied elke ruimte binnen de Democratische Partij door een partijminderheid wordt weggevaagd voor het zelfs maar tot een behoorlijke discussie over de politieke doeleinden van de kandidaten kan komen, moet Donald Trump het wel heel bont maken wil hij in 2020 niet winnen.


DE 2020-LEESCLUB VAN IOWA
2-4-2019 – De Democratische presidentskandidaten voeren lang niet alleen campagne in Iowa. Ook de andere vroege staten in de voorverkiezingen – New Hampshire, South-Carolina, Nevada – volstaan allang niet meer. Een maand na de caucus in Iowa van 3 februari 2020 is het alweer Super Tuesday, de dag waarop niet minder dan 11 staten tegelijk stemmen, waaronder Californië, Texas, Alabama en Virginia. De kandidaten zwermen dan ook nu al uit over vrijwel het hele land. In South-Carolina zijn ze zowat allemaal op campagne en tal van andere staten worden bezocht. Het is alleen al fysiek en mentaal een grote prestatie wanneer je een eind komt in de voorverkiezingen. Wie na bijna twee jaar campagnevoeren uiteindelijk wint en 'president-elect' wordt, is menselijkerwijze toe aan een adempauze van maanden.

Maar toch nog eens terug naar Iowa, waar de verkiezingscultuur zo mooi zichtbaar wordt. Tien maanden voor de caucus hebben zich daar al 550 mensen aangemeld voor de Iowa 2020 Leesclub. Zoals bij ons lezers zich rond de koffie, de thee of de witte wijn gezamenlijk buigen over Tommy Wieringa en Peter Buwalda, zo nemen leesclubs in Iowa alle boeken van presidentskandidaten door. Dat zijn 17 boeken, aangezien alle huidige gegadigden er eentje hebben geschreven.*

Zo publiceerde Cory Booker uit New Jersey United: Thoughts on Finding Commmon Ground and Advancing the Common Good. Kamala Harris kwam met The Truths we Hold: An American Journey. En ga zo maar door. Bernie Sanders heeft vast nog boeken op voorraad uit de campagne van 2016. Ter ontspanning kunnen de lezers uitwijken naar de fantasy Hope Never Dies: An Obama Biden Mystery of het voorleesboek Revolution Road: A Bernie Bed-time Story.

*Bij het cijfer 17 ga ik uit van iedereen die publiekelijk eenduidig heeft verklaart zich kandidaat te stellen. Dat er dan over een paar weken nog een formele aankondiging voor de media op de agenda staat, is geen maatstaf. Joe Biden zit niet in deze 17.


WIE WORDT HET? #1
2-4-2019 – Elke voorspelling over wie er in 2020 tot president wordt gekozen is een slag in de lucht, maar in de glazen bol kijken is nu eenmaal een leuk spelletje. Hier volgt dan ook mijn eerste voorspelling over wie de Democratische kandidaat wordt en wie president van de Verenigde Staten.

Hoewel mijn grootste sympathie uitgaat naar Amy Klobuchar, gok ik op Kamala Harris. Amy gaat het denk ik niet redden, ondanks het feit dat zij tot de weinige gematigden behoort, meer wetten door de Senaat heeft gekregen dan wie ook, op basis van haar verdiensten razend populair is in haar thuisstaat Minnesota en zich ook in haar campagne in Iowa het vuur uit de sloffen loopt om mensen met praktische problemen te helpen. Wanner het om 'kitchen-table gesprekken'over alledaagse problemen gaat, is Amy je...vrouw. Zij krijgt dingen gedaan. Maar het ontbreekt haar aan een grotere visie. Ze kampt met 'the vision-thing' zoals George Bush Sr. het noemde. Die vermaledijde vraag van de kiezers naar een toekomstvisie die hij niet had.

Kamala Harris, van half Jamaicaanse, half Indiase afkomst, is een vroege vijftiger met een sterke staat van dienst in Californië en de Senaat. Ze staat symbool voor de grotere diversiteit in de Democratische Partij, heeft charme, maar straalt ook krachtdadigheid uit en lijkt de gematigde en de radicale vleugel van de Democraten te kunnen verzoenen.

Daarbij heeft ze een geheim wapen. Tot chagrijn van een deel van de linkervleugel van haar partij was ze als openbaar aanklager 'tough on crime', ook in de zwarte wijken van de Californische steden. Wie denkt dat dit haar zwakke plek is, vergist zich, en het is voor haar campagne te hopen dat zij dat ook zelf inziet. Ik denk dat ze minder radicaal is dan ze zich nu binnen de Democratische Partij profileert, en dat geeft hoop. Zwarten zijn de belangrijkste slachtoffers van criminaliteit en al was niet alles goed wat ze op dat gebied heeft gedaan, ze heeft in ieder geval gepoogd iets in beweging te krijgen. Samen met haar programma voor sociale verbetering kan haar krachtige optreden zonder aanzien des persoons haar juist vertrouwen en stemmen opleveren, van zwarte kiezers, witte kiezers en andere minderheden.

President wordt: Kamala Harris. Al blijft de kans vrij groot dat het gewoon weer Trump wordt.


EEN VROUW ALS VICEPRESIDENT?


Een van de meest populaire Democratische presidentskandidaten is Kamala Harris (foto AP)

26-3-2019 - In de Democratische Partij slagen ze er altijd weer in een zelfdestructief conflictpunt in eigen gelederen te creëren. Zo werd afgelopen weken aan een aantal mannelijke presidentskandidaten op campagne nogal indringend de vraag gesteld of zij, mochten ze de Democratische voorverkiezingen winnen, een vrouw als vicepresidentskandidaat zouden aanwijzen. Verschillende hopefuls werden meteen zenuwachtig en beloofden grif, of nog net niet helemaal maar wel bijna, dat ze voor een vrouw zouden kiezen. Ze zagen niet aankomen dat dit een valkuil was: wie aarzelde was al ongeveer een seksist, maar wie ja zei was nog erger. Wat dachten ze wel niet: dat ze zomaar konden bepalen of er een vrouw onder hen mocht werken? De meegaandheid van sommige kandidaten roept de vraag op of ze stevig genoeg in hun schoenen staan voor het Witte Huis.

Het enige juiste antwoord was immers dat de uiteindelijke Democratische presidentskandidaat – wanneer die er eenmaal is in de zomer van 2020 – tegen die tijd diegene tot 'running mate' zal kiezen, die het beste kan helpen bij het verslaan van Donald Trump. Daarbij spelen tal van factoren een rol, zoals de vraag of zo iemand uit een staat komt die de doorslag kan geven, een bepaalde bevolkingsgroep voor zich kan winnen, meer vrouwen zal overhalen, et cetera. Wie het meest geschikt is, blijkt pas veel later in de presidentsrace.

Dus wie nu verlangt dat een kandidaat (m/v) zich vastlegt op een vrouwelijke running mate, heeft er weinig van begrepen. Bovendien, op de 16 Democratische presidentskandidaten van dit moment zijn zes vrouwen, waarvan er enkele prima geschikt kunnen zijn voor het presidentschap. Waarom dan energie steken in het belagen van mannelijke kandidaten in plaats van actief te worden voor een van die vrouwen?


IOWA: ER BEWEEGT WAT


Pete Buttigieg op campagne (foto Boston Globe)

25-3-2019 - De Democratische kiezers van de staat Iowa hebben de afgelopen paar maanden een karavaan aan presidentskandidaten in hun steden en dorpen voorbij zien trekken. Bernie Sanders hield massabijeenkomsten, Elisabeth Warren hield het bewust kleinschalig en Beto O'Rourke sprong her en der op een tafel in een koffiehuis. Maar ook bijna alle andere kandidaten kwamen langs en zullen dat blijven doen tot de caucus in februari 2020. Veel kiezers gaan naar meerdere sprekers luisteren en de ernst waarmee dat gebeurt, kun je rustig indrukwekkend noemen.

De voorlopige uitwerking ervan kan worden afgelezen aan de eerste poll in Iowa sinds geruime tijd (onderzoeksbureau Emerson, 24-3-2019):
Biden 25 procent, Sanders 24, Buttigieg 11, Harris 10, Warren 9, Booker 6, O'Rourke 5, Klobuchar 2.

Joe Biden en Bernie Sanders staan bovenaan, maar boze tongen beweren dat dit vooral komt doordat ze nu nog hun naamsbekendheid vanuit het verleden voor hebben. Nummer drie, Pete Buttigieg, komt bijna uit het niets, maar Iowans hebben hem inmiddels ontmoet en zien blijkbaar wat in hem. Let op het percentageverschil met de zoveel bekendere Beto O'Rourke, die met enige fantasie nog het meeste op hem lijkt.

Buttigieg is burgemeester van het stadje South Bend in Indiana, ooit de vestigingsplaats van de Studebaker autofabrieken. Net buiten de gemeentegrenzen ligt de University of Notre Dame. Onder Bottegiegs leiding werd South Bend van een crisisoord tot een plaats waar techbedrijven floreren. Hij is getrouwd homo, Afghanistanveteraan en heeft nooit een functie vervuld in Washington, wat veel Amerikanen eerder een pre dan een nadeel vinden. In de media maakt hij een verstandige, vertrouwenwekkende en innemende indruk. Zelfs zijn jonge leeftijd, nu 37, kan aanspreken voor wie na de zeventigers Trump, Biden en Sanders toe is aan een generatiewisseling. John F. Kennedy was 43 toen hij president werd.


POLLS ONDER DEMOCRATISCHE KIEZERS 19-3/20-3-2019
Alle onderstaande polls waren over de hele Verenigde Staten.
Door onderzoeksbureau Morning Consult:
Biden 35 procent, Sanders 27, Harris 8, O'Rourke 8, Warren 7, Booker 4, Klobuchar 2 (anderen 1 procent of minder).
Door CNN:
Biden 28 procent, Sanders 20, Harris 12, O'Rourke 11, Warren 6, Booker 3, Klobuchar 3.
Door onderzoeksbureau Emerson:
Biden 26 procent, Sanders 26, Harris 12, O'Rourke 11, Warren 8, Booker 3, Buttigieg 3.

De cijfers verschillen wat, maar de trend op dit vroege tijdstip in de campagnes is duidelijk.


MAAR WAT ALS DE DONALD...
18-3-2019 - Donald Trump heeft de Republikeinse Partij in zijn zak, zoveel is wel duidelijk nu de presidentsverkiezingen van 2020 in zicht komen. Op een enkele onafhankelijke zonder steun in de partij na, durft niemand zich als Republikeins presidentskandidaat te melden. De Donald is immers de gedoodverfde winnaar?

Het is verbazingwekkend hoe weinig er onder Republikeinen, maar ook onder Democraten en journalisten, wordt nagedacht over de mogelijkheid dat het helemaal anders kan lopen. Ook Trump kan iets overkomen: de constatering van een ernstige ziekte, een hartinfarct of zelfs een overlijden, maar die mogelijkheid wordt niet eens in de beschouwing betrokken. Mocht er zoiets gebeuren, dan blijft Mike Pence ook na 2020 bijna automatisch als enige kandidaat-opvolger over, omdat er bij gebrek aan een interne voorverkiezing geen andere enigszins gelegitimeerde Republikeinen voor zijn.

En dit terwijl Trump er bovendien een man naar is om zomaar ineens te zeggen dat hij het toch niet gaat doen. Als de Amerikaanse politiek een ding geleerd zou kunnen hebben, is het dat bij Trump alles mogelijk is. Ook dat hij er op een gegeven moment geen zin meer in heeft president te spelen. Hij is er narcistisch genoeg voor en tenslotte heeft hij - vindt hij zelf - al bewezen dat hij het kan. Dus waarom niet wat anders gaan doen? Niemand schijnt die mogelijkheid zelfs maar in overweging te nemen.Uit niets blijkt ook dat de Republikeinen een Plan B hebben.


DE DEMOCRATEN MOETEN NAAR HUN KIEZERS LUISTEREN


Democratisch voorzitter van het Huis van Afgevaardigden Nancy Pelosi (foto Getty)

15-3-2019 - In de Democratische Partij zijn sterke krachten in verschillende richtingen aan het werk. Wanneer die niet getemperd worden, kan Donald Trump zomaar de lachende derde worden.

Voor we daaraan toekomen is het goed te kunnen vaststellen dat deze tegenstellingen nauwelijks aan de Democratische kiezers besteed zijn, zoals blijkt uit onderzoek van het toonaangevende instituut Pew Research. Dat vroeg hun welke presidentskandidaat hun eerste voorkeur had en wie hun tweede. Terwijl Joe Biden en Bernie Sanders als tegenpolen gelden, zeggen degenen die op Biden stemmen in meerderheid dat Sanders hun tweede voorkeur is, en omgekeerd. Dit waren de voornaamste resultaten: 1 Biden – 2 Sanders. 1 Sanders – 2 Biden. 1 Harris – 2 Biden. 1 Warren – 2 Sanders. 1 O'Rourke – 2 Sanders. Etc.

Maar binnen de partij ziet de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden Nanci Pelosi de bui al hangen. Dat het maar goed is dat ze daar nog steeds de leiding heeft, bleek deze week, toen ze verklaarde dat de Democraten hun energie niet moeten steken in Trumps impeachment, ook al was hij volgens haar ethisch, intellectueel en politiek ongeschikt voor het presidentschap. Ze moesten hem verslaan in de verkiezingen van 2020.

Voor dit standpunt zijn goede argumenten. Een impeachment is vrijwel uitgesloten, aangezien daar een twee derde meerderheid in de overwegend Republikeinse Senaat voor nodig is. Wezenlijker is dat impeachment de polarisatie in het land alleen maar groter maakt en de kans om Republikeinse stemmers voor de Democraten te winnen verkleint. Trump zo weg krijgen is kortom een schijnoverwinning. Vooral mensen op de Democratische linkervleugel veroordeelden Pelosi's standpunt.

Tekenend is ook de felle manier waarop Beto O'Rourke, binnen twee dagen nadat hij zich als presidentskandidaat meldde, door eigen vuur werd afgebrand. O'Rourke staat als gematigd bekend en wist vorig jaar in het Republikeinse Texas bijna te winnen in de senaatsverkiezingen. Hij kreeg er landelijke populariteit door. Direct nadat hij zich kandidaat stelde voor de presidentsrace vond een aantal Texaanse Democraten het nodig hem in de Washington Post in het openbaar aan te vallen.

In dezelfde krant stond een overigens diepgravend onderzoeksartikel over O'Rourkes werk in El Paso, waar hij in het stadsbestuur zat voor hij in het Huis van Afgevaardigden kwam. Hij had campagnegeld gekregen van rijke Republikeinen (naast in 2018 tientallen miljoenen van Democraten uit het hele land), had volgens sommigen omstreden bouwprojecten gesteund en had wel erg intensieve contacten met het zakenleven. Hoe dit allemaal zit, zal de tijd leren.

Maar opvallend was de vanzelfsprekendheid waarmee steun van Republikeinen in het artikel als verdacht werd beschouwd, terwijl je ook zou kunnen denken dat het juist goed is wanneer Beto Republikeinen over de streep kan trekken. Ander interessant feit in dit verband: een analyse van de Texaanse uitslagen van 2018 in de New York Times toont aan dat Beto's winst op de eerste plaats werd veroorzaakt door een verschuiving onder witte kiezers, en niet zoals eerder verondersteld door groei onder het Hispanic electoraat, dat toch al in grote meerderheid Democratisch stemt.

Het toppunt van absurditeit werd in enkele media bereikt bij Beto's trip door een paar buurstaten van Texas om over zijn grote beslissing na te denken: zou hij zich kandideren of niet? Als hij daarvoor in echte millennial-stijl zo'n reis wil maken moet hij dat toch zelf weten? Nou nee. In het magazine The Atlantic en op CNN werd dit door sommige commentatoren geduid als 'White Male Privilege', want, aldus The Atlantic, 'vrouwen en mensen van kleur hebben deze voorbije maanden besteed aan werken en organiseren'…'zij hebben de luxe van deze vrijheid niet.'

Alsof niet elk van de inmiddels 16 Democratische presidentskandidaten, vrouwelijk, mannelijk en van alle kleuren, inclusief roze, hetzelfde had kunnen doen. Dat de onderklasse, inclusief de witte, zich zoiets lastiger kan veroorloven kan kloppen, maar daar behoort geen een presidentskandidaat toe. Of Beto de beste onder hen is, is wat anders, maar dit heeft met witte privileges niets te maken.

Ook een frappant voorbeeld van het opstoken van de interne tegenstellingen. Kandidaat Kirsten Gillibrand, senator voor New York, steunt sterk op de #MeToo-beweging. Ze was de eerste die in 2018 van de Democratische senator Al Franken aftreden eiste toen er (op dat moment onbewezen) beschuldigingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag werden geuit. 'Zero tolerance,' zei ze. Franken vertrok voor er onderzoek was gedaan.

Begin 2019 bleken er ook klachten over een medewerker van Gillibrands eigen campagneteam te zijn en die heeft zij niet direct ontslagen (wel teruggezet in de hiërarchie). Toen het verhaal in de media kwam volgde alsnog ontslag. Een nogal opvallende tegenstrijdigheid met vorig jaar. Maar niet de genadeloze manier waarop ze eerder tegen Franken optrad werd nu in twijfel getrokken, en dat ze er blijkbaar menselijker op was geworden werd niet geprezen, het schandaal was dat ze de boosdoener niet meteen uit haar team had geschopt. Toch is het begrijpelijk dat je iemand die je kent minder snel verdoemt dan iemand in de verte waar je bijna niks vanaf weet, en zou dat iets meer te denken moeten geven. Maar verontwaardiging over Kirsten alom. Wat de verdachte campagnemedewerker eigenlijk had gedaan, werd niet duidelijk.

Nancy Pelosi zal er een zware dobber aan hebben alle kikkers in de Democratische mand te houden. Er zijn erbij die hun eigen partijgenoten met liefde zouden verscheuren. Ook al zitten de meeste kiezers daar allesbehalve op te wachten.


TWIJFELS OVER JOE BIDEN
13-3-2019 - Enkele weken geleden kregen diverse Democratische aspirant-presidentskandidaten een telefoontje van het kantoor van voormalig vicepresident Joe Biden. Een van hen was Sherrod Brown, senator voor Ohio en populair in het Midden-Westen en niet te vergeten in zijn eigen staat, waarover de statistisch onderbouwde wijsheid gaat dat wie Ohio wint, president wordt. Brown besloot af te zien van deelname aan de Democratische presidentsrace. Naar verluid na voornoemd telefoontje, waarin hem was meegedeeld dat Joe Biden 'voor 95 procent' zeker wist dat hij zich zou kandideren.

Een tijdje later, op 12 maart, hield Biden in Washington een toespraak voor de vakbond International Association of Firefighters, die standaard de Democraten steunt en tegen de primary's gewoonlijk een happening met diverse Democratische kandidaten houdt. Maar ditmaal was alleen Biden uitgenodigd. De brandweerlieden, sinds 9/11 terecht Amerikaanse helden, weten al zeker dat het Biden moet worden. De hoop dat deze ter plekke eindelijk echt zijn kandidatuur bekend zou maken, kwam alweer niet uit. We zullen gauw meer horen, is het nieuws.

Zo langzamerhand begint Biden op deze manier het imago te krijgen van een notoire aarzelaar. Bij de vorige presidentsverkiezingen liet hij tot ver in de primary's de mogelijkheid in de lucht hangen dat hij alsnog ging meedoen, om er daarna toch vanaf te zien. Zijn zoon was een tijd daarvoor overleden, wat zijn gedraal toen begrijpelijk maakte. Maar nu?

Je kunt je bovendien afvragen of de brandweerorganisatie hem een dienst heeft bewezen door hem als enige uit te nodigen. Het kan gauw lijken op een zwaktebod, een poging de confrontatie met concurrenten uit de weg te gaan. De verslaggever van de Washington Post was niet erg onder de indruk van Bidens speech voor de brandweermensen en schreef over de beelden van eerdere optredens van de hoge gast, die op de bijeenkomst vooraf werden vertoond, dat die 'onvermijdelijk de leeftijd en de langzamere spreekstijl benadrukken' waarmee Biden het nu moet doen. Rond de verkiezingen van 2020 zal Biden 78 jaar zijn, in zijn eventuele vierde jaar als president 82.

Op dit moment is Joe Biden volgens alle polls de meest populaire Democratische (mogelijke) presidentskandidaat, en misschien zijn de Verenigde Staten na Trump ook wel dringend toe aan een ervaren, oudere, witharige president die zich niet gek laat maken. In Afrikaanse culturen is zulk haar niet helemaal voor niets een teken van wijsheid. De kiezers (en de wereld) weten in ieder geval dat ze met Biden geen opgewonden standje of ongeleid projectiel in het Witte Huis krijgen, en dat is veel waard.

Maar dan moet hij nu wel heel snel zijn kandidatuur bekend maken en aan de slag gaan, want er zijn zowel bij de gematigden (Beto O'Rourke, Cory Booker, Amy Klobuchar) als op de linkervleugel van de Democratische Partij (Bernie Sanders, Kamala Harris, Elizabeth Warren) heel capabele uitdagers.

De Texaanse belofte O'Rourke heeft zich trouwens ook nog steeds niet uitgesproken over zijn kandidatuur.


AFTELLEN NAAR DE IOWA CAUCUS


Een caucus in Iowa

10-3-2019 – Het is nog bijna een jaar tot de Democratische primary's voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen. De allereerste wordt op 3 februari 2020 de caucus* in Iowa. Ook vanwege de landelijke invloed die de uitslag van deze staat zal hebben, zijn de meeste Democratische kandidaten er nu al geruime tijd campagne aan het voeren. Er is dan ook heel wat af te lezen aan recente ontwikkelingen in Iowa, dat eerder voor Barack Obama koos, maar in 2016 met een vrij grote meerderheid voor Donald Trump.

Weetje 1: DMR/CNN/Mediacom Iowa Poll onder Democraten d.d. 10-3-2019: Joe Biden 27%; Bernie Sanders 25%; Elizabeth Warren 9%; Kamala Harris 7%; Beto O'Rourke 5%; Cory Booker 3%; Amy Klobuchar 3%.

Weetje 2: de Californische kandidaat Kamala Harris trok voor de campagne in Iowa voornamelijk medewerkers aan die vorige keer voor Hillary Clinton werkten.

Weetje 3: de Hawaïaanse kandidaat Tulsi Gabbard heeft besloten helemaal geen campagneorganisatie in Iowa op te bouwen. Zij mikt op de zuidelijker staten (waarmee ze weinig blijkt te hebben geleerd van de ervaringen van Hillary Clinton in 2016).

Weetje 4: Op een kiezersbijeenkomst op Central Middle School in Waterloo (Iowa) kreeg kandidaat Elizabeth Warren (Massachusetts) de vraag uit de zaal hoe ze dacht om te gaan met eventuele tegenstellingen binnen de Democratische Partij. Ze zei onder meer: 'Ik zal onze uiteindelijke Democratische presidentskandidaat steunen. All the way.' Even later verklaarde ook Bernie Sanders op drie grote bijeenkomsten in verschillende plaatsen in Iowa dat hij 'wie de [Democratische] nominatie ook krijgt', hij die 'krachtig zal steunen.' Hopelijk nemen Amerikaanse journalisten deze vraag over en stellen ze hem aan alle Democratische hopefuls tot ze een duidelijk antwoord krijgen.

Weetje 5: De Democratische kiezers in Iowa interesseert het geen bal of Elizabeth Warren Native Americans onder haar voorouders heeft of niet, en het politiek correcte relletje erover houdt ze totaal niet bezig. In geen enkele van de verslagen in lokale kranten, op radiostations of op de twitteraccounts van journalisten in de staat komt het onderwerp zelfs maar ter sprake. Ook in New Hampshire, na Iowa de tweede staat met Democratische voorverkiezingen, was het voor de kiezers geen onderwerp.

Weetje 6: Bijna alle Democratische kandidaten hebben zich uitgesproken voor subsidie op ethanol. Ook Bernie Sanders, ook Elizabeth Warren. Alleen Kamala Harris heeft zich nog niet laten horen. Dit blijkt uit een inventarisering door het Amerikaanse magazine Politico.
Een feitelijk met overheidssteun in stand gehouden overproductie aan ethanol, gestookte maïsolie, wordt bijgemengd bij fossiele brandstoffen om boeren uit Iowa en het verdere middenwesten overeind te houden. Zowel in de Republikeinse als in de Democratische partij zijn velen daar vanouds tegen.
Maar het is ook een oude regel dat een kandidaat die niet voor ethanolsubsidie is, Iowa kan vergeten. Obama was ook voor. Zijn Republikeinse tegenstrever John McCain had indertijd een rechtere rug, maar ook meer neiging tot zelfdestructie, en zei, nog net niet met zijn middelvinger in de lucht: 'Ik drink elke dag een glas ethanol voor het ontbijt'. Hij verloor. Landbouwers steunen is een reden om ervoor te zijn, vinden de Democratische kandidaten nu. Mag zijn, maar het is vreemd contrasterend met het afwijzende standpunt van de ecologen en met de Green New Deal die de meesten hebben omarmd.

Zou de linkervleugel toch niet zo radicaal zijn als hij zich graag voordoet?

*Wat is een Iowa caucus?
Hiervoor verzamelen kiezers zich in de hele staat gelijktijdig op lokaal niveau in klaslokalen, zaaltjes achter drugstores en zelfs huiskamers, waar ze een discussie over de kandidaten voeren. Daarna gaan ze elk in een hoek staan met degenen die voor dezelfde kandidaat zijn. De koppen worden geteld en de uitslag telefonisch of per computer doorgegeven naar de hoofdstad Des Moines. Kan het mooier?


IS HET AMERIKAANSE ELECTORAAT ZO LINKS ALS ZE IN DE DEMOCRATISCHE PARTIJ SCHIJNEN TE DENKEN?
28-2-2019 - Volgens velen in de Democratische Partij hebben de vorige verkiezingen aangetoond dat het geen nut heeft een gematigde kandidaat naar voren te schuiven, zoals lang de praktijk is geweest. Centrumkandidaat Hillary Clinton was er immers niet in geslaagd van Republikein Trump te winnen? Een opvatting die de ronde doet is zelfs dat Bernie Sanders meer kans zou hebben gehad Trump te verslaan. Dat zullen we helaas nooit weten, maar feit blijft dat binnen de Democratische Partij zelf niet Bernie maar Hillary heeft gewonnen. Enkele andere argumenten die de trek naar links motiveren zijn dat millennials nu een groter deel van het electoraat vormen dan in 2016 en dat vrouwen politiek actiever zijn geworden en verandering willen.

Maar is het wel zo simpel? Heeft Hillary – ondanks trouwens haar gewonnen popular vote – verloren omdat ze te gematigd was? Ik geloof het niet. Probleem was eerder dat ze niet als betrouwbaar ervaren werd omdat ze tot ver in haar campagne volhield dat het niet zo belangrijk was dat ze als minister van Buitenlandse Zaken de staatsveiligheid riskeerde door met haar onbeschermde computer thuis te werken. Hillary straalde verder teveel uit dat ze er als lid van de Clintondynastie een soort recht op had president te worden. En niet in de laatste plaats: het ontbrak haar op het beslissende moment aan politieke intuïtie. In het boek Shattered, Inside Hillary Clinton's Doomed Campaign van Jonathan Allen en Amie Parnes wordt op een gegeven moment verteld hoe de oude vos Bill Clinton erop aandrong in de Rust Belt meer naar kleinere gemeenschappen van witte (ex-)arbeiders te gaan, in plaats van alleen naar de steden, zoals de rekenaars van de campagne adviseerden. Hillary volgde de raad van de laatsten. Diverse van zulke staten gingen zoals bekend naar Trump.

Met andere woorden: een andere gematigde kandidaat (v/m) had best kunnen winnen en zelfs Hillary had dat gekund wanneer ze iets meer zelfkritisch was geweest.

Ander argument: de groep millennials zal in 2020 gegroeid zijn.
Er wordt al te gemakkelijk gedacht dat millennials logischerwijze een radicale Democratische kandidaat zullen steunen. Maar er zijn ook in die leeftijdscategorie Republikeinen, gematigde Democraten en bovendien linkse Democraten die verder kijken dan hun neus lang is en een gematigde kandidaat zullen steunen wanneer dit de kans groter maakt dat Trump wordt verslagen.

Volgend argument: vrouwen zijn politiek meer actief geworden en willen verandering. Kan kloppen, maar wat betekent het? Een opvallend verschijnsel tijdens de mid-termverkiezingen van 2018 was dat veel suburbs die in 2016 voor Trump waren, nu een Democraat kozen. Vooral vrouwen veroorzaakten deze omslag. Let op: zij stemden dus vorige keer helemaal niet, of ze stemden Trump. Dit wijst er vooralsnog niet op dat deze vrouwen nu ook dringend een radicale Democraat willen.

Dan heb ik het nog niet over het opmerkelijke historische gegeven dat in heel de Westerse wereld het vrouwenkiesrecht onder druk van links werd ingevoerd, waarna door de vrouwelijke stem in veel gevallen de conservatieve invloed bij de daaropvolgende verkiezingen groeide. Dat is lang geleden, maar dat vrouwen nu over het geheel linkser zijn dan mannen, moet nog blijken.

Overigens blijkt uit de meeste polls die van december t/m februari onder Democraten zijn gehouden de volgende voorkeur: 1. Joe Biden, 2. Bernie Sanders, 3. Kamala Harris.

P.S. Uitgerekend 9-3-2019 komt de Volkskrant met onderzoek waaruit blijkt dat Nederlandse vrouwen linkser stemmen dan mannen. Toch zijn de VVD en D'66 onder vrouwen de grootste partijen en heeft links ook bij hen alleen maar een nipte meerderheid wanneer D'66 en ChristenUnie bij links geteld worden.


AOC=TRUMP2021-2025
17-2-2019 - Alexandria Ocasio-Cortez, het nieuwe Amerikaanse lid van het Huis van Afgevaardigden vanuit de stad New York, is volgens de Volkskrant (15-2-2019) nu de meest invloedrijke persoon in de Democratische Partij. Ze lijkt mij eerder een tijdbom voor de Democraten.

'AOC' geeft verklaringen af zoals dat er geen armen in Amerika horen te zijn. Sympathieke woorden waar iedereen mee in kan stemmen, maar substantie hebben ze niet. De door haar bepleite hogere belasting voor miljonairs komt aan onrechtvaardigheidsgevoelens tegemoet en dat geld kan zeker nuttig besteed worden, maar de armoede wordt er niet mee opgelost. Temeer niet omdat Ocasio-Cortez met hetzelfde geld de vergroening wil financieren. Omdat zelfs de rijken niet alles kunnen betalen, bepleit zij een hogere staatsschuld, al bedraagt die in de VS nu al meer dan 100%. Ze presenteert tovermiddelen waarmee de problemen pardoes zullen verdwijnen, maar zeker haar laatste plan zal de ellende alleen maar groter maken.

Ze is vooral populair onder een deel van de millennials. Ik zeg nadrukkelijk 'een deel', want ook onder Amerikaanse millennials heeft een grote meerderheid een hekel aan politiek correcte cultuur (zie het artikel van 2-12-2018 hieronder). Ocasio-Cortez mag door haar leeftijd (29) zelf geen presidentskandidaat zijn, maar de meer linkse kandidaten binnen de Democratische Partij schijnen nu al te hopen op haar 'endorsement', wat voor de korte termijn logisch lijkt: binnen de partij is haar aanhang immers aanzienlijk groter dan onder de bevolking als geheel en er moeten eerst Democratische primary's gewonnen worden.

Toch doet zelfs geestverwant Bernie Sanders, mocht hij presidentskandidaat worden, er met het oog op de langere termijn goed aan Octavio-Cortez op afstand te houden [aanvulling: hij stelde zich op 19-2 inderdaad kandidaat]. Bernie heeft weliswaar - naar Amerikaanse maatstaven - radicale standpunten, maar is ook vertrouwenwekkend. AOC roept formules, weet weinig en lijdt aan een reuzen-ego en effectbejag. Daarvan hebben we nu al te over in het Witte Huis. Wat meer is: Ocasio-Cortez heeft niet alleen aanhangers, maar roept bij anderen ook zodanige afkeer op dat ze 'tegen haar' zullen stemmen, een soort Hillary-effect. Binnen de Democratische Partij kan AOC wellicht een kandidaat helpen winnen, maar in een strijd met Trump niet. Ergo: AOC=Trump2021-2025.

Overigens plaatste de Volkskrant op 15 februari 2019 een ronduit absurde hagiografie van Ocasio-Cortez. Ik veronderstelde eerst dat hij onder 'opinie' viel, maar het bleek 'nieuws-achtergrond' te zijn. Nou moe!


DEMOCRATISCHE PRESIDENTSKANDIDATEN VOOR 2020:
ZIJN ZE (EIGENLIJK) WEL LINKS GENOEG?


Amy Klobuchar maakt in Minnesota haar kandidatuur bekend in vertrouwd Coen Brothersweer.

5-2/update 11-2-2019 - De Amerikaanse presidentsverkiezingen komen er alweer aan. Ik hoop hier bij leven en welzijn regelmatig commentaar op de campagnes te geven. Er zijn mensen die de aandacht voor zulke Amerikaanse verkiezingen overdreven vinden. Dat is niet een klein beetje dom. Het zijn de belangrijkste ter wereld (in China zijn geen verkiezingen, daar heerst een éénpartijdictatuur) en wie er in het Witte Huis komt, heeft verstrekkende repercussies voor ons, zoals het beleid van Donald Trump maar al te goed laat zien. Dat het Amerikaanse verkiezingsproces ook nog eens meeslepend theater oplevert, is een mooie bijzaak.

In de Democratische Partij lopen de kandidaten zich warm om het tegen Trump op te nemen. Op dit moment zijn er al acht* die hun kandidatuur officieel bekend hebben gemaakt en er staan er een aantal in de wachtrij, onder wie niet de geringsten. De eerdere kandidaat voor 2016 Bernie Sanders, voormalig vicepresident Joe Biden en de Texaanse rijzende ster Betan O'Rourke moeten zich nog uitspreken.

De Democratische Partij is verdeelder dan ooit. Er zijn altijd al gematigd-linkse en meer radicale stromingen geweest, maar nu staan ze fel tegenover elkaar. Zelf zou ik zeggen dat Barack Obama uitgesproken links was, ware het niet dat hij door de hedendaagse linkervleugel in de Democratische Partij niet als zodanig wordt erkend. In dat geval heeft er in de ruim 70 jaar sinds de Tweede Wereldoorlog nog nooit een radicale kandidaat presidentverkiezingen gewonnen.

De kandidaten worden door links steevast op hun zuiverheid beoordeeld en krijgen vroeg of laat te horen dat ze een vlekje hebben. Zelfs antiraciste Elizabeth Warren. Zij 'claimde' - hele gewone media gebruikten dit verdachtmakende woord - Native American voorvaderen te hebben. Of het waar is weet ik niet, maar de strekking van de kritiek illustreert de verziekte sfeer. 'O wat leuk, zoek eens uit hoe het precies zit,' is een zin die je op het verwijt van racisme kan komen te staan. Wit is fout en mag niet hopen via een trucje goed te worden!

De acht kandidaten tot nu toe:

Cory Booker (M, 49), senator voor New Jersey, voormalig burgemeester van arbeidersstad Newark. Trefwoorden: zwart, burgerrechtenbeweging, is in arme zwarte wijk blijven wonen, wil tegenstellingen in het land overwinnen, getalenteerd spreker.

Julian Castro (M, 44), burgemeester van San Antonio (Texas), minister voor huisvesting onder Obama. Trefwoorden: Mexican-American, gematigd.

John Delaney (M, 56), Lid Huis van Afgevaardigden vanuit Maryland, zakenman. Trefwoorden: gematigd, pragmatisch maar soms ook principieel links. Sterk voorstander van samenwerking tussen Republikeinen en Democraten.

Tulsi Gabbard (V, 37), Lid Huis van Afgevaardigden vanuit Hawaï, militair, Irakveteraan. Trefwoorden: geboren op Samoa, Hindoe, steunde Bernie Sanders, links maar met opvallende kanten: is tegen homohuwelijk en abortus en ging op eigen initiatief praten met Assad.

Kirsten Gillibrand (V, 52), senator voor New York, eerder lid Huis van Afgevaardigden, advocaat. Trefwoorden: wit, vroeger gematigd, nu radicaal, voorvechtster van de #MeToo-beweging, oogstte kritiek vanwege harde aanvallen op mannelijke partijgenoten.

Kamala Harris (V, 54), senator voor Californië, voorheen openbaar aanklager. Trefwoorden: Indiase moeder, Jamaicaanse vader, uitgesproken links, maar was als openbaar aanklager volgens datzelfde links veel te streng.

Amy Klobuchar (V, 58), senator voor Minnesota, openbaar aanklager. Trefwoorden: wit, enige kandidaat uit het Midden-Westen, gematigd, gericht op praktische resultaten, wil meer samenwerking tussen Republikeinen en Democraten.

Elizabeth Warren (V, 69), senator voor Massachusetts, 'assistant to the president' onder Obama, professor economisch recht, o.a. aan Harvard Law School. Trefwoorden: wit, inkomensgelijkheid en beperking van de macht van banken en grote bedrijven, noemde het Amerikaanse rechtssysteem racistisch, populair bij de linkervleugel.

* In totaal hebben al meer dan 180 mensen zich ingeschreven als Democratisch presidentskandidaat, van voetbalcoaches tot mental coaches, maar bij de meeste houdt dit niets in. Anderzijds hebben bijvoorbeeld de serieuzere burgemeester Pete Buttigieg uit Indiana en senator Sherrod Brown uit Ohio zich nog niet ingeschreven, maar voeren ze al campagne in Iowa en New Hampshire.


MCMASTERDOCTRINE
4-2-2019 - Trumps Nationale Veilgheidsadviseur Herbert McMaster is zoals bekend voorjaar 2018 de laan uit gestuurd. In een eerder stuk heb ik aandacht gevraagd voor een nog steeds bijzonder actueel boek dat McMaster al in de jaren negentig schreef over de relatie tussen politieke en militaire leiding in Washington: Dereliction of Duty. Donald Trump trekt zich steeds minder aan van de professionals op het gebied van internationale betrekkingen en defensie. Hierover schrijft McMaster iets van groot belang: hoewel de president de opperbevelhebber van de strijdkrachten is, de commander-in-chief, heeft de militaire leiding volgens de grondwet niet alleen verplichtingen tegenover de president, maar onafhankelijk daarvan ook een rechtstreekse verantwoordingsplicht aan het Congres. Laten we het de McMasterdoctrine noemen. Zoals deze in zijn boek uitlegt is een van de redenen waarom de Vietnamoorlog verloren (en begonnen) werd, dat de generaals en admiraals zich neerlegden bij de wens van het Witte Huis het Congres er zoveel mogelijk buiten te houden, in plaats van zich te houden aan hun grondwettelijke verplichtingen. Het is te hopen dat dit anno 2019 anders loopt.


GEMATIGD-LINKS ONDERZOEKSINSTITUUT: 80 PROCENT VAN AMERIKANEN HEEFT EEN HEKEL AAN POLITIEK CORRECTE CULTUUR
2-12-2018 - Op 16 juni 2016 werd Jo Cox, parlementslid voor de Britse Labour Party, vermoord door een rechtsextremist.

In haar nagedachtenis werd de organisatie More in Common opgericht, die in diverse landen onderzoek doet naar de betrekkingen tussen verschillende bevolkingsgroepen. In de Verenigde Staten publiceerde More in Common in oktober 2018 een onderzoek onder 8000 Amerikanen met de titel Hidden Tribes. Een overweldigende meerderheid van 80 procent wees de politiek correcte cultuur af. Onder zwarte Amerikanen (75 procent), Hispanics (87), Native Americans (88) en Aziaten (82) week dit percentage maar weinig af van dat onder witte Amerikanen (79). Ook leeftijd bleek weinig uit te maken. Het grote onderscheid zit hem in opleiding en inkomen. PC is vooral een bubbel op en rond de Amerikaanse universiteiten, verwijderd van de echte samenleving. Zelfs 61 procent van de aanhangers van de Democratische Partij ziet het politiek correcte denken als een maatschappelijk probleem. Het is niet de enige reden - ik kom er nog op terug - om te denken dat Trump ook na 2020 in het Witte Huis zit, wanneer er een radicaal-linkse Democratische tegenkandidaat voor het presidentschap komt. De enige die vanuit die hoek enige kans maakt is Bernie Sanders, die met witte arbeiders overweg kan en ook nog eens voor wapenbezit is: misschien niet aanbevelenswaardig, maar daardoor wel een echt mens. In zijn Vermont houden ze van jagen.

Natuurlijk betekent dit niet dat PC-kritiek altijd onterecht is, maar soms zeker wel. Dit komt doordat men een veelvormige samenleving wil dwingen in steriele, al dan niet onzinnige theoretische concepten. Soms is er zonder meer sprake van linksextremisme. Daar zijn de rechtse tegenvoeters blij mee. Links- en rechtsextremisten doen niets liever dan samen de grote meerderheid in gijzeling nemen met de eis tussen hen te kiezen. Zoals vaker is de weerbaarheid van het brede midden bepalend voor het behoud van een beschaafde samenleving. Maar: dat brede midden zal sociaal zijn of niet zijn.

Zie ook The Atlantic


DE PRESIDENT TWITTERDE, DE GENERAALS MAAKTEN BELEID - INMIDDELS LUISTERT TRUMP NAAR NIEMAND MEER
In zijn eerste jaar als president verliet Donald Trump zich op het gebied van internationale veiligheid nog vooral op relatief onafhankelijke experts. Maar in maart 2018 werd nationaal veiligheidsadviseur Herbert McMaster vervangen door de Republikeinse havik John Bolton en minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson is vervangen door CIA-chef en Tea Party-republikein Mike Pompeo. Voor 2018 om was, waren ook de stafchef van het Witte Huis generaal John Kelly en minister van Defensie James Mattis vertrokken. Hieronder mijn stuk uit 2017 over de toestand in 2017.

24-4-2017/19-9-2017 - Nu de spanningen in de wereld verder toenemen, is eens te meer een prangende vraag wie het in de Verenigde Staten voor het zeggen heeft in militaire zaken. Donald Trumps chief of staff in het Witte Huis is generaal John Kelly, zijn minister van Defensie is generaal James Mattis en een van de gezichtsbepalende figuren is ook generaal H.R. McMaster, de adviseur Nationale Veiligheid.

Op 13 april 2017 werd in Oost-Afghanistan een MOAB gedropt, de 'Mother Of All Bombs', althans de moeder van alle conventionele bommen. 'Typisch Trump,' was de algemene reactie in de Nederlandse en de buitenlandse media, en er werden allerlei speculaties over de bedoelingen van de Amerikaanse president op losgelaten. Een paar dagen later meldden de New York Times en de Washington Post, door weinigen waargenomen, dat de MOAB was gebruikt op bevel van de Amerikaanse bevelhebber in Afghanistan, generaal John Nicholson, en dat de president niet bij de beslissing betrokken was. Waaraan kan worden toegevoegd: en dat ook helemaal niet erg vond.

Trump heeft vanaf het begin van zijn ambtstermijn laten blijken dat hij met name zijn generaals veel eigen ruimte wil geven. Het begon ermee dat hij in een handomdraai van zijn enthousiasme voor waterboarden terugkwam toen minister van Defensie James Mattis zei er tegen te zijn. Trumps argument om van mening te veranderen: de experts weten het beter.

Op 9 mei 2017 maakte de Washington Post bekend dat de militaire en buitenlandadviseurs van het Witte Huis het voortaan aan het Pentagon en de bevelhebbers overlaten hoeveel troepen er in Afghanistan nodig zijn, ook wanneer dat troepenuitbreiding betekent.

In augustus 2017 stond in het onafhankelijke Amerikaanse defensieblad Marine Times een artikel over de waarschuwingen die Donald Trump had gericht aan het adres van Noord-Korea. Het blad schreef: de president dreigt, maar de strijdkrachten weten van niks. Waarna werd uitgelegd dat er nergens specifieke voorbereidingen werden getroffen om die dreigementen ook werkelijk ten uitvoer te brengen.

In de Amerikaanse buitenlandse- en defensiepolitiek bestaan twee werkelijkheden: Donald Trump reageert per twitter heftig op allerlei ontwikkelingen, maar doet dit eigenlijk vooral op persoonlijke titel, en dan is er het beleid, dat daar in veel opzichten los van staat. Soms komen de presidentiele explosies er per ongeluk goed bij van pas, meestal veroorzaken ze alleen maar moeilijkheden.

De verhoudingen tussen de president, zijn adviseurs, het Pentagon, het State Department en de opperbevelhebbers van de strijdkrachten (de 'Joint Chiefs of Staff' van landmacht, luchtmacht, marine en marinierskorps) kregen stap voor stap vorm nadat Trump in februari generaal H.R. McMaster benoemde tot zijn Nationaal Veiligheidsadviseur. Door rechtsradicalen binnen het Witte Huis zoals Steve Bannon werd McMaster algauw als vijand aangewezen. Te begrijpen: een van McMasters eerste maatregelen was Bannon uit de Nationale Veiligheidsraad verwijderen.

H.R. (Herbert) McMaster (1962) heeft een grote staat van dienst als bevelvoerend landmachtofficier in de Irakoorlog, waar hij bekend raakte als een man die met originele ideeën successen op het slagveld boekte en zich niet altijd volgzaam toonde tegenover zijn superieuren. Hij werkte verder op het hoofdkwartier van ISAF in Kabul en terug in de Verenigde Staten hield hij zich in verschillende functies bezig met militaire opleiding, onderzoek en strategieontwikkeling. McMaster is een soort intellectueel in militaire kring.

IHet doel van de stappen die McMaster in het Witte Huis neemt, kunnen we vermoeden door een boek te lezen dat hij al twintig jaar terug schreef: Dereliction of Duty. Lyndon Johnson, Robert McNamara, the Joint Chiefs of Staff, and the Lies that led to Vietnam (1997). Om uit te komen bij McMasters visie op de huidige toestand, is een omweg via dit boek erg verhelderend, omdat niets erop wijst dat hij sindsdien van mening is veranderd. Het laat aan de hand van Vietnam zien hoe het militaire besluitvormingsproces volgens McMaster dient te verlopen, en hoe niet. Het gaat vooral over beslissingsstructuren in Washington en veel minder over miilitaire strategie. (Lees verder na de afbeelding.)


Herbert McMaster is niet erg te spreken over v.l.n.r. Lyndon Johnson, John Kennedy en Robert McNamara.

Het boek Dereliction of Duty (plichtsverzuim) is een bewerking van McMasters proefschrift aan de Universiteit van North Carolina (Chapel Hill) en werd indertijd ook door democratisch georienteerde kranten als de New York Times en de Washington Post positief ontvangen. Op basis van vele primaire bronnen ontrafelt hij in Dereliction of Duty het besluitvormingsproces onder Kennedy en Johnson, van week tot week en soms van uur tot uur. Het boek beslaat de periode van 1960 tot zomer 1965, de beginjaren van de Vietnamoorlog. McMaster schrijft: 'De oorlog in Vietnam werd niet verloren op het slagveld en evenmin op de voorpagina's van de New York Times en de campussen van de universiteiten. Hij werd verloren in Washington D.C., zelfs al voor Amerikanen in 1965 de complete verantwoordelijkheid voor de strijd op zich namen en voor ze beseften dat ze in oorlog waren.' De belangrijkste verantwoordelijken daarvoor waren naar zijn oordeel de presidenten John F. Kennedy en Lyndon B. Johnson, met minister van Defensie Robert McNamara als goede derde. Ook de gezamenlijke opperbevelhebbers waren volgens McMaster medeverantwoordelijk, maar toch vooral in tweede instantie. Ze bleven teveel steken in onderlinge rivaliteit tussen de krijgsmachtonderdelen terwijl ze zich samen hadden moeten verzetten tegen de gang van zaken in het Witte Huis en het Pentagon. De president is weliswaar Commander-in-chief, aldus McMaster, maar de opperbevelhebbers hebben volgens de grondwet ook rechtstreeks verantwoording af te leggen aan het Congres. Dit laatste deden ze niet: ze volgden de wens van president Johnson om het Congres en het publiek zoveel mogelijk in het ongewisse te laten over de werkelijke stand van zaken in Vietnam en onthielden het Congres hun eigen visie op de situatie.

Lyndon Johnson nam na de moord op John Kennedy de bevelsstructuur over zoals die toen in grote lijnen al door zijn voorganger was ingericht. McMaster stelt dat de presidenten en hun naaste burgermedewerkers de militaire experts zoveel mogelijk buiten de deur probeerden te houden. Ze namen de beslissingen op defensiegebied in de Oval Office in overleg met vertrouwelingen, onder wie minister van Defensie McNamara, maar veelal in afwezigheid van de opperbevelhebbers van de strijdkrachten. De door Kennedy tot hoofd van de Chiefs of Staff benoemde Maxwell Taylor – voormalig opperbevelhebber van de landmacht – werd door de bevelhebbers als een stroman van de president beschouwd die de toegang tot het Witte Huis extra blokkeerde. Minister van Defensie McNamara had volgens McMaster ongetwijfeld grote talenten in het leiden van de Ford autofabrieken (zijn vorige baan) maar wist niets van militaire tactiek en strategie. Niet erg, maar McNamara zelf dacht dat hij het juist beter wist dan de professionals. Toen de strijd in Vietnam eenmaal begonnen was, gingen niet te voorziene omstandigheden, zoals acties van de tegenstander, een rol spelen, zegt McMaster, 'maar McNamara zag de oorlog als een gewoon zakelijk managementprobleem dat, naar hij aannam, onderworpen zou worden aan zijn redelijke oordeel en aan de rationele calculaties die anderen voor hem uitvoerden. Hij en zijn assistenten dachten dat ze met grote nauwkeurigheid konden berekenen hoeveel geweld er in Vietnam nodig was om het gewenste resultaat te bereiken en ze dachten dat ze dit geweld met grote precisie konden controleren van het andere einde van de wereld.'

Hierbij moet wel gezegd worden dat McNamara ook zijn verdiensten had: tot heil van de mensheid maakte hij het eerder ontwikkelde idee van de flexible response tot leidraad voor de strategie tegenover de Sovjetunie. Wat overigens een drastische, impopulaire verhoging van het defensiebudget nodig maakte. Op militaire acties van de andere kant zou voortaan proportioneel worden gereageerd en niet volgens de heersende strategie van massive retaliation , die neerkwam op een automatische atoomoorlog na Sovjetagressie. Maar McNamara dacht deze wat rekenkundige benadering ook te kunnen toepassen in Vietnam, waarbij hij ervan uitging dat goed gedoseerde Amerikaanse macht, onder meer via bombardementen op het noorden, Noord-Vietnam en de Vietcong tot toegeven zou dwingen. Wat hij en het Witte Huis niet begrepen, zegt McMaster terecht, was dat Hanoi de strijd hoe dan ook tot het bittere einde zou voeren.

Het cliché dat politici en burgers minder willen en militairen meer, klopt voor Vietnam maar half. De opperbevelhebber van de mariniers David Shoup zei in 1962 nog: 'Raak in geen geval betrokken in een landoorlog in Zuid-Oost Azië.' Op 8 maart 1965 werden de mariniers zoals bekend aan land gestuurd bij het Vietnamese Da Nang. De bevelhebbers vonden vooral: doe het zo dat het militair succes kan hebben, of doe het niet. Hoe dat was, daar waren ze het onderling niet over eens. Volgens McMaster waren er maar twee opties: een overwinning op de grond in Zuid-Vietnam nastreven of er niet aan beginnen. Onderwijl liet president Johnson zich bij zijn beslissingen bovendien sterk leiden door zijn streven voor het Congres en het publiek te verbergen dat er oorlog was. Resultaat was halfslachtigheid. McMaster ergert zich aan de toenmalige politieke leiding, maar zijn algemene conclusies gaan veel verder: politieke leiders geven weliswaar de richting aan, het feitelijke militaire optreden moet veel meer worden bepaald door de expertise van de bevelhebbers van de strijdkrachten. Verder moet de militaire leiding haar opvattingen delen met het Congres, ook wanneer ze niet stroken met die van de president.

Of McMaster gelijk heeft in zijn analyse van de Vietnamoorlog is hier bijzaak. Dereliction of Duty is actueel vanwege zijn grote voorspellende waarde ten aanzien van de beslissingsstructuren zoals ze nu onder zijn invloed in Washington ontstaan. Alles wijst erop dat de huidige adviseur voor Nationale Veiligheid de in zijn boek neergelegde visie op de taakverdeling tussen de president, zijn adviseurs, de betrokken ministers en de opperbevelhebbers vrij exact aan het realiseren is. En de president daar ook mee akkoord gaat. Wanneer Donald Trump op het gebied van defensie – en deels dus ook internationale politiek – overeenkomstig McMasters opvattingen veel overlaat aan de militaire deskundigen, zal dat voor velen een opluchting zijn. Het is een teken dat niet alles afhankelijk is van de grillen van de president en het Amerikaanse systeem nog redelijk functioneert.

Maar toch niet helemaal. Naast militaire deskundigheid blijft er ook nog zoiets bestaan als politieke verantwoordelijkheid. Ooit, in 1950-1951, meende generaal Douglas MacArthur zeker te weten dat China zich niet in de Korea-oorlog zou mengen. In strijd met de richtlijnen uit Washington trok hj op naar de grensrivier Yalu. Maar de Chinezen mengden zich wel in de strijd, waardoor MacArthurs troepen enorme verliezen leden en terug moesten trekken naar de 38ste breedtegraad (nu nog de bestandslijn tussen noord en zuid) Waarop MacArthur vond dat er dan maar atoombommen gegooid moesten worden. Kort daarna werd hij door president Harry Truman ontslagen. Wanneer naast de militaire deskundigheid de politieke verantwoordelijkheid ontbreekt, komen er nieuwe zorgen aan.


50 JAAR 1968: VIETNAMOORLOG


Vietnam 1968: het Tet-offensief en de Ho Chi Minh-route.

PETER ARNETT - LIVE FROM THE BATTLEFIELD
Toen Peter Arnett wereldberoemd werd met live-verslagen van de bombardementen op Bagdad in de Eerste Golfoorlog, was hij al dertig jaar oorlogsverslaggever. De helft van zijn memoires Live from the Battlefield gaan over Vietnam, waar hij van 1962 tot 1975 werkte. Lees verder...

APOCALYPSE NOW: 'HET ULTIEME THEMAPARK'
Francis Ford Coppola's Apocalypse Now blijft een grootse film over het menselijk tekort, maar wie, voor zover via een speelfilm mogelijk, dichter bij de realiteit van de Vietnamoorlog wil komen, kan misschien beter Full Metal Jacket, Platoon of The Deerhunter bekijken. Lees verder...

JORIS IVENS AND VIETNAM: ENTANGLEMENTS AT THE SEVENTEENTH PARALLEL
Filmmakers Joris Ivens and Marceline Loridan hardly knew the backgrounds of the war that was raging at Vietnams seventeenth parallel, but made an influential film about it. Continue...

NAWEEËN VAN DE VIETNAMOORLOG: IVENS' PRISONERS DILEMMA
Over Amerikaanse krijgsgevangenen in Noord-Vietnam. Lees verder... English follows Dutch


BYEBYEFACEBOOK
Ik ben al jaren van Facebook af en het bevalt geweldig!

byebyefacebook


200 JAAR EERSTE NEDERLANDSE GRONDWET
Op 1 mei 1798 werd onder ongewone omstandigheden de Staatsregeling van kracht, de eerste Nederlandse grondwet. Lees verder...


'Feest der alliantie tussen de Fransche en Bataafsche republieken.' Plein der Revolutie (de Dam), Amsterdam 1795.

Zie voor een geschiedenis van de Franse Tijd: Aristocraten, yveraars en slijmgasten: in tien stappen door de Franse Tijd


'MOSKOU EN PEKING NIET HELEMAAL ONSCHULDIG AAN NOORD-KOREAANSE ATOOMPROEVEN'
3-9-2017/22-9-2017 - Een dag voor de nieuwste (zesde) atoomproef van Noord-Korea, schreef buitenlandredacteur Klaus-Dieter Frankenberger in de Frankfurter Allgemeine een behartenswaardige column onder de titel:

EENZIJDIG APPÈL
'Moskou en Peking zijn niet helemaal onschuldig aan de atoom- en rakettenkoorts van Kim Jong-un. Klaarblijkelijk zijn ze nog steeds bereid een atoommacht Noord-Korea te accepteren.

'Binnen enkele maanden zal Noord-Korea over de capaciteit beschikken lange afstandsraketten met atoomkoppen in te zetten. Daar is de Franse regering van overtuigd. De atomaire dreiging zou daarmee toenemen, ook voor Europa. En wat dan?

'Wat betekent het eigenlijk voor Rusland en China, de twee machten die tot nu toe niet werkelijk hebben gebroken met het regime in Pyongyang? De leiders in Moskou en Peking mogen zich ongemakkelijk voelen bij de atoom- en rakettenkoorts van dictator Kim Jong-un, maar ze zijn er natuurlijk niet helemaal onschuldig aan dat hij kon uitbreken. Daarbij past dat ze hun appèls tot matiging vooral richten aan de Verenigde Staten (en hun bondgenoten).

'Misschien leiden druk en militaire retoriek nergens toe. Maar laten we ons eens voorstellen dat er raketten die met kernkoppen kunnen worden uitgerust over hún landen geschoten zouden zijn. Hoe zouden zij zelf hebben gereageerd?

'Het ziet er nog steeds naar uit dat Rusland en China zonder meer bereid zijn een atoommacht Noord-Korea die over bijpassende raketsystemen beschikt, te accepteren. Tot zover het streven de verspreiding van kernwapens tegen te gaan.'

Tot zover ook Frankenberger. Het is inderdaad opmerkelijk dat uit voornoemde hoofdsteden, maar ook in een deel van de Westerse media, wordt gedaan alsof het logisch is dat vooral de Verenigde Staten en anderen bestraffend worden toegesproken wanneer het om Noord-Korea gaat. (Lees verder na de afbeelding)

Kim Jong-un en zijn voorgangers zijn al ongeveer vier decennia met hun atoomwapenprogramma bezig. Van ene Donald Trump was nog geen sprake. Onder de presidenten George Bush en Barack Obama zijn alle pogingen mislukt om via onderhandelingen, diplomatie en massale humanitaire steun aan Noord-Korea een streep te zetten onder het atoomwapenprogramma van dit land. Ondanks alle Noord-Koreaanse raketlanceringen en bomproeven is er vanuit het Westen en in de internationale gemeenschap terughoudend gereageerd met voor de hand liggende sancties. En Donald Trump roept natuurlijk als gewoonlijk grote woorden in een taal die sommigen de gelegenheid geeft te doen alsof Noord-Korea een soort slachtoffer is.

In werkelijkheid gaat Kim Jong-un al die jaren al doodgewoon door met zijn provocatieve beleid, wat anderen ook doen. Het recente afschieten van raketten over bewoond Japans gebied is geen dreigen meer, het is al een vorm van agressie - waarop nogmaals terughoudend werd gereageerd. Op 14 september 2017 verklaarde Pyongyang daar ook nog bij dat 'de vier eilanden van Japan in de zee moeten worden verzonken door de nucleaire bom van Juche'* en dat de Verenigde Staten moesten 'worden doodgeslagen als een dolle hond' (citaten uit dagblad The Guardian). Intussen is er geen enkele legitieme reden voor Pyongyang om anderen met atoomaanvallen te bedreigen, laat staan zich daar praktisch op voor te bereiden. Noord-Korea wordt door niemand belaagd, het ligt de facto beschermd in de Chinese invloedssfeer en de enige die het op hoge toon over hereniging van Noord- en Zuid-Korea heeft, en zelf nog maar enkele weken geleden zei zich daar militair op voor te bereiden, is het regime in Pyongyang. In dit geval ging het over geheime miltaire elite-eenheden bedoeld om in Zuid-Korea te opereren.

Dat er op gezette tijden grote militaire oefeningen worden gehouden door de Verenigde Staten, Zuid-Korea en Japan, is in dit licht niet zo heel vreemd. Het voorstel van Rusland en China om die oefeningen te staken om zo de Noord-Koreaanse dictator mild te stemmen, is een omkering van zaken. Het roept de vraag op of zij, met Kim Jong-ils atoomwapens als onuitgesproken argument, vooral uit zijn op het versterken van hun eigen strategische positie in Oost-Azie en het verzwakken van die van de Verenigde Staten, Japan en anderen. Poetin heeft op de Krim, in Oekraine en Syrie al laten zien dat hij een meester is in het grijpen van het moment tot meerdere glorie van Rusland.

De pogingen om de verantwoordelijkheid voor wat er rond Noord-Korea gebeurt te verleggen naar de Verenigde Staten lijken er vooral op gericht verdeeldheid in het Westen te zaaien. We doen er verstandig aan daar niet teveel in mee te gaan.

* Juche is de staatsideologie van Noord-Korea, een mengsel van orthodox marxisme-leninisme, leiderscultus en nationaal isolement tot deugd verheven.


MAAR...
De betrekkingen tussen Noord-Korea en China zijn ingewikkeld. Lees verder...


NOORD-KOREA: DE MACHTSTHEORETICI ONTGAAT IETS
15-4-2017 (licht gewijzigd) - Niet ten onrechte vermoedt de Noord-Koreaspecialist en Leids hoogleraar Remco Breuker dat het risico op een confrontatie rond Noord-Korea met de dag groeit. Noord-Korea maakt vorderingen op technologisch gebied waardoor het land op afzienbare termijn niet alleen een atomaire bedreiging voor Zuid-Korea en Japan vormt, maar ook voor de Verenigde Staten. Wanneer Kim Jong-un en de zijnen de capaciteit eenmaal echt in handen hebben, is Los Angeles in last. Vooral omdat de Noord-Koreaanse politiek niet voldoet aan elders gangbare normen.

Hierover wordt door de machtstheoretici iets te licht gedacht. Zij gaan ervan uit dat elk land uiteindelijk zo verstandig is zich te richten naar de reële machtsverhoudingen en de existentiële belangen van land en volk, of desnoods alleen van het regime zelf. Deze denkwijze volstaat bij Noord-Korea niet omdat hij de betekenis van de ideologie en het sektarische denken negeert. Kim Jong-un staat zichzelf toe verderfelijke Westerse films te bekijken die hij zijn onderdanen met ideologische argumenten onthoudt. Overigens een frappante parallel met het gedrag van Jiang Qing, de zelfs voor toenmalige Chinese begrippen radicale echtgenote van Mao Zedong. Toch is er reden ervan uit te gaan dat zulke leiders op zijn minst voor een deel - en met veel fanatisme - geloven in wat ze prediken. Hoe extremistischer, hoe verder hun denkbeelden van de werkelijkheid verwijderd zijn, maar hoe hardnekkiger ze eraan vasthouden. In dit geval gaat het om een combinatie van ouderwets marxisme-leninisme, oude regionale gebruiken, leiderscultus en een giftig mengsel van grootheidswaan en nationaal isolationisme.

In het geval van Noord-Korea behoort bij dit isolationisme de overtuiging dat het land al meer dan een halve eeuw is omsingeld door imperialistische vijanden die het zogeheten socialisme er willen vernietigen. In werkelijkheid ligt Noord-Korea beschermd binnen de Chinese invloedssfeer en heeft niemand behoefte daar verandering in te brengen.

Maar hele of halve gelovigen kunnen vanuit zo'n waandenkbeeld een rigide uitleg geven aan gedachten als: 'Liever staande sterven, dan op de knieën verder leven' of 'Dan liever de lucht in!'. En totalitaire leiders kunnen hun bevolking, al of niet tegen haar zin, meeslepen de ondergang tegemoet.

Een horrorscenario dat niet uitgesloten kan worden, is bijvoorbeeld dat van de zelfdestructie. Denk aan de sekte van de Amerikaan Jim Jones, die in 1978 meer dan 900 sekteleden tot een massale zelfmoord dreef. Noord-Korea is een machtsfactor in Oost-Azië met een heleboel kenmerken die je in een ander land ook ziet. Maar er zal rekening mee moeten worden gehouden dat het tevens veel weg heeft van een sekte die in zijn grillige vijanddenken kan concluderen: dan maar de lucht in, met jullie erbij. Dit soort denken is een van de redenen waarom Beijing maar beperkte invloed heeft op wat Kim Jong-un doet of nalaat, en waardoor de vraag opdoemt wanneer het gevaarlijker wordt niets te doen dan iets te doen. Een duivels dilemma.

Zie ook: Ian Buruma - 'Voor kim Jong-un is vernietiging beter dan overgave.' Lees verder...

Zie ook: Guus Hiddink verslaat Kim Jong-il


SOMMIGE DINGEN HAD HILLARY NET ZO GEDAAN


Minister van Buitenlandse Zaken Clinton in Zuid-Korea

12-8-2017 - Veel wat onder president Donald Trump op militair gebied is gebeurd, zou ook onder president Hillary Clinton ongeveer zo hebben plaatsgevonden. Zoals de raketaanval op Assads vliegveld in Syrië, het intensiveren van de strijd tegen IS, het droppen van de conventionele MOAB ('Mother of All Bombs') in Afghanistan, de (beperkte) uitbreiding van de Amerikaanse troepen in dat land et cetera. Trump is opgeschoven in een richting die Clinton altijd al voorstond en die dichter bij de opvattingen in de leiding van de Amerikaanse krijgsmacht ligt dan de zijne. Of Clinton bereid was geweest Saudie-Arabië een zo waanzinnige hoeveelheid wapens te verkopen is wel een vraag. En het conflict met Noord-Korea zou ze ongetwijfeld heel duidelijk, maar minder geagiteerd hebben aangepakt.


DE CULTUUR VAN MADRID
Voor de reiziger die verder wil kijken dan de oppervlakte van de Madrileense cultuur is het boek Ongenaakbaar Madrid onmisbaar.

Redactie Arjen Fortuin en Hans Schoots, met bijdragen van een groot aantal prominente Spanjekenners uit Nederland en Vlaanderen.

'In Ongenaakbaar Madrid is de liefde voor Madrid voelbaar aanwezig... Een onweerstaanbare uitnodiging tot een bezoek aan de stad...' (Ger Groot in NRC Handelsblad)

Inhoudsopgave... (boek is alleen nog antiquarisch verkrijgbaar)


OVERMOED EN ONBEHAGEN
24-6-2017 - Het is een vreemde gewaarwording, dat plotseling teruggekeerde optimisme bij zoveel politici en commentatoren over de schone toekomst van de Europese Unie. Europa is goed en noodzakelijk, maar met mate. In Brussel wordt nu alweer over verdergaande politieke integratie gesproken alsof er nooit een vuiltje aan de lucht is geweest. Het lijkt wel of is vergeten dat de stemming een half jaar geleden nog volledig omgekeerd was. Het onheil was overal en de boze gewone man was op ieders lippen. Toen maakte ik bezwaar tegen dat beeld (zie hieronder bij 1-1-2017) en schreef: 'De obsessie waarmee ook een deel van de pers deze redenering volgt is stuitend. Allereerst omdat hiermee een frame aan het publiek wordt opgedrongen dat schade berokkent aan het politieke proces in Nederland. Maar vooral omdat de overgrote meerderheid van gewone mannen en vrouwen die er anders over denkt zo opzij wordt gezet.' Toen was men gefixeerd op de boze man of vrouw, nu hebben deels dezelfde politici, commentatoren en journalisten het er niet meer over. Ze lijken alweer te zijn afgestapt van wat wél een belangrijk besef was: ook deze ontevredenen behoren tot de basis van de EU en hun onvrede moet serieus worden genomen.

Natuurlijk mogen we blij zijn dat de PVV niet de grootste is geworden bij de Nederlandse verkiezingen en dat Macron in het Elysée zit en niet Le Pen. Maar er kan niet worden teruggekeerd naar vroeger tijden, waarin de Europese eenwording zich voor het grootste deel buiten het zicht van de bevolking afspeelde en een Europese technocratie bepaalde wat goed voor ons was. Een zeker optimisme is mooi, maar de onvrede is nog lang niet weg. Dat in Frankrijk 40% van de stemmen ('popular vote') naar rechts- en linksradicale c.q. extremistische kandidaten ging in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen, is allesbehalve geruststellend en dit feit verdwijnt ook niet door Macrons overwinning.


TOMAHAWKS OP SYRIË, MAAR WAT NU VERDER?


USS Porter lanceert een Tomahawk kruisvluchtwapen

7-4-2017 - Op Assads bondgenoten na zullen velen de Amerikaanse aanval van 7 april 2017 op een Syrisch militair vliegveld kunnen billijken. De internationale gemeenschap vindt gifgas gebruiken onaanvaardbaar en die boodschap dringt nu misschien tot Damascus door: wanneer het weer gebeurt, kan Assad rekenen op een nieuwe tegenactie, en dan net even groter dan de zeer terughoudende Amerikaanse actie van vandaag.

Al moeten we wel hopen – wat heet – dat de Amerikanen hun inlichtingen op orde hebben en de weapons of mass destruction inderdaad bij Assad vandaan kwamen.

Maar hoe gaat het nu verder? Het zou niet de eerste keer zijn dat de VS slaapwandelend een avontuur aangaan. Zonder duidelijkheid te hebben over stap twee of drie, of een exit strategie. Donald Trump verzet zich al jaren, voor zijn doen heel consequent, tegen Amerikaanse interventie in andere landen om daar regime change af te dwingen – Irak, Libië, Syrië. Gaat de dynamiek van alledag daar nu alsnog verandering in brengen? Hopelijk niet.

Dat Assad niet deugt is bekend. Maar de alternatieven zijn ook niet bepaald aantrekkelijk. Het bekende lijstje van oppositiegroepen tegen Assad nog maar eens nalopen.

IS: commentaar overbodig.

