'ZIJ MAAKTEN PLANNEN VOOR OUDERWETS VERRAAD'
Joris Ivens en de communistische coup in Praag (1948)

In februari 1948 pleegden de communisten in Tsjechoslowakije een staatsgreep in opdracht van Stalin. Tsjechoslowakije was voor de Tweede Wereldoorlog een moderne industriestaat met een parlementaire democratie geweest. Anders dan in de meeste Oost-Europese landen bleef het meerpartijenstelsel er na de oorlog aanvankelijk grotendeels overeind, ondanks het feit dat het land in de invloedssfeer van de Sovjetunie lag.

Maar Stalin zag het met lede ogen aan en toen ministers van de 'burgerlijke' partijen in Praag aftraden vanwege het ontslag van een groot aantal niet-communistische hoofdcommissarissen van politie, werden er geen nieuwe verkiezingen uitgeschreven: communistische milities maakten de straten onveilig en onder deze dreiging benoemde de president een vrijwel volledig communistisch kabinet. Hiermee kwam het meerpartijenstelsel ten einde. De volgende democratische verkiezingen waren ruim veertig jaar later.

Foto: gewapende communistische militie bij de machtsovername van februari 1948. >

Het symbolische dieptepunt van de Praagse coup volgde op 10 maart 1948, toen de minister van buitenlandse zaken Jan Masaryk dood onder het raam van zijn werkkamer in het Cerninpaleis werd aangetroffen. Masaryk was de populaire zoon van Tsjechoslowakijes vader des vaderlands, de eerste president Tomas Masaryk. Al eerder hadden communisten een mislukte bomaanslag op Jan Masaryk gepleegd. Hun lezing was dat het ditmaal zelfmoord betrof, maar zijn aanhangers waren ervan overtuigd dat hij was vermoord. Volgens forensisch onderzoek uit 2002 en recent onderzoek door de Tsjechische autoriteiten heeft Masaryk geen zelfmoord gepleegd.

Joris Ivens was ten tijde van de staatsgreep voor zijn film De eerste jaren aan het werk in Polen. Het werd een drieluik waarin de socialistische opbouw van Polen, Tsjechoslowakije en Bulgarije werd geschilderd. Een vierde 'luik' over Joegoslavië was geschrapt nadat Tito, de socialistische leider van deze Balkanstaat, door Stalin was geëxcommuniceerd.

Zomer 1948 arriveerde Joris Ivens in Praag om De eerste jaren af te maken. Hij bleef er anderhalf jaar. In zijn film gaf hij in woord en beeld commentaar op de coup van februari.

In De eerste jaren zijn politici te zien, in gesprek in de hal van het parlement. De tekst hierbij: 'Zij maakten plannen voor ouderwets verraad [..] En toen de antiplanners [de tegenstanders van het Vijfjarenplan] een politieke crisis provoceerden, wisten we dat het hun laatste poging was de oude orde te herstellen.' Hierna volgen beelden van demonstranten en arbeidersmilities met daarbij het commentaar: 'Onze mensen kwamen uit de fabrieken, van de velden en uit de werkplaatsen. Van de Tatra tot het Bohemer Woud kwamen we om de republiek te verdedigen.' Maar de communisten vertegenwoordigden voor, tijdens en na deze coup steeds een minderheid van de bevolking en waren zelf degenen die de republiek verrieden.

Ivens steunde de staatsgreep blijkens zijn film volledig. De eerstvolgende Tsjechoslowaakse poging om een eigen weg te gaan, die van het socialisme met een menselijk gezicht, werd twintig jaar later, in augustus 1968, door Russische tanks platgewalst. Na die gebeurtenissen zweeg Ivens lange tijd, ondanks aandrang van de pers. Intussen ging hij enkele maanden na de onderdrukking van de Praagse Lente de Leninprijs in ontvangst nemen in Moskou.

 


 

^