VERDERE REACTIES OP MAOISTISCHE MEMOIRES


ZONDAG 9 SEPTEMBER 2018 BESPROKEN IN OVT RADIO 1

'We waren kinderen op leeftijd met het hart vol van de nieuwe maoistische genade, verdwaald in een verlate arbeideristische versie van de jaren zestig. Schoots heeft onze speelplaats een geschiedenis gegeven.'
Jos Palm in NRC Handelsblad, 14-4-2019.

'Rare jongens waren het. Historicus Hans Schoots was van 1971 tot 1982 actief in dit wereldje en blikt kritisch en met ingehouden humor terug op deze tijd.'
Rob Hartmans, Historisch Nieuwsblad, 11-2018.

'Schoots vergelijkt de scherpslijperijen, talrijke schisma's en vele afkortingen in het militante milieu met de richtingenstrijd onder gereformeerden. [Hij] levert met Maoistische memoires een geslaagde terugblik op zijn rode jaren af.'
Rudie Kagie, Argus, 13-11-2018.

'Schoots meldt in zijn boek Maoistische memoires veel historische wetenswaardigheden over deze politieke onderwereld.'
Roelof Bouwman, Elsevier Weekblad, 30-1-2019.

'Een boeiende geschiedschrijving in een toegankelijke schrijfstijl. De kritische beschouwing van de consequenties van dogmatisme en sektegedrag is leerzaam. Evenals de kritiek op het marxisme-leninisme en zijn ontaarding in communistische dwang- en moordsystemen.'
'Verrassend (en zeer herkenbaar) vind ik de archetypen van 'gedrevenheid': de extremist, de utopist en de radicale belangenbehartiger.'

Wouter ter Braake, woordvoerder Arbeidersmacht, Rotterdamse havenstaking 1970.

'Zijn analyses voor Nederland zijn goed onderbouwd en hij weet ze met respect, moed en tederheid te formuleren. Zijn belangrijkste conclusies gelden echter voor iedere vergelijkbare sectaire beweging van zuiveren, religieus of politiek, binnen en buiten Europa.'
Jan van Duppen, voormalig redacteur bij PVDA/PTB (België), voormalig parlementslid SP.A. Zie voor veel meer: dupslog

'Het boek van Hans Schoots over maoistische sektes in één ruk uitgelezen.'
Sjaak van der Velden, vakbondshistoricus (IISG), Twitter 4-9-2018.

UIT HET PERSBERICHT:
Het Nederlandse maoïsme was en is een marginaal verschijnsel, maar het liet in de jaren zestig en zeventig geregeld luidruchtig van zich horen. Het had bovendien echo's in de landspolitiek: de Socialistische Partij is van zuiver maoïstische komaf en GroenLinks werd acht jaar door voormalig maoïst Paul Rosenmöller geleid. In dit boek beschrijft Hans Schoots, met zijn eigen ervaringen als rode draad, op kritische wijze de geschiedenis van deze ondemocratische stroming vanuit de binnenkamers van de beweging zelf.
In zijn boek gaat hij onder meer in op de vraag waarom mensen maoïst werden. Eén factor was naar zijn mening karakterologisch: met name 'extremisten', 'gelovigen-utopisten' en 'radicale belangenbehartigers' werden lid. Velen verlieten de universiteit om onder de arbeiders te gaan werken. Maar terwijl het Nederlandse maoïsme uitgezonderd de Rode Jeugd het terrorisme afwees, was er ook opmerkelijke fascinatie voor geweld. Schoots heeft verder nieuws te melden over de rol van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (nu AIVD).

Hans Schoots (1950) is historicus. Hij is auteur van onder meer de kritische biografie van filmmaker Joris Ivens (in vier talen verschenen), de biografie Bert Haanstra Filmer van Nederland en Stromenland, de wereld rond de Westerschelde. Hij was vast medewerker van De Groene Amsterdammer, Vrij Nederland en Historisch Nieuwsblad. Na 1982 keerde hij zich volledig af van het communisme.

Voormalig maoïstisch stakingsleider Wouter ter Braake op het Gerrit Sterkmanplein in Rotterdam: 'Ik ben blij dat ik onbevangen 'ja' heb gezegd tegen je uitnodiging voor een interview.' (Foto Hans Schoots 2018)

Gerrit Sterkman (1901-1980) (CPH, CPN, MLCN, KEN-ml), metaalarbeider bij scheepswerf Wilton- Fijenoord en voorman in de buurtstrijd in het Rotterdamse Oude Westen, is de enige Nederlandse maoïst die officieel een plein naar zich vernoemd kreeg.