Andere jihadistische groepen: ook geen verbetering.

Pro-Turkse (jihadistische) groepen: Erdogan in plaats van Assad??

Koerden: de sterkste niet-jihadistische opposanten, maar ambiëren geen hoofdrol in een Syrische nationale regering.

Gematigde c.q. democratische krachten: een minderheid.

Wanneer in de berichtgeving over Syrië van 'de rebellen' wordt gesproken, worden gemakshalve de democraten en degenen die 9/11 toejuichen bij elkaar geveegd, maar de strijd gaat daar niet tussen de good guys van de oppositie en de bad guys van Assad. Er zijn meer bad guys in dat land dan je de bevolking toewenst. Alleen grootschalige buitenlandse interventie zou een einde aan het Assad-regime kunnen maken, maar daar begint niemand aan, alleen al omdat er dan altijd nog een land in conflict zou overblijven waar de orde tien, twintig jaar of nog langer van buitenaf overeind gehouden zou moeten worden. De voormalig Nederlands zaakgelastigde voor Syrie Nicolaos van Dam bepleit daarom al sinds het begin van de burgeroorlog onderhandelingen met Assad. Zie: Nicolaos van Dam, Destroying a Nation. The Civil War in Syria, Londen 2017.

In de mediareacties op de Amerikaanse Tomahawkaanval is sprake van Trumps onberekenbaarheid voor en na. De Volkskrant noemt hem 'triggerhappy'. Ik denk dat deze commentatoren zich in dit geval zwaar misrekenen, dat het besluit tot deze actie in Washington in grote consensus is genomen en allesbehalve een persoonlijke impuls van Trump was. Het is er eerder een bewijs voor dat het Amerikaanse systeem nog werkt.


ERDOGANS AMBITIES
10-3-2017/26-3-2017 - De Nederlandse democratie, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst gelden voor alle Nederlandse burgers, welke afkomst of achtergrond ze ook hebben. Maar ze zijn geen recht voor buitenlandse politieke leiders die de strijd uit hun land hier willen importeren of zich hier in de Nederlandse verhoudingen willen mengen. Buitenlandse regeringen die iets in Nederland willen, kunnen dat vragen bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Wanneer in de wet wat anders staat, moet die onverwijld worden gewijzigd. Voornoemde rechten gelden evenmin voor bijvoorbeeld buitenlandse imams, wanneer die ons land schaden. Nauw hiermee verbonden is de kwestie van buitenlandse financiering: hoe sneller er een einde komt aan extern geld voor politieke partijen en religieuze organisaties hoe beter.

De pogingen van het Erdoganregime om in Nederland en andere Europese landen politiek te bedrijven zijn onderdeel van een algemenere houding op het internationale toneel. Doel van de Turkse regering is te kijken hoe ver ze kan gaan in het opleggen van haar wil aan anderen, onder het motto 'brutalen hebben de halve wereld'. Er zal duidelijk gemaakt moeten worden dat Nederland en Europa niet in die helft van de wereld liggen.

14-3-2017 - Tussen alle geroep van Erdogan door, werd duidelijk waar het hem werkelijk om gaat in het conflict met Nederland. De NOS meldde op 14 maart: 'De Turkse president zei verder dat Europa moeilijk doet, omdat landen in Europa het niet kunnen hebben dat Turkije machtiger wordt.' Erdogan wil tegenover Europa en zijn buurlanden meer macht en schuwt daar weinig middelen voor. Eerder op de dag had hij het erover dat Nederland aan 'de Turkse eisen' dient te voldoen. Wie denkt dat het hier gaat om voorbijgaande verkiezingsretoriek of praatjes voor binnenlands gebruik, vergist zich deerlijk.

Turkije probeert op agressieve wijze dominanter te worden in de internationale verhoudingen ten koste van anderen en weerstand hiertegen zal nog lang nodig zijn.

26-3-2017 - Of zoals Erdogans trouwe adviseur Yigit Bulut (zeg maar de Turkse Steve Bannon) verklaarde: 'Het is gedaan met Europa. Het grote Turkse Rijk komt eraan.' (de Volkskrant, 25-3-2017). Of Turkije nog thuis hoort in de NAVO is de vraag. Volgens Bulut niet: 'De regeringen van de Balkanlanden zijn te bang voor Duitsland om de waarheid te zeggen. Maar weest verheugd beste vrienden, de volkeren daar hebben de koppen al bijelkaar gestoken om te bedenken hoe ze op de een of andere manier door Istanbul kunnen worden geregeerd...' Het zit dicht bij de aankondiging van openlijke agressie tegen NAVO-bondgenoten.

Voorstel
26-3-2017 - Griekenland is een van de weinige Europese landen die zich aan de NAVO-normen houden. Het besteedt er twee procent van zijn schamele budget aan. En dit terwijl het land diep in de schulden zit. Laat een aantal Europese landen gezamenlijk de defensiekosten van Griekenland voor zijn rekening nemen (en verhogen), waardoor er geld in het land zelf vrij komt voor andere nijpende zaken. Zo worden twee vliegen in een klap geslagen: een meer tegemoetkomende houding tegenover een land in nood, en een dringend noodzakelijke versterking van onze bescherming in Zuid-Oost Europa.


HET LANDSBELANG
17-2-2017 - Toen Mark Rutte afgelopen najaar het landsbelang aanriep in de discussie over het Oekraïnereferendum was de reactie: 'Grote woorden'. Toch is deze al bijna vergeten term weer volop actueel, in en buiten Nederland. Het laatste incident dat dit duidelijk maakt, is het ontslag van Michael Flynn, de nationale veiligheidsadviseur (!) van het Witte Huis. Met zijn illegale overleg met de Russische ambassadeur handelde hij in strijd met het Amerikaanse landsbelang en vertoonde hij, vooral ook gezien de inhoud van zijn contacten, landsverraderlijke trekjes. Terwijl de president van de Verenigde Staten Barack Obama sancties afkondigde omdat Moskou had geprobeerd de Amerikaanse verkiezingen te ontregelen, besprak Flynn immers in het geheim de opheffing van die sancties. Landverraad, ook zo'n woord waarvan we dachten dat het tot een ver verleden behoorde.

Waarom Flynn, en mogelijk anderen uit het Trumpkamp, zich precies met Moskou encanailleerden, zal nog moeten blijken. Maar hier alvast een voorzet. Trump en de zijnen koesteren een zodanige haat tegen Obama en Clinton en tegen het landsbestuur in Washington in het algemeen, dat ze in de strijd daartegen bereid zijn met iedereen samen te werken. Tegen 'Washington' is letterlijk alles geoorloofd. In het land of zijn bewoners zijn ze niet geinteresseerd: wie 200.000 dollar lidmaatschapsgeld betaalt, mag in Trumps vakantieresort op de foto met de man die de tas draagt met de codes voor de Amerikaanse atoommacht. Narcistische onverschilligheid, hoogmoedswaanzin, zakelijke overwegingen en agressieve willekeur vormen hier een gevaarlijke mix. De tijd waarin in het Witte Huis 'de president van alle Amerikanen' zetelde, is voor hen voorbij. Wat ooit begon als - soms terechte - kritiek op 'Washington' is ontaard in een aanval op de nationale instituties en de Verenigde Staten zelf.

Ook aan onze kant van de Atlantische Oceaan loopt kritiek op de 'gevestigde orde' soms wel erg gemakkelijk over in vijandig pacteren met een buitenlandse macht. Radicaal rechts in diverse Europese landen flirt met Poetin. Zo heeft Wilders' vriendin, Marine Le Pen van Front National, zich financieel afhankelijk gemaakt van Moskou.

Dat partijen binnen onze landen op eigen houtje betrekkingen aangaan met een macht die ons niet goed gezind is, is op zijn zachtst gezegd bedenkelijk. Ook kwalijk is trouwens dat opiniemakers deze lieden vaak als patriotten aanduiden.

Zie ook Raam op Rusland


HET WEERBARE MIDDEN
30-1-2017 - Op weg naar de Tweede Kamerverkiezingen beginnen de omtrekken van een soort linkse samenwerking te ontstaan. Veel meer zal het waarschijnlijk niet worden, maar de vraag is ook of dat moet. Scherpe scheidslijnen tussen links en rechts geven houvast, maar er staan teveel nadelen tegenover. Voor je het weet zijn er inderdaad maar twee opties over - bijvoorbeeld door samenwerking met de VVD uit te sluiten: een links blok of een rechts blok. In Denemarken kampen ze al lang met zulke 'blokvorming'. Rechts en links sluiten elkaar uit met als belangrijk gevolg dat er nu twaalf jaar een rechts minderheidskabinet heeft geregeerd dat gedoogsteun van de populistische Deense Volkspartij nodig heeft. Tussendoor regeerde links vier jaar. In Kopenhagen wordt naarstig geprobeerd deze tweedeling te doorbreken, maar anders dan in de televisieserie Borgen lukt dat nog niet erg.

Een vergelijkbare blokvorming in Nederland zou rechtse partijen drijven naar samenwerking met de PVV, die heel wat minder matig is dan de Deense Volkspartij.

Een regering van de traditioneel linkse partijen PvdA, GroenLinks en SP ligt niet bepaald om de hoek. Er is trouwens sinds 1945 nog nooit een linkse meerderheid geweest. Daarom wordt gehoopt op een coalitie van links met D66 en CDA. Maar het CDA zal zoiets alleen doen wanneer het zelf groot is, en dan treedt regel 1 in werking: de gevoelsmatige voorkeur in het CDA ligt bij een centrumrechtse regering. Niettemin is links met CDA en D66 denkbaar.

Ware het niet dat er nog een urgente kwestie is. In een bedreigende wereld zijn weerbare buitenlandse politiek en verbetering van de defensie hoge prioriteiten. Wat mij betreft mag centrum-links de economische liberalisering een eind terugdringen, ook al omdat het goed is voor de sociale cohesie die we komende jaren nog heel hard nodig zullen hebben. Maar wat betekent de internationale situatie voor de coalitievorming? De SP wil bezuinigen op defensie en wil een 'slanke, hoogwaardige krijgsmacht' die zich beperkt tot 'vredestaken'. Dat gaat niet lukken, want de hoofdtaak van defensie is nu ons grondgebied en dat van onze bondgenoten te verdedigen. GroenLinks zegt in zijn verkiezingsprogramma dat Nederland niet mag wegkijken van de conflicten in de wereld en moet samenwerken tegen terrorisme. Wat defensie betreft pleit het voor samenwerking en specialisatie tussen de EU-landen. Wat dit inhoudt blijft vaag, maar financieel wil GroenLinks op de nullijn blijven.

Samenwerking en specialisatie zijn nodig, maar wel omgekeerd: met aanzienlijk meer investeren in de eigen defensie als basis voor die samenwerking. Zelfs D66, de EU-partij bij uitstek, legt zich vast op een moderne Nederlandse defensie met een budget dat in stappen groeit naar de NAVO-afspraken. Het wordt de hoogste tijd dat het weerbare midden een coalitie vormt en nu eens echt de leiding neemt.

Clingendael-onderzoeker Dick Zandee bracht de partijstandpunten over defensie in kaart. Lees verder...


GEERT WILDERS IS ZELF DE GODWIN
21-2-2017 - Een spook waart door Europa. Het is het spook van het rechtsextremisme. Slechts een paar dagen nadat een van de leidende figuren van Alternative fur Deutschland (AfD) het holocaustmonument in Berlijn een 'monument van de schande' had genoemd, was Geert Wilders in de mooie Duitse stad Koblenz op bezoek bij diezelfde AfD voor een 'Europese top'. Om misverstanden te voorkomen: de 100% antisemiet van de AfD bedoelde met die schandvlek niet dat Duitsland de grootste misdaad in de menselijke geschiedenis heeft veroorzaakt met de industriële moord op zes miljoen Joden, hij vond het kwalijk dat het monument aan dit feit herinnert, en aan al die miljoenen slachtoffers. Dat vond spreker niet patriottisch. Maar verontwaardigd doen wanneer critici overeenkomsten tussen het rechtsextremisme en het nazisme bespeuren.

Het grootste politieke probleem van vandaag is dat teveel mensen een gebrek aan voorstellingsvermogen hebben. Wanneer Wilders, notabene tijdens de algemene beschouwingen in de Tweede Kamer, zegt dat alle moskeeën met politiegeweld moeten worden gesloten en alle Korans uit de huizen van gelovigen moeten worden gehaald, is de neiging te denken 'hij bedoelt het niet zo'. Veel verstandiger is te veronderstellen dat hij zich nog inhoudt omdat de wet grenzen stelt. En er voor de zekerheid toch maar vanuit te gaan dat hij het echt zou doen wanneer hij de kans kreeg. 'Meent hij het wel/meent hij het niet' is hier een bijzonder onverantwoord spelletje. Wanneer we ons moeten voorstellen wat Wilders bedoelt met zijn verhalen over moskeeën en Korans, lijkt dat helaas het meeste op de Kristallnacht. Wilders is zelf de godwin.

Binnenkort: de term populisme suggereert een eenvormigheid die er niet is. De verschillen tussen rechtsextremisme en wat ik volksconservatisme noem lijken soms klein, maar zijn essentieel. Zo zijn de PVV en het Vlaams Belang heel wat extremistischer dan de Vlaamse NVA of de Deense Volkspartij.


JOHN MCCAIN: ELKE DAG EEN GLAASJE ETHANOL
16-1-2017 – Nu halve psychopaten als de baas van de haatwebsite Breitbart tot de allernaaste medewerkers van de nieuwe Amerikaanse president gaan behoren, wordt de vraag: bestaat de Republikeinse Partij nog wel? Of wordt ze een willoos verlengstuk van het Witte Huis? Ook voor niet-Republikeinen en voor de rest van de wereld is die vraag van het grootste belang. Voorlopig is het helaas van secundaire betekenis hoe het met de Democratische Partij gaat. Die kan op dit moment parlementair gezien alleen nog iets bereiken in samenwerking met een deel van de Republikeinen in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat.

De recente geschiedenis geeft wat dat betreft weinig hoop, maar er zijn lichtjes in de duisternis. Senator John McCain – in 2008 nog Obama's tegenstrever bij de presidentsverkiezingen – neemt sinds jaar en dag een onafhankelijke positie binnen de Republikeinse Partij in als dat zo uitkomt. Hij is al vele jaren voorstander van een nieuw klimaatbeleid, maar is als ex-militair tegelijk en fervent woordvoerder van de strijdkrachten. Wanneer het om de Amerikaanse relatie met Europa gaat, heeft hij een smetteloze c.v. McCain is ook in de meest gepolariseerde sfeer op Capitol Hill blijven samenwerken met de Democraten wanneer hij in de juistheid daarvan geloofde. Hij laat zich op de eerste plaats door zijn overtuigingen leiden en pas op de tweede plaats door gekuip en partijbelang. Hij is een van degenen van wie verwacht kan worden dat hij Donald Trump tegenspreekt.

Een voorbeeldje van McCains hekel aan liegen zal alle kenners van de Amerikaanse verkiezingen en liefhebbers van de televisieserie The West Wing aanspreken. Zij weten dat Iowa de eerste staat is in de voorverkiezingen en winst daar veel betekent voor het succes van de kandidaten. De maïsboeren produceren er gigantische hoeveelheden ethanol – o.a. als brandstof – en krijgen daar miljardensubsidies voor. Vrijwel iedereen vindt deze subsidies onzin, maar de presidentskandidaat die ze niet toejuicht kan het in Iowa zo goed als vergeten. Ook Obama ging onder het juk door. Maar John McCain verklaarde tijdens zijn campagne in Iowa: 'Ik drink elke ochtend een glas ethanol voor het ontbijt.'


SEKS IN MOSKOU
Ooit kon ook een Nederlandse aanstaand-minister van Defensie de Moskouse verleidingen niet weerstaan. Voormalig Moskou-correspondent Raymond van den Boogaard doet een boekje open. Lees verder...


HET ANDERE AMERIKA
15-1-2017 -Toen Hillary Clinton met een ruime meerderheid van de popular vote de Amerikaanse verkiezingen won, maar ze toch verloor omdat de meerderheden per staat doorslaggevend zijn, was er veel commentaar op het merkwaardige Amerikaanse kiessysteem. De neiging om nu een algemeenheid te laten vallen is moeilijk te bedwingen: niet de ratio maar de geschiedenis is bepalend.

Historicus Gordon S. Wood is een van de belangrijkste kenners van de Amerikaanse revolutie en de vroege Republiek (zeg maar 1760-1820). In zijn boek The idea of America: Reflections on the Birth of the United States* legt hij uit dat het politieke systeem van de Verenigde Staten vanaf het eerste begin gebaseerd is op wantrouwen tegenover Washington (en voor 1800 Philadelphia). Wood is, voor de goede orde, geen Republikein. De tegenstelling tussen de bevolking en Washington en tussen de staten en de federale overheid is er altijd geweest en heeft altijd een soort principieel karakter gehad. Het thema keert tussen haakjes al meer dan twee eeuwen terug bij de presidentsverkiezingen, met als meer recente voorbeelden de campagnes van Richard Nixon, Ronald Reagan en Bill Clinton. In dit licht is het Amerikaanse kiessysteem veel minder onlogisch dan het op het eerste gezicht lijkt: de afzonderlijke staten houden vast aan een grote mate van zelfstandigheid en daarin past ook dat zij als staat een standpunt innemen over het presidentschap. Zeker vanuit de huidige Europese verhoudingen, waarin maar weinigen uitkijken naar een federalistische EU-structuur, is dat wel na te volgen.

* Wood's boek is uit 2011 maar is een heruitgave van oudere teksten.


2017 WORDT HET JAAR VAN DE GEWONE M/V - VAN ONS DUS
1-1-2017 - Met 'de gewone man' wordt tegenwoordig het gedeelte van de bevolking bedoeld dat de gevestigde politiek afwijst en op Geert Wilders of een aanverwante splinterpartij wil stemmen. Wie daar niet toe behoort is elite. De obsessie waarmee ook een deel van de pers deze redenering volgt is stuitend. Allereerst omdat hiermee een frame aan het publiek wordt opgedrongen dat schade berokkent aan het politieke proces in Nederland. Maar vooral omdat de overgrote meerderheid van gewone mannen en vrouwen die er anders over denkt zo opzij wordt gezet.

Belangrijke politieke kwesties in de komende verkiezingen zijn Europa en immigratie. Reële problemen, maar voorlopig staan de meeste mensen niet te trappelen om daarvoor op Wilders en de zijnen te stemmen. Toch beweert een commentator op 1 januari 2017 op Radio 1 doodleuk dat volgens de peilingen een derde PVV wil kiezen. Dat is kletskoek. Veranderingen zijn altijd mogelijk, maar volgens de diverse peilingen haalt de PVV nu virtueel tussen de 29 en 36 zetels in de Tweede Kamer. Dat is veel, maar het is tussen de 20 en 23 procent van de stemmen. Zelfs in dat sombere scenario stemt meer dan driekwart op anderen, die Wilders meestal nadrukkelijk afwijzen. Wanneer we Wilders zelf en sommige paniekerige journalisten moeten geloven, behoort die driekwart gewone mannen en vrouwen eigenlijk al tot de elite die het niet goed begrepen heeft.

DRIEKWART VAN HET ELECTORAAT BEHOORT TOT 'DE ELITE'...

In en buiten Europa zijn vele ontwikkelingen waar je niet vrolijk van wordt, maar je kunt overdrijven. Dat Duitsland nu een rechts-extreme partij met invloed heeft, is ook zo'n paniekgeval. Van de weeromstuit wordt er gedaan alsof de Duitse democratie op wankelen staat. Alternative für Deutschland (AfD) schommelt in alle peilingen al een jaar tussen de 10 en 13 procent. Ook door Trumps overwinning en de aanslag in Berlijn is dat niet veranderd. De regeringspartijen CDU en SPD hebben daarentegen sinds lang samen een stabiele meerderheid boven de 50 procent. Al zou de AfD bij de verkiezingen van komend najaar verder groeien, de kans dat dit invloed op de regeringsvorming krijgt, is minimaal. De AfD wordt een van de kleine tot middelgrote oppositiepartijen. Dat is even schrikken, gezien de Duitse geschiedenis, maar zo opzienbarend is het nu ook weer niet.

De media staan minder buiten alle verwarring dan we graag zouden willen. Veel journalisten en beschouwers zijn net zo gedesoriënteerd als anderen. Zo wist eerst bijna de hele pers - naar eigen zeggen - zeker dat er tegen een Brexit en voor Hillary Clinton zou worden gestemd. Nu het anders is gelopen, zien velen van de weeromstuit de gewone boze man alles bepalen. Toch lagen de percentages in de Britse en Amerikaanse peilingen vooraf niet zo ver uit elkaar en waren er al eerder momenten waarop de Brexit respectievelijk Trump in de peilingen op een meerderheid stonden. En elke journalist kan weten dat peilingen een indicatie geven, maar nooit zaligmakend zijn geweest. Zelfs in het kalme vaarwater van recente Nederlandse parlementsverkiezingen (2010) hebben we meegemaakt dat een andere partij de grootste werd dan de exit-polls nog voorspelden (die verwachtten dat niet de VVD maar de PvdA het grootst zou worden).

Slecht nieuws is dat in het Nederland van 2017 een partij ook met nog geen kwart van de stemmen de grootste kan zijn, zoals met de PVV zou kunnen gebeuren. Al moeten we ook dat eerst nog maar eens zien. Maar wanneer Wilders premier wordt, al was het met een derde van de stemmen, dan is dat een bewijs van onverantwoordelijkheid bij de andere partijen:

Geen enkele democraat is gehouden mee te werken aan het aan de macht komen van iemand die de democratie gaat afbreken.


HET WAS OOIT ANDERS IN DE ISLAMITISCHE WERELD
8-12-2016 - Van zekere kant wordt beweerd dat de islam van nature gewelddadig is. Zoiets kan alleen iemand zeggen met een wereldbeeld zo plat als een stuiver die onder de tram gelegen heeft. In zo'n manier van denken zijn de selectieve indrukken van vandaag maatstaf voor alle dingen. Wat langer geleden is dan een dag, bestaat niet.

Nog in de jaren zeventig kon je zonder enig probleem vanuit West-Europa liftend over land naar India reizen, en massa´s jongeren deden dat ook. Ze trokken door Turkije, Syrië, Irak, Iran, Afghanistan en Pakistan. Allemaal overwegend islamitische landen. Het was naar verhouding rustig in het Midden-Oosten, al waren er in 1967 en 1973 wel heftige maar kortdurende confrontaties van Syrie en Egypte met Israel. Een aantal landen in de regio werd geleid door wereldse regeringen en repressie heerste er zeker, maar die was zelden door de islam geïnspireerd en er ook niet primair tegen gericht.


(Populair pension voor backpackers in Teheran, afbeelding Hans Roodenburg 1967-1968)

Hetzelfde gold buiten deze route, in Egypte, Tunesië, Algerije en Marokko. Libië was een geval apart, omdat Khadaffi een eigen variant op de islam had bedacht van waaruit hij zogenaamd regeerde, maar daar zag de rest van de islamitische wereld niks in. Dan is er nog het grootste islamitische land ter wereld, Indonesië. Ondanks het feit dat de grote meerderheid van de bevolking er vanouds islamitisch is, heeft de islam zowel in de onafhankelijkheidsstrijd als in staatszaken onder de regeringen van Soekarno en Soeharto alleen zijdelings een rol gespeeld. Van de Tweede Wereldoorlog tot eind jaren zeventig leefde het grootste deel van de islamitische wereld, als het om de religie ging, meestal in vrede.

Dit veranderde toen in 1979 de Sjah van Perzië (Iran) omver werd geworpen. Ayatollah Khomeini slaagde erin de leiding over de omwenteling in handen te krijgen en een nieuw, fundamentalistisch regime te installeren. Iran begon het extremisme te exporteren. Aan het einde van datzelfde jaar viel de Sovjetunie Afghanistan binnen om islamitisch verzet tegen een kort daarvoor gevestigde communistische regering de kop in te drukken. In de jarenlange oorlog die volgde groeide ook daar het moslimfundamentalisme. De Sovjets werden verdreven en de Taliban kwam aan de macht. Door deze gebeurtenissen kreeg een gewelddadige stroming in de islam internationaal de wind mee.

Een bekend argument is ook dat de Koran oproept tot geweld. Maar de realiteit is dat de betekenis van religieuze boeken in de loop van de tijd verandert. Dit geldt zowel voor de Bijbel als voor de Koran. Tijdens de kruistochten gold vooral Jezus' kreet 'Ik ben het zwaard', nu wil het christendom vooral een leer van liefde zijn. Tijdens de Arabische veroveringsoorlogen in de Middeleeuwen werd er ook van die kant met het zwaard Gods gezwaaid, maar er zijn ook lange perioden geweest waarin de godsdiensten in de islamitische wereld vreedzaam naast elkaar leefden.

Degenen die op zoek gaan naar de meest letterlijke interpretatie van de Bijbel of de Koran om hem zo te bekritiseren, redeneren als fundamentalisten. Ze denken niet historisch en begrijpen daarom niet dat de gelovigen, de wijzen of de kerk zelf bepalen wat er in hun eigen heilige boeken staat.


HET IS DE ECONOMIE, HILLARY... EN NOG IETS
1-12-2016 - Terug naar het jaar 1991 en het begin van Bill Clintons eerste campagne voor het presidentschap. Clintons aankomende adviseur Stanley Greenberg 'dacht dat Clinton wel eens de Democraat zou kunnen zijn die kon slagen. Door zijn diepgaande betrokkenheid bij de kleine arme staat Arkansas had hij een natuurlijk en direct vermogen om mee te voelen met de man aan de lopende band, op de boerderij of in het koffiehuis, de gewone man die zich zorgen maakte over de economie.' Het is een citaat uit Bob Woodwards boek The Agenda (1994) over de Clintoncampagne.

Zell Miller, een vriend van Clinton en gouverneur van Georgia, zei toen over de Democratische partij: 'Al veel te lang hebben wij bij presidentsverkiezingen de nadruk gelegd op verkeerde dingen. We gingen liever het gevecht aan over sociale vraagstukken dan over economische vraagstukken die het dagelijks leven van Amerikaanse gezinnen bepalen.' Miller drong erop aan dat de partij zich minder zou richten op 'elitaire sociale vraagstukken zoals burgerrechten, gelijke rechten voor homo's, bidden op school, abortus en kunst, en dat zij zich weer zou richten op het “economisch populisme”.'

'Deze zogenaamde “middenklassekwesties” of “kwesties van de-economie-van-de-keukentafel” bepaalden, domineerden en vernietigden zelfs levens van hele gezinnen,' vond Clintons adviseur Paul Begala. 'Een goede baan, je kinderen een universitaire opleiding kunnen meegeven, betaalbare gezondheidszorg en een oude dag met financiële zekerheid, dat waren de dingen waar kiezers zich druk om maakten.' Woodward: 'Het was bijna letterlijk wat Clinton al die tijd al had verkondigd.' Op de nationale conventie van de Democratische Partij aanvaardde Clinton de kandidatuur voor het presidentschap 'in naam van de hardwerkende Amerikanen die onze vergeten middenklasse vormen.'

De absurde haatsfeer van 2016 ontbrak in de eerdere strijd tussen Bill Clinton en George Bush Sr., Clinton stond in 'sociale kwesties' aan de linkerkant en het gaat wat ver zijn campagne populistisch te noemen, maar verder zijn er toch opvallende overeenkomsten tussen zijn benadering, die hem het presidentschap bracht, en die van Donald Trump en Bernie Sanders. En minder tussen die van hem en Hillary.

Daar is wel een reden voor: Hillary Clinton stond meer dan hij voor het lastige probleem hoe in een gepolariseerd land zowel de oude arbeidersklasse als de minderheden en immigranten aan zich te binden die allebei vanouds tot de aanhang van de Democraten behoorden. Dat is maar matig gelukt. In de noordelijke industriestaten die naar Trump gingen, gaven witte (ex-)arbeiders in de exit polls als belangrijkste reden voor hun keuze voor Trump zijn immigratiestandpunt.

(De citaten zijn uit De Clan, de Nederlandse vertaling van Woodwards boek, p. 15-20, 47. Verschenen bij uitgeverij Balans.)

 

OBAMA'S SYRIË-POLITIEK WAS ZO SLECHT NIET
26-11-2016 - Barack Obama heeft steeds geweigerd grootschalig militair in te grijpen in Syrië. Terecht. De kans dat het er door interventie alleen maar erger op werd was levensgroot, zoals de welbekende ervaringen uit Irak en Libië leerden.

Niet een van de strijdende partijen in de Syrische burgeroorlog lijkt een meerderheid van de bevolking te vertegenwoordigen. De regering van Assad heeft zijn eigen achterban maar kan alleen de overhand krijgen met hulp van de Russen, IS kwam van over de Iraakse grens en steunt grotendeels op buitenlanders, de Koerden strijden tegen wie hun autonomie bedreigt, allerlei moslim-terroristische en fundamentalistische groepjes hebben hun eigen legertjes namens niemand en er is het Vrije Syrische Leger, dat de minderheid van gematigde krachten vertegenwoordigt. Met gematigd wordt dan meestal bedoeld: min of meer werelds en democratisch. Het feit dat in landen als Syrië en Egypte een heel groot deel van de bevolking niet bestaat uit moderne, met een iPhone zwaaiende middenklasse-opstandelingen, maar uit bedaagde conservatieve moslims (die ook iPhones hebben), gaat er bij ons in het Westen nog steeds moeilijk in. Zij zijn in Syrië degenen die de strijd veelal ondergaan en als het kan proberen weg te komen.

De Verenigde Staten en een aantal Europese landen hebben zich vooral verbonden met het Vrije Syrische Leger. Tijdens de zogeheten Arabische Lente van 2011 ontstond even de verwachting dat Assad, net als Khadaffi in Libië en Mubarak in Egypte, gemakkelijk omvergeworpen kon worden. Dat Mubarak het jaar daarop al vervangen zou worden door zijn evenknie Al Sisi was toen nog onbekend. Na de interventie in Libië van 2011 hoopte de gematigde Syrische oppositie op vergelijkbaar westers ingrijpen. Zonder zulke steun was ze niet in staat Assad te verdrijven, dat was al duidelijk voor de Russen intervenieerden. Nu, na ruim vijf jaar burgeroorlog, is IS op de terugtocht, mengen de Koerden zich niet teveel in de strijd tegen Assad, kunnen de jihadisten en de vrije groepen zelfs samen geen doorbraak tegen Assad forceren en is Assad met Russische hulp in het offensief.

De oppositie zegt ook al vijf jaar dat Assad weg moet, maar is dus niet in staat hem weg te krijgen. En om dat laatste gaat het. Hoe verwerpelijk het regime ook is, lege woorden die eisen worden genoemd, helpen niet. Ook het Westen verklaart gewoonlijk dat Assad moet verdwijnen, maar ook dat is grotendeels symboolpolitiek nu het - terecht - niet bereid is massaal militair in te grijpen om een dergelijke regime change af te dwingen.

Anders dan wij in het Westen graag willen, gaat de oorlog in Syrië nauwelijks (meer) over democratie, hij gaat over soennieten versus sjiieten, over de positie van binnenlandse minderheden als Koerden, Alevieten en Christenen, over de onderlinge verhoudingen tussen de grootmachten (waaronder dus Rusland, dat de situatie gebruikt om zijn positie in het Midden-Oosten te versterken, en ook China, dat Assad passief steunt) en over de positie van nabijgelegen landen als Turkije en Iran.

Op dit moment praten de Verenigde Staten en Rusland nauwelijks nog. We moeten hopen dat dit verandert en er alsnog snel een einde aan de Syrische burgeroorlog komt. Anders komt het erop neer dat de burgeroorlog moet 'uitwoeden', zoals onze Nederlandse verslaggevers ter plaatse al maanden geleden op het televisienieuws hebben verklaard. Kan zijn. Maar dan gaan er nog vele doden vallen, blijft een overwinning van gematigde krachten op het slagveld even onwaarschijnlijk en is de kans groot dat Assad met Russische hulp wint.

Er bestaan nog wel enkele andere mogelijkheden. De ene is dat Turkije grootschalig intervenieert in Syrië. Maar een repressieve soennitische islamist als Erdogan lijkt niet echt een aantrekkelijk alternatief voor Assad. De andere is dat de jihadistische oppositiegroepen versterkt worden met ex-IS-ers en Assad alsnog terug weten te dringen. Ook dan zijn we nog verder van huis.

P.S. En de rode lijn dan? Obama heeft verklaard dat hij zijn standpunt over Syrië zou veranderen wanneer Assad een rode lijn over zou gaan: het gebruik van chemische wapens. Toen Assad ze gebruikte greep Obama niet in. Wel leverde Assad onder druk van de internationale gemeenschap en Obama's dreigement (het grootste deel van?) zijn chemische wapens in bij de VN. Ze werden vernietigd op de Middellandse Zee. De gewone burger mag zich laten meeslepen door verontwaardiging, de leider van een grootmacht niet. Soms getuigt het van meer moed zich niet een oorlog in te laten sleuren.


DOOR GEVAARLIJKE GEKKEN OMRINGD
22-11-2016 - Het is ongelofelijk, maar zo langzamerhand moet Europa er rekening mee houden dat de Verenigde Staten van trouwste bondgenoot tot vijand kunnen worden. Aangezien er ook aan Russische en Turkse kant nationalistische autocraten met ambities over de grenzen zijn opgestaan, krijgt W.F. Hermans' oude boektitel Door gevaarlijke gekken omringd nieuwe geopolitieke dimensies. Ogenschijnlijke kleinigheden demonstreren hoe groot de dreiging van over de oceaan is. Donald Trump is van mening dat hij Groot-Brittannië – Amerika's belangrijkste bondgenoot sinds 1945 – een rechtsextremist als Nigel Farage als Brits ambassadeur in Washington kan opdringen. Hier zijn maar twee verklaringen voor: Trump denkt echt dat dit moet gebeuren en heeft dan gevaarlijke opvattingen die hij met machtswellust en minachting voor een bevriend land wil doordrijven, of het is pesterij, waarmee hij zich ook een niet te vertrouwen bondgenoot toont. Dit soort willekeur hoeft zich maar op een wat grotere schaal te reproduceren of Trump wordt een rechtstreekse bedreiging voor Europa. We mogen hopen dat de gematigde vleugel van de Republikeinse Partij hem terug in zijn hok krijgt, maar verder kunnen wijzelf alleen maar streven naar het beste, en ons vooral ook voorbereiden op het slechtste.


MAAR ÉÉN GALLISCH DORPJE…



21-11-2016 - Het Kremlin vraagt om uitleg over een voorval dat rond 18 november 2016 plaats vond boven Zwitserland. Een Russisch regeringsvliegtuig was daar op weg naar de APEC-conferentie in Lima. Er is niet bekend gemaakt of ook Poetin aan boord was. Naast het toestel doken drie F-18 gevechtsvliegtuigen van de Zwitserse luchtmacht op. Ze volgden het Russische toestel tot dat het luchtruim weer verliet.

Alleen al in 2016 hebben Russische militaire vliegtuigen zo'n 600 keer moedwillig de verdediging van het luchtruim van andere Europese landen op de proef gesteld. Zo meldden zware bommenwerpers zich aan de grenzen van Groot-Brittannië en Nederland.

Boven Zwitserland ging het niet om een militair Russisch vliegtuig. Het lijkt er dan ook op dat de Zwitsers vooral een politieke boodschap hadden: hier maken alleen wij de dienst uit en wij laten niet met ons sollen.
Leve de Zwitsers!

Het bericht haalde de Nederlandse kranten niet.

(Zie The Independent, 19-11-2016. Een verslaggever van persbureau Reuters maakte foto's van het voorval vanuit het Russische vliegtuig.)


MEERDERHEID-MINDERHEID
Voor de meeste revoluties, omwentelingen en verkiezingsuitslagen geldt: tegenover de massa's die vanwege hun overwinning juichend over straat gaan – zij worden vaak 'het volk' genoemd – staan massa's die thuis zitten te kniezen. En vaak vormen deze thuiszitters een bijna even groot gedeelte van de bevolking of zelfs de meerderheid. Overwinnaars die daar geen oog voor hebben, krijgen vroeg of laat de rekening gepresenteerd.


OORLOG EN VREDE __________________________________________

15 JAAR NA 9/11: ESCAPISME MAG
Toen Frans Afman, de bestuursvoorzitter van het Nederlands Filmfestival in Utrecht, acht dagen na 9/11 het festival opende met verwijzing naar 'de strijd voor het behoud van vrijheid en democratie' die Amerika voerde, wekten zijn emoties eigenlijk vooral bevreemding bij de aanwezigen.
Lees verder...


BERT HAANSTRA: GEEN (S)PIONNETJE VOOR HET OOSTBLOK
Haanstra's films waren tijdens de Koude Oorlog ook in Oost-Europa populair. In zijn contacten met het oosten verklaarde hij zich een groot voorstander van de uitwisseling van filmers en kunstenaars, 'maar ik wil niet de kans lopen als een (klein) (s)pionnetje te dienen.' Lees verder...


WANDADEN VAN DE WEHRMACHT IN OOST-EUROPA
De Duitse Wehrmacht liet zich gebruiken als instrument voor Hitlers rassenpolitiek. Lees Verbrecherischen Befehle


PROPAGANDAFILMS UIT DE TWEEDE WERELDOORLOG
Het Internationaal Documentaire Festival Amsterdam wijdde ooit een programma aan propagandafilms uit de Tweede Wereldoorlog. Lees verder...


DE WEG NAAR DE AFGROND - ERNST JÜNGER EN DUITSLAND
Een conservatieve Duitse officier werd na de Tweede Wereldoorlog symbool van verzoening tussen Frankrijk en Duitsland. Lees verder...


PARIJS NA DE BEVRIJDING
De Britse historicus Antony Beevor heeft terecht veel aandacht en veel lezers getrokken met zijn boeken over de Slag bij Stalingrad en de ondergang van Berlijn in 1945. Zijn Nederlandse uitgever heeft daarna ook een boek van hem uit 1994 in vertaling uitgebracht: Parijs na de bevrijding. Bedoeld wordt de bevrijding van Parijs in 1944, tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog. Opnieuw een bijzonder lezenswaardig boek. Lees verder…


DE TWEEDE WERELDOORLOG ALS SPIEGELPALEIS
De visie die schrijver W.F. Hermans in zijn roman De donkere kamer van Damokles op de Tweede Wereldoorlog geeft, drukte enkele decennia lang zijn stempel op de Nederlandse films over de oorlog. Lees verder...


OVER HET ONTSTAAN VAN DE SPAANSE BURGEROORLOG (1936-1939)
Een andere analyse van de oorzaken van de Spaanse Burgeroorlog.
Lees verder in Euforie en ontnuchtering

Meer over dit onderwerp op de Startpagina Spaanse Burgeroorlog


ÉMILE ZOLA: JOURNALIST IN OORLOGSTIJD
De Franse schrijver Émile Zola werd behalve van zijn romans bekend door zijn stellingname in de Dreyfuss-affaire. In tijd van oorlog werkte hij ook als verslaggever. Lees verder...


ARISTOCRATEN, YVERAARS EN SLIJMGASTEN - IN TIEN STAPPEN DOOR DE FRANSE TIJD (1794-1815)

Lees hier het gratis online boekje door Hans Schoots.

Een overzicht van de Franse Tijd in Nederland in tien hoofdstukken - oorspronkelijk artikelen in Historisch Nieuwsblad. Op basis van de actuele literatuur, aangevuld met links naar andere gratis boeken online en radioprogramma's.

______________________________________________

MODERNE KUNST EN DE IDEOLOGIEËN VAN DE 20STE EEUW

In twee recente boeken over kunstgeschiedenis wordt de relatie tussen het modernisme in de beeldende kunsten en de politieke ideologieën van de twintigste eeuw aan de orde gesteld. In The Liberation of painting. Modernism and Anarchism in Avant Guerre Paris stelt de Amerikaanse Patricia Leighten dat de moderne kunst van voor de Eerste Wereldoorlog sterk werd beïnvloed door het anarchisme. In Kunstenaars van de Kultuurkamer concludeert de Nederlandse Claartje Wesselink dat de Nederlandse kunstwereld, met Stedelijk Museumdirecteur Willem Sandberg voorop, er na de Tweede Wereldoorlog toe neigde realistische kunst als moreel 'fout' te beschouwen en abstracte kunst als 'goed'.

Dan had Willem Sandberg daarin ongelijk. In Nederland was de meest vooraanstaande kunstenaar in het verzet tegen bezetting en antisemitisme de welhaast classicistische beeldhouwer Gerrit Jan van der Veen, terwijl modernistische kunstenaars zich wereldwijd wisten te verbinden met alle grote ideologieën van de eeuw: het kapitalisme, het communisme, het fascisme, het nazisme en inderdaad ook het anarchisme. Omgekeerd wisten al deze denkrichtingen en maatschappijen het modernisme te incorporeren. Ook het nazisme, waarvan wel de foto's van Hitler boven de maquettes van een classicistisch nieuw centrum van Berlijn bekend zijn, maar niet het feit dat de meeste utiliteitsbouw in nazi-Duitsland modernistisch was. Uitgesproken modernistische filmmakers als Leni Riefenstahl en Walter Ruttmann waren er prominenten.

Het artikel 'The avant-garde's adaptability to the ideologies of the 20th century' gaat uitvoerig op deze kwesties in, met de avant-gardefilm als uitgangspunt, maar een blik op de maatschappelijke positie van de hele moderne kunst in de eerste helft van de twintigste eeuw. Lees verder…



Alle teksten op deze site © Hans Schoots

Ontwerp en websitebouw: Rob Zeeman, Amsterdam
Redactie en websitebeheer: Hans Schoots

Foto's in de menubalk boven v.l.n.r.: De Newyorkse gangsterbaas Abe Reles doodgeschoten / Architect Mies van der Rohe in Chicago (r.) / Communistenleider Paul de Groot / Hitlers favoriete filmregisseur Leni Riefenstahl