OPMERKINGEN VAN LEZERS BIJ MAOISTISCHE MEMOIRES
Ik ontving verheugend veel reacties van lezers op Maoistische memoires. Op een aantal daarvan ga hier uitvoeriger in. Lees verder...


DERADICALISERING: TIPS VAN JASON W. IN DE VOLKSKRANT
1-10-2018 - Of Jason W, voormalig lid van de Hofstadgroep, oprecht is of niet weet ik niet, maar dat hij veel nuttigs over deradicalisering te zeggen heeft, staat vast. Ik moet er bij zeggen dat Jason W een jihadstrijder is geweest van een specifieke soort en dat zijn deradicaliseringstraject niet voor elke jihadist geldt. In mijn recente boek Maoistische memoires heb ik onder de leden van voormalige extreem-linkse (maoïstische) organisaties drie typen onderscheiden: extremisten, gelovigen-utopisten en radicale belangenbehartigers. Elk mens is anders, maar in mijn waarneming zijn deze drie typen duidelijk te onderscheiden onder de mensen die door het maoïsme werden aangetrokken. De driedeling is mijns inziens ook hier bruikbaar.

Jason W is blijkens het interview met hem in de Volkskrant een 'gelovige-utopist' van het zuiverste water. Iemand die zich op zoek naar zingeving in de boeken verdiepte, maar vooral ook: iemand die langs dezelfde weg weer deradicaliseerde. Dat hij dit proces begrijpt, terwijl zelfs veel terrorisme- en radicalisme-experts dat niet doen, vind ik overtuigend. Hij zegt dat de deradicaliseringsprogramma's die her en der in de aanbieding zijn, geen enkel nut hebben. Daaraan moet worden toegevoegd: in ieder geval niet voor mensen als hij. De gelovige-utopist laat zich niet door tegenslag of druk van buiten van zijn overtuiging afbrengen. Zoals Jason W treffend zegt (radioprogramma Argos, 29-9-2018) vallen persoon en ideologie voor zo iemand volledig samen. Het is niet een meninkje dat je aflegt, je zult je zekerheden in zulke gevallen met des te grotere felheid tegenover de buitenwereld verdedigen. 'Het gaat om de waarheid,' zoals Jason W zegt.

Jason W's deradicalisering vind ik herkenbaar. De gelovige-utopist verandert naar aanleiding van eigen opkomende twijfels, misschien beginnend bij een klein aspect van de leer, gaat in die ideeënwereld met grote gedrevenheid op zoek naar een antwoord op de gerezen vraag, en van het een komt het ander. Hij weet, het bedrog eenmaal ontdekt, uitstekend uit te leggen wat er aan de leer mis was.

Maar er zijn ook andere jihadisten. Naast de gelovige-utopist zijn dat de extremist en de radicale belangenbehartiger, en achter de drie typen komen de meelopers. De radicale belangenbehartiger speelt voor het jihadisme in Nederland geen grote rol omdat je daarvoor in het openbaar actief moet kunnen zijn. Maar in organisaties als Hamas en zelfs IS in het Midden-Oosten zijn ze niet te onderschatten: dat de bevolking van de Gazastrook ooit voor Hamas koos, was grotendeels gevolg van de met overtuiging opgezette sociale hulpprogramma's.

Blijft over de extremist. Voor de extremist is de strijd geen middel om een ideaal te bereiken, hij is geen gelovige maar geniet van de extremiteit, de strijd zelf is het doel. Alleen al het rechtlijnig redeneren schept vreugde, vaak samengaand met een verlangen naar geweld. Het is een verwrongen manier van zelfexpressie. De veronderstelling ligt voor de hand dat figuren die van de harde criminaliteit c.q. het psychiatrische geweld overgaan naar de jihad geen utopisten zijn, maar hard core extremisten. Voor zulke lieden zou een op de persoon gericht alternatief er misschien voor kunnen zorgen dat ze de jihad de rug toe keren en inwisselen voor een andere, minder schadelijke, extremiteit. Maar laten we realistisch blijven: bij sommigen helpt niks.

Naast de drie basistypen die ik waarneem, zijn er andere factoren waardoor in de jaren zestig en zeventig linkse activisten maoïst werden. In Maoïstische memoires noem ik er acht, waarvan de meeste ook voor jihadisten gelden